25 000 V
Vaststelling van de begroting van de uitgaven en de ontvangsten van het Ministerie van Buitenlandse Zaken (V)

nr. 64
BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

's-Gravenhage, 6 januari 1997

Inleiding

Van 4 resp. 3 tot 7 november 1996 brachten de Minister-President en ik een werkbezoek aan Japan. Aansluitend bracht de Minister-President op 7 en 8 november een officieel bezoek aan de Filipijnen. Beide bezoeken stonden vooral in het teken van het versterken van de bilaterale relaties met Nederland. In beide bezoeken werd in ruime mate aandacht geschonken aan de (bilaterale) economische relaties en werden bedrijven die daar baat bij hadden geaccommodeerd in de programma's.

Onderstaand treft U een verslag aan van ons gezamenlijke bezoek aan Japan, gevolgd door het verslag van het bezoek van de Minister-President aan de Filipijnen.

WERKBEZOEK MINISTER-PRESIDENT KOK EN MINISTER VAN MIERLO AAN JAPAN

Samenvatting

Het bezoek aan Japan is succesvol verlopen. De bilaterale relaties werden aangehaald, van nieuw élan voorzien en voor de komende jaren ingekaderd in het herdenkingsprogramma 400 jaar Nederlands-Japanse betrekkingen in het jaar 2000, dat nu ook officieel de steun heeft van de Japanse regering. Het bezoek vond plaats in een periode waarin de Japanse aandacht en energie werden opgeëist door de aanloop naar de verkiezing van een nieuwe premier en de vorming van een nieuw kabinet. Desondanks vond er zowel een audiëntie bij de Keizer plaats, als ook bilaterale gesprekken met de Japanse premier, de minister van Buitenlandse Zaken en de Minister van Internationale Handel en Industrie. Voorts was de top van de LDP bij de ontmoeting met leden van de parlementaire vriendschapsvereniging aanwezig. Behalve aandacht voor de bilaterale relatie werd van gedachten gewisseld over actuele internationale politieke en economische aangelegenheden, met aandacht voor de Nederlands-Japanse samenwerking in internationaal verband en het aanstaande EU-voorzitterschap van Nederland. Namens H.M. de Koningin heeft de Minister-President Keizer Akihito uitgenodigd om in het jaar 2000 een staatsbezoek te brengen aan Nederland. Premier Hashimoto zal Nederland eerder bezoeken.

In het programma was een belangrijke plaats ingeruimd voor de relaties met regio's buiten Tokio in Japan. Zo werden bezoeken gebracht aan het historisch belangrijke eiland Kyushu (Nagasaki) en de economisch belangrijke Kansai regio (Osaka/Kobe). Ook werd ruimschoots aandacht geschonken aan de economische betrekkingen en belangen van het Nederlandse bedrijfsleven, onder meer door bezoeken aan relevante infrastructurele projecten, zoals het Kansai International Airport en het Trans Tokyo Bay Highway project.

Verslag

400 jaar Nederland-Japan

De bilaterale relaties tussen Nederland en Japan hebben een krachtige impuls gekregen, culminerend in de toezegging van de Japanse regering van steun aan het herdenkingsprogramma naar en in het jaar 2000. Namens H.M. de Koningin heeft de Minister-President Keizer Akihito uitgenodigd om in het jaar 2000 een staatsbezoek te brengen aan Nederland.

