25 175
Aanpassing van het fiscale procesrecht aan de Algemene wet bestuursrecht en wijziging van een aantal fiscale en andere wetten (herziening van het fiscale procesrecht)

nr. 7
TWEEDE NOTA VAN WIJZIGING

Ontvangen 30 maart 1998

Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd:

1. In artikel I, onderdeel G, wordt artikel 29d als volgt gewijzigd:

a. In het tweede lid vervalt de laatste volzin.

b. Aan het artikel wordt een derde lid toegevoegd, luidende:

3. Een afschrift van de conclusie wordt aan partijen gezonden. Partijen kunnen binnen twee weken na verzending van het afschrift van de conclusie hun schriftelijk commentaar daarop aan de Hoge Raad doen toekomen.

2. In artikel II wordt artikel 4 als volgt gewijzigd:

a. In de aanhef wordt «de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren» vervangen door: het bepaalde bij of krachtens de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren.

b. In de aanhef wordt na «22» ingevoegd: en het krachtens artikel 54, eerste lid, ter aanvulling van deze artikelen bepaalde.

c. In onderdeel b vervalt «voor de overeenkomstige toepassing van artikel 4 en de hoofdstukken 5 en 6».

3. In artikel III, onderdeel D, tweede gedachtenstreepje, wordt «bezwaar en beroep» vervangen door: bezwaar of beroep.

Toelichting

1. In het voorstel van wet tot wijziging van het Wetboek van Strafvordering, de Uitleveringswet en de Wet economische delicten betreffende de bepalingen aangaande de procedure in cassatie in strafzaken, herzieningszaken en uitleveringszaken (kamerstukken II 1996/97, 25 240) wordt in artikel 439 een regeling voorgesteld voor de toezending van een afschrift van de conclusie van de procureur-generaal aan de verdachte of de benadeelde. Ingevolge het vierde lid van die bepaling wordt de verdachte of de benadeelde partij in de gelegenheid gesteld om binnen twee weken na verzending van dit afschrift hierop commentaar te geven. Deze voorziening ontbreekt in de – bij nota van wijziging in artikel 29d, tweede lid, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (Awr) – voorgestelde regeling van de toezending van de conclusie aan partijen in het fiscale geding bij de Hoge Raad. Nu voor differentiatie in de regeling van deze voorziening in het Wetboek van Strafvordering en in de Awr op dit punt geen rechtvaardigingsgrond aanwezig is, stel ik voor, ook in de fiscale cassatieprocedure uitdrukkelijk te bepalen dat partijen gedurende twee weken in de gelegenheid zijn om een reactie op de conclusie te geven. Voorgesteld wordt om de regeling van de toezending neer te leggen in een afzonderlijk artikellid.

2. Deze wijzigingen betreffen een aanpassing aan de wijzigingen van de Tariefcommissiewet als gevolg van artikel X van de Wet van 23 februari 1998 (Stb. 120) tot wijziging van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren en enige andere wetten (arbeidsvoorwaarden Rechterlijke Macht 1995/97).

3. Dit betreft een verbetering.

De Minister van Justitie,

W. Sorgdrager

De Staatssecretaris van Financiën,

W. A. F. G. Vermeend

Naar boven