25 000 VIII
Vaststelling van de begroting van de uitgaven en de ontvangsten van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen (VIII) voor het jaar 1997

nr. 42
AMENDEMENT VAN DE LEDEN VERSNEL-SCHMITZ EN DUIVESTEIJN

Ontvangen 5 november 1996

De ondergetekenden stellen het volgende amendement voor:

De begrotingsstaat, onderdeel uitgaven en verplichtingen, wordt als volgt gewijzigd:

In artikel 27.01 Kunsten worden het verplichtingenbedrag en het uitgavenbedrag verlaagd met f 150 000.

Toelichting

In de Cultuurnota 1997–2000 is het positieve advies van de Raad voor de Cultuur voor een verhoging van het subsidie voor het Berlage Instituut niet gehonoreerd. Aangezien de ontwikkeling naar een architectuurlaboratorium zonder dit bedrag niet mogelijk zal zijn, wordt voorgesteld de bonusregeling van f 175 000,– om te zetten in een structureel subsidie en daaraan f 50 000,– toe te voegen, zodat het bedrag op f 225 000 structureel uitkomt.

In de Cultuurnota 1997–2000 is het positieve advies van de Raad voor Cultuur voor een structurele verhoging van het subsidie voor het Nederlands Architectuur instituut tot f 900 000 niet gehonoreerd. Aangezien de publieksopbouw en publieksbegeleiding en de versterking van de reguliere functie als kennisinstituut zonder dit bedrag niet mogelijk zal zijn, wordt voorgesteld het incidentele bedrag voor ondersteuning op projectbasis à f 200 000,– om te zetten in een structurele subsidie en daaraan f 700 000,– toe te voegen, zodat het bedrag op f 900 000,– structureel uitkomt.

Aangezien de indieners het belang van beide instituten groter achten dan de Rijksprijs voor bouwen en wonen, de Bronzen Bever, ondanks de beoogde vernieuwing van de doelstelling van de prijs, stellen zij voor deze prijs af te schaffen, de f 750 000,– die vrij valt structureel toe te voegen aan de beschikbare gelden voor het Nederland Architectuurinstituut en het Berlage Instituut.

Bij deze uitruil zijn de departementen van OCW (art. 27.01 Kunsten), VROM (hfd XI-B, art. 06.01 Onderzoek), LNV (art. 13.05 Overige subsidies en uitgaven) en V&W (art. 02.03.03 Overige specifieke uitgaven) betrokken. Alle vier maken deel uit van het Architectuurplatform.

Bij aanneming van dit amendement moeten de daardoor noodzakelijke wijzigingen in de totaaltelllingen worden aangebracht.

Versnel-Schmitz

Duivesteijn

Naar boven