Op 4 november heb ik Nagasaki bezocht, waar ik eerst een bezoek bracht aan Huis ten Bosch Stad. Dit Nederlandse themapark, waar karakteristieke gebouwen uit Nederland op ware schaal zijn nagebouwd, heeft een bijzonder positieve uitstraling voor het imago van Nederland in Japan. Het feit dat het park in Kyushu gevestigd is een weerspiegeling van de historische betekenis die Nederland zeker in dit deel van Japan heeft. Ook nu nog zijn de sporen van de «Hollandse» tijd terug te vinden. Zo wil de stad Nagasaki de voormalige Nederlandse handelspost Deshima, die nog steeds als zodanig herkenbaar is, met eigen middelen reconstrueren. In het jaar 2000 zullen de Nederlands-Japanse relaties 400 jaar bestaan. Dit vormt een uitgelezen moment om de banden met Japan verder aan te halen. Ook tijdens een ontvangst bij de Gouverneur en Burgemeester van Nagasaki bleek de bijzondere belangstelling die men op regionaal en lokaal niveau voor de aanstaande viering aan de dag legt. Mevrouw Y. van Rooy, die meereisde in haar hoedanigheid van voorzitter van de Stichting 400 jaar Nederland-Japan, heeft aansluitend ook de prefectuur Oita bezocht (waar in het jaar 1600 bij Usuki het schip de «Liefde» is aangespoeld).

In Tokio heeft de Minister-President het programma ter herdenking van 400 jaar bilaterale betrekkingen gelanceerd tijdens een groots opgezette receptie, waar bestuurlijke, economische en culturele vertegenwoordigers uit heel Japan aanwezig waren. Ook aan Japanse zijde is een Stichting in het leven geroepen onder voorzitterschap van Dr. T. Nakayama (voormalig minister van BZ), ter voorbereiding van de viering van de 400-jarige relaties.

De viering van de 400-jarige betrekkingen tussen Nederland en Japan zal zo breed mogelijk worden opgezet. Het gaat om een brede bewustwording van de historische relaties tussen beide landen, waarbij vergroting van het wederzijdse begrip van elkaars cultuur essentieel is. Hieruit kan een intensivering van de samenwerking op tal van terreinen worden opgebouwd, zoals cultuur, sport, wetenschap en economie. De voorbereidingen hiervoor zijn inmiddels gestart, waarbij ook het in de Japanse provincies gewekte enthousiasme optimaal moet worden benut met projecten die gericht zijn op een ook na het jaar 2000 doorwerkende versterking en verbreding van de bilaterale relaties.

Kansai regio

Minister-President Kok arriveerde op maandag 4 november in de Kansai regio, na Tokio het voornaamste economische centrum van Japan met een BRP gelijk aan Canada of Spanje. Dit bezoek had vooral een signaalwerking, waarbij het Nederlandse besef van het vooral in economisch opzicht grote belang van deze regio tot uiting werd gebracht. Bij aankomst op het Kansai International Airport werd eerst een presentatie verkregen over dit «off-shore» aangelegde vliegveld in aanwezigheid van geïnteresseerde Nederlandse bedrijven. Behalve de technologische en bestuurlijke wijze waarop dit vliegveld tot stand is gekomen, is ook de geplande uitbreiding van het vliegveld met een tweede start- en landingsbaan voor Nederland interessant.

Daarnaast heeft de getoonde sympathie en betrokkenheid ten aanzien van de rampzalige aardbeving in januari 1995 en de wederopbouw van het getroffen gebied in en rond Kobe aldaar veel goodwill opgeleverd. Tijdens een boottocht in Osaka Bay is de delegatie uitvoerig geïnformeerd over de rampzalige gevolgen van de Grote Hanshin-aardbeving en de stand van zaken van de wederopbouw van de stad Kobe en omgeving. Aansluitend vond een luchtontmoeting plaats met de Gouverneur van de Prefectuur Hyogo en de Burgemeester van de stad Kobe.

Bij Matsushita werd de delegatie getracteerd op de laatste technologische snufjes op het gebied van de consumentenelectronia. De oprichter van het bedrijf, Matsushita, en zijn nazaten spelen een belangrijke rol in het bevorderen van de relaties tussen de Kansai en Nederland. Zo heeft de heer Matsushita onder meer de Japan-Netherlands Society Kansai opgericht.

Het bezoek aan de Kansai werd afgesloten met een diner, aangeboden door de Gouverneur van de Prefectuur Osaka, de heer Knock Yokoyama, de Burgemeester van Osaka, en de voorzitters van de Kamer van Koophandel en Industrie Osaka en Kankeiren (regionale werkgeversorganisatie). Per hogesnelheidslijn werd de reis naar Tokio afgelegd.

Bilaterale gesprekken

In Tokio vonden bilaterale gesprekken plaats met Z.M. de Keizer, Premier Hashimoto, Minister Ikeda van Buitenlandse Zaken en inmiddels voormalig minister van International Handel en Industrie Tsukahara. Ook is met vooraanstaande leden van de «Japan-Netherlands Parliamentary Friendship League» van gedachten gewisseld tijdens een lunchbijeenkomst.

Audiëntie Z.M. Keizer Akihito

Tijdens het ongeveer een half uur durende gesprek kwamen de bilaterale betrekkingen en de herdenking van de 400ste verjaardag daarvan in het jaar 2000 aan de orde. Daarnaast toonde de Keizer zich geïnteresseerd in het aanstaande Nederlands voorzitterschap van de EU en de rol van Nederland in international verband op milieugebied en ten aanzien van ontwikkelingssamenwerking.

De Minister-President heeft namens H.M. de Koningin Keizer Akihito uitgenodigd om in het jaar 2000 een bezoek te brengen aan Nederland, welke in dank in ontvangst werd genomen. De Japanse regering zal hierover een besluit moeten nemen.

Gesprekken met Premier Hashimoto en Minister Ikeda (BZ/Gaimusho)

Voorafgaand aan het gesprek met Premier Hashimoto hebben mijn collega van Buitenlandse Zaken Ikeda en ik een Wetenschappelijke en Technologische samenwerkingsovereenkomst getekend. Onder deze «paraplu»-overeenkomst kunnen op een breed scala aan terreinen samenwerkingsactiviteiten en projecten worden ontwikkeld. R&D ontwikkeling is een van de speerpunten van het Kabinet Hashimoto. Vanuit Nederland bestaat grote belangstelling om met Japanse instituten en bedrijven samen te werken.

Zowel Premier Hashimoto als Minister van Buitenlandse Zaken Ikeda spraken in afzonderlijk gevoerde gesprekken hun bijzondere belangstelling uit voor de aanstaande viering van de bilaterale relaties. De historische relatie met Nederland neemt een belangrijke plaats in in de Japanse geschiedenis. Per slot van rekening is Nederland twee eeuwen lang het enige buitenlandse contact geweest voor Japan. De zwarte bladzijden uit de gezamenlijke geschiedenis zijn ook niet vergeten. De Minister-President heeft met verwijzing naar het oorlogsverleden zijn waardering uitgesproken voor de wijze waarop van de zijde van de Japanse overheid de dialoog met de Nederlandse organisaties van slachtoffers wordt bevorderd. Hij wees daarbij tevens op het feit dat het doorstane leed zich bij de betrokkenen nog steeds doet gevoelen, zoals onder meer tot uiting komt in het rechtsgeding dat de Stichting Japanse Ereschulden voor de Japanse rechter heeft aangespannen tegen de Japanse staat.

Tijdens de gesprekken met de bewindslieden is ook van gedachten gewisseld over relevante en actuele internationale ontwikkelingen, waaronder de aanstaande WTO Conferentie te Singapore, de verbreding en verdieping van de Europese integratie, de relaties tussen de EU en Azië en met Japan in het bijzonder. Japan wil onder meer verdere samenwerking met de EU tot stand brengen op terreinen als ontwikkelingssamenwerking en milieu. Tevens heeft een gedachtenwisseling plaatsgevonden over de wijze waarop het in de regio gevoelige thema van de mensenrechten adequaat aan de orde kan worden gesteld en de rol die Japan hierin kan spelen in de regio. Japan is een oosters land maar heeft een «westerse» visie op de mensenrechtenproblematiek. Mijn collega en ik benadrukten dat culturele heterogeniteit geen afbreuk kan doen aan de universiteit van mensenrechten. Ik heb daarom ook Minister Ikeda gevraagd wat hij bijvoorbeeld kan ondernemen ten aanzien van de situatie in Birma.

Bij het gesprek met minister Ikeda heeft de Minister-President tevens aandacht gevraagd voor de totstandkoming van een nieuwe luchtvaartverbinding van de KLM tussen Amsterdam en Sapporo en Nagoya.

Gesprek met Minister van Internationale Handel en Industrie (MITI), Shunpei Tsukuhara

Minister Tsukuhara gaf aan dat de aanstaande viering van de 400-jarige bilaterale relaties een uitstekende gelegenheid vormen om ook de economische relaties te intensiveren. Hij verwees daarbij in het bijzonder naar het sinds 1994 bij de EVD lopende Japan Trade Action Programme, welke een positieve bijdrage levert aan het bevorderen van activiteiten van met name het MKB op de Japanse markt. Naast Nederlandse organisaties uit het bedrijfsleven en vakdepartementen, participeert hierin ook de Japan External Trade Organisation (JETRO).

Wat betreft de wederzijdse investeringsrelaties benadrukte Minister Tsukuhara de centrale positie van Nederland als aantrekkelijk investeringsland voor Japanse bedrijven in Europa. Daarnaast neemt Nederland een tweede positie in als buitenlandse investeerder in Japan.

Minister Tsukuhara was zich bewust van de belemmeringen die met name de hoge kostenstructuur in Japan opwerpt voor nieuwkomers op de markt. Vandaar dat het dereguleringsprogramma en administratieve hervormingen zo essentieel zijn.

Minister-President Kok vroeg om speciale aandacht voor de bilaterale luchtvaartconnecties. Nieuwe verbindingen zoals tussen Amsterdam en Sapporo en Nagoya zijn noodzakelijk voor het verder uitbouwen van de economische, als ook de toeristische relaties.

Van Japanse zijde werd steun gezocht voor de kandidatuur van Aiichi voor de organisatie van de Wereldtentoonstelling in 2005. Besluitvorming hierover vindt in het voorjaar in Parijs (BIE) plaats. Aiichi is een van de serieuze kandidaten daarvoor.

Tenslotte toonde Minister Tsukuhara zich zeer geïnteresseerd in samenwerking op het gebied van energie en milieu, en meer in het bijzonder op het gebied van terugdringen van CO2 uitstoot. Minister-President Kok gaf aan dat, behalve door middel van internationale afspraken hierover, ook de tijdens het bezoek getekende wetenschappelijke en technologische samenwerkingsovereenkomst een goed kader kan bieden om deze suggestie verder uit te werken. Milieutechnologie is bij uitstek een manier om dergelijke milieuproblemen te kunnen aanpakken.

Lunchbijeenkomst Japanese-Netherland Parliamentary Friendship League

De ontmoeting met leden van de Japans-Nederlandse parlementaire vriendschapsvereniging vond de dag voor de verkiezing van de nieuwe premier en de benoeming van het nieuwe kabinet plaats. Niettemin waren zeven leden van deze vereniging, allen zeer vooraanstaande leden (zes voormalige ministers) van de Liberale-Democratische Partij (LDP), aanwezig bij deze lunchontmoeting. Bij deze gelegenheid werden onder meer de politieke ontwikkelingen in Japan en het toenemend belang van de relaties met de EU aan de orde gesteld. Tevens werd actieve steun uitgesproken voor de viering van de 400-jarige relaties in het jaar 2000. Hierbij werden ook aanbevelingen gedaan om de exportprestatie van Nederland op de Japanse markt te vergroten. Nederland werd als voorbeeld aangehaald van een goede aanpak op het gebied van deregulering en administratieve hervorming, een van de belangrijkste speerpunten in het Japanse regeringsbeleid. Tenslotte werd ook hier Nederlandse steun gezocht voor de kandidatuur van Aiichi voor de organisatie van de World Expo in 2005.

BILATERALE ECONOMISCHE BETREKKINGEN

Naast bovengenoemde bilaterale luchtvaartrelatie en de ondertekening van een samenwerkingsovereenkomst op het gebied van wetenschap en technologie kregen ook andere aspecten van de Nederlands-Japanse economische betrekkingen ruime aandacht in het programma.

Ter residentie van H.M. ambassadeur vond een informele ontmoeting plaats met vooraanstaande vertegenwoordigers van het Japanse bedrijfsleven. De Minister-President opende een CBIN-seminar over de financiële en fiscale voordelen van Nederland voor buitenlandse investeerders. Ook vond een ceremoniële eerste steenlegging plaats van de bouw van een fabriek voor stalen vaten van Van Leer. De presentatie van het eerste exemplaar van de in Nederland (Nedcar, Born) geproduceerde en naar Japan geëxporteerde Mitsubishi Carisma had vooral een positieve signaalwerking voor de exportmogelijkheden naar Japan vanuit Nederland.

Behalve een bezoek aan het Kansai International Airport, bezochten de Minister-President en ik in gezelschap van enkele geïnteresseerde Nederlandse bedrijven het Trans Tokyo Bay Highway project. Diverse aanwezige Nederlandse ondernemingen hadden reeds contacten met Japanse counterparts, voor andere was het opdoen van zowel kennis als contacten met mogelijke partners reden om de Minister-President tijdens dit programma-onderdeel te vergezellen.

CULTUUR

In Tokio heb ik een tentoonstelling geopend over het leven van Anne Frank, waarvoor in Japan een grote belangstelling bestaat. In Japan alleen zijn al vijf miljoen exemplaren van het dagboek van Anne Frank verkocht.

Ook heb ik een Japanse vertaling van de roman «Het volgende verhaal» van de schrijver Cees Nooteboom in ontvangst genomen.

OFFICIEEL BEZOEK MINISTER-PRESIDENT KOK AAN DE FILIPIJNEN, 7 EN 8 NOVEMBER

Samenvatting

President Ramos bracht een officieel bezoek aan Nederland in maart 1995.

Het bezoek van Minister-President Kok was gericht op het verder versterken en uitbreiden van de bilaterale betrekkingen tussen de Filipijnen en Nederland, en is in deze opzet geslaagd.

Gesprekken werden gevoerd met President Ramos, de voorzitters van de Senaat en het Huis van Afgevaardigden en met de Minister voor Handel en Industrie.

Naast genoemde gesprekken stond het overig bezoekprogramma in het teken van de intensivering van de bilaterale economische betrekkingen met de Filipijnen. Het Memorandum of Understanding on Economic and Technical Cooperation – dat vorig jaar maart 1995 tijdens het bezoek van President Ramos aan Nederland werd getekend tussen enerzijds Minister van Economische Zaken, Wijers en de toenmalige Minister voor Handel en Industrie, Navarro – vormde het uitgangspunt voor de besprekingen met betrekking tot de intensivering van de handels- en investeringsrelaties.

Verslag

Met President Ramos werd van gedachten gewisseld over de recente economische en sociale ontwikkelingen in de Filipijnen en over de samenwerking tussen Europa en Azië.

President Ramos sprak zijn erkentelijkheid uit voor de steun die Nederland heeft verstrekt bij het vredesoverleg met de Communisten. Hij meldde verdere vooruitgang. Een volgende bespreking staat op de agenda voor begin 1997, mogelijk wederom in Nederland. In dit verband werd de kwestie Sison aangeroerd, waarop Minister-President Kok aangaf dat betrokkene beroep heeft aangetekend tegen de laatste beslissing van de Staatssecretaris van Justitie en dat de uitspraak van de rechter wordt afgewacht.

Hoewel van verbetering sprake is, leeft nog ruim 37% (in 1988 was dit percentage 40%, Wereldbank 1995) van de bevolking onder de armoedegrens, waarvan de meerderheid op het platteland. Het bevolkingsaantal, van momenteel 67,6 miljoen (UNFPA Wereld Bevolkingsrapport 1995), groeit jaarlijks met 2,3%.

Het besef dat de voordelen van de economische groei beter verdeeld moet worden, komt ondermeer tot uitdrukking in het sociaal beleid, de «Social Reform Agenda» van de regering Ramos, waarvan doelstellingen en aandachtsvelden goed aansluiten bij het Nederlands O.S. beleid t.a.v. de Filipijnen. Erkentelijkheid werd uitgesproken voor de projecten die hebben bijgedragen aan de verlichting van de armoede. Waardering is er voor de financiële ondersteuning voor het landhervormingsprogramma, een van de belangrijkste programma's voor de verbetering van de leefomstandigheden op het platteland. Ook t.a.v. de directe hulp aan NGOs via het Nederlandse Medefinancieringsprogramma werd waardering uitgesproken.

Sociale rechtvaardigheid, armoedebestrijding, toezicht op arbeidsnormen en het tegengaan van (seksueel) misbruik van vrouwen en kinderen werden in verband gebracht met de mensenrechten. Daarbij werd geconstateerd dat het toezicht op de naleving van arbeidsnormen en het tegengaan van kinderarbeid primair een taak is voor de ILO, maar dat het tevens van belang is dat deze onderwerpen in WTO verband aan de orde worden gesteld.

Met betrekking tot het seksueel misbruik van kinderen werd verwezen naar de onlangs gehouden conferentie in Stockholm. Minister-President Kok sprak zijn tevredenheid uit over de samenwerking met de Filipijnse justitie waardoor een Nederlander in Nederland kon worden berecht voor misdaden begaan in de Filipijnen en sprak de hoop uit dat de samenwerking kan worden voortgezet.

Het belang van bilaterale, regionale, en internationale samenwerking bij de bestrijding van armoede en de bijdrage die de Filipijnen en Nederland, in respectievelijk de EU, ASEAN, APEC en ASEM, kunnen leveren aan het opbouwen van wederzijds begrip en de versterking van de relaties tussen Europa en Azië, werd in dit verband meer dan eens benadrukt. Dit werd ook belicht bij een presentatie tijdens een businesslunch georganiseerd door de European Chamber of Commerce en de Makati Business club, waarin de Minister-President inging op de ontwikkelingen in de Europese Unie en de betrekkingen tussen de EU en Azië.

Bilaterale betrekkingen

De bilaterale handel met Nederland vertoont een groeiende trend. Nederland importeert voornamelijk plantaardige oliën en vetten, elektrische onderdelen, kleding, textiel en meubels, terwijl de export bestaat uit voeding en levende dieren, chemische producten, elektrische apparatuur en transportmaterieel. Volgens het CBS groeide de Nederlandse export naar de Filipijnen van f 253 miljoen in 1992, naar f 375,7 miljoen in 1995. Daartegenover stond een invoer uit de Filipijnen van f 394,4 miljoen in 1992 en f 719 miljoen in 1995.

Nederland neemt de elfde plaats in als handelspartner en heeft zich in het totaal klassement de derde plaats als investeringspartner verworven. Het aantal Nederlandse bedrijven dat in de Filipijnen vertegenwoordigd is, beloopt meer dan 160.

Bij de ronde tafel bijeenkomst met Ceasar Bautista, de Filipijnse Minister voor Handel en Industrie, waaraan tevens werd deelgenomen door vertegenwoordigers van het Nederlandse bedrijfsleven, bleek dat de verbetering van de gebrekkige infrastructuur hoog op de agenda staat van de Filipijnse autoriteiten. Volgens het IMF dient 6,5% van het BNP aan de verbetering van de infrastructuur te worden besteed, doch de regering kan hier onmogelijk aan voldoen. De Filipijnen hebben de ambitie te functioneren als de «Gateway to Asia and the Pacific». Hiervoor wordt samenwerking met Nederlandse investeerders aangezocht. Nederlandse deskundigheid als «Gateway to Europe» spreekt hier vooral aan. Op het terrein van haven- en luchthavenontwikkeling, scheepvaart en transport zijn reeds kontakten gelegd met het Nederlandse bedrijfsleven. De Nederlandse financiële sector kan hierin ook een belangrijke rol spelen.

Specifieke aandacht (ook in de pers) was er voor samenwerking op het terrein van kunstontwikkeling, landaanwinning en waterbeheer en de hiermee samenhangende milieuproblematiek. Hiertoe werd een seminar georganiseerd door Rijkswaterstaat en de EVD, getiteld «Philippines-Netherlands Partners in Caostal and Environmental Development», waar de Minister-President een inleiding hield. Dit seminar is een belangrijke stap in de richting van de concretisering van de Letter of Intent getekend tussen de Public Estates Authority en het Ministerie van Verkeer en Waterstaat, eveneens ten tijde van het bezoek van President Ramos aan Nederland. Het seminar trok ruime belangstelling van gecentraliseerde en gedecentraliseerde overheidsdiensten, de private sector en de NGO wereld.

Een van de initiatieven van President Ramos in het kader van APEC is de in Los Banos gevestigde APEC Center for Technology Exchange and Training for Small and Medium Scale Enterprises (ACTETSME). Het Centrum dat in maart 1996 werd geopend, is bedoeld om te functioneren als resource center voor de ontwikkeling van middelgrote en kleinschalige bedrijven (MKB's) in de regio door middel van informatie uitwisseling, technische assistentie en projectsamenwerking. Op de vraag of Nederland een bijdrage aan het centrum zou willen leveren is belangstellend gereageerd vanwege het belang voor de werkgelegenheid en technologie-uitwisseling. De steun van Nederland aan Filipijnse onderwijsinstituten die regionale training verschaffen, werd onderstreept vanwege het belang voor de Zuid-Zuid samenwerking.

Tijdens het bezoek werden enkele contracten getekend die de toenemende belangstelling van het Nederlandse bedrijfsleven voor de Filipijnen onderstrepen. Twee licenties t.b.v. ING en AEGON werden getekend voor het agentschap op levensverzekeringen. Ter oprichting van Liquigaz Philippines werd een $ 40 miljoen joint venture overeenkomst getekend tussen SHV Energy en Hyatt Terminals.

De in maart 1995 gesloten joint venture overeenkomst tussen enerzijds SHV Makro en anderzijds Ayala Land Incorporated en SM Group heeft geleid tot de opening van de tweede vestiging van Makro op de Filipijnen.

In het kader van ontwikkelingssamenwerking werden 5 overeenkomsten getekend voor projecten, betreffende de landhervormingen, reproductieve gezondheid, voeding en ontwikkeling en milieubehoud. Met deze projecten is een totaal bedrag gemoeid van f 36,7 miljoen gulden.

En marge van het bezoek werd een gesprek gevoerd met de directeur van het International Rice Research Institute (IRRI) gevestigd te Los Banos. De Minister voor Ontwikkelingssamenwerking steunt het IRRI in 1996 voor een bedrag van f 550 000,–. Aan de vooravond van de Werdelvoedsel Conferentie werd de nijpende wereldvoedselsituatie besproken. In het geval van de Filipijnen importeert de overheid rijst om te voorzien in het jaarlijks tekort dat varieert van 5 tot 10%. De productie zou volgens de IRRI directeur kunnen worden verhoogd door verbeteringen in de waterhuishouding en door de aanleg van irrigatie kanalen. Tevens werd vermeld dat de aanwending van landbouwgrond voor industriële en infrastructurele doeleinden een andere oorzaak is voor het rijst tekort. In dit verband werd het belang van bevolkingsplanning benadrukt.

De Minister van Buitenlandse Zaken,

H. A. F. M. O. van Mierlo

Naar boven