24 707
Nieuwe regels omtrent de economische mededinging (Mededingingswet)

nr. 22
AMENDEMENT VAN HET LID DE KONING C.S.

Ontvangen 4 maart 1997

De ondergetekenden stellen het volgende amendement voor:

Artikel 11 wordt vervangen door:

Artikel 11

1. Voor zover de toepassing van artikel 6, eerste lid, op overeenkomsten, besluiten en gedragingen als bedoeld in dat artikellid waarbij ten minste een onderneming of ondernemersvereniging betrokken is die bij wettelijk voorschrift of door een bestuursorgaan is belast met het beheer van diensten van algemeen economisch belang, de vervulling van de aan die onderneming of ondernemersvereniging toevertrouwde taak verhindert, kan de directeur-generaal op aanvraag een ontheffing verlenen.

2. Een ontheffing als bedoeld in het eerste lid kan onder beperkingen worden gegeven; aan een ontheffing kunnen voorschriften worden verbonden.

Toelichting

Het is van groot belang dat mededingingsbeperkingen die het gevolg zijn van overheidshandelen, niet verder gaan dan nodig is om het gestelde doel te bereiken. De praktijk heeft uitgewezen dat de combinatie van bijzondere taken («diensten van algemeen economisch belang») en commerciële acitiviteiten tot mededingingsrechtelijke problemen leidt. De specifieke wetgeving, op basis waarvan aan bepaalde (overheids-) ondernemingen zulke bijzondere taken worden toevertrouwd, voorziet niet in een afzonderlijk toezicht op mogelijke mededingingsbeperkingen die met de bijzondere taken samenhangen. Dat zou ook niet wenselijk zijn, want dit zou leiden tot een wildgroei aan organen belast met vormen van mededingingsrechtelijk toezicht.

Het wetsvoorstel voorziet in een generieke uitzondering (artikel 11). Met het amendement wordt beoogd deze generieke uitzondering te vervangen door een ontheffingsmogelijkheid. Dit biedt de directeur-generaal de mogelijkheid om per ontheffingsverzoek na te gaan of de afspraak of gedraging samenhangt met het beheer van diensten van algemeen economisch belang, noodzakelijk is voor de vervulling van die taak en ook niet verder gaat dan daartoe vereist is.

De directeur-generaal kan aan de ontheffing voorwaarden verbinden, zodat concurrentievervalsing voorkomen kan worden. Gezien het feit dat de criteria van de bijzondere ontheffingsmogelijkheid gebaseerd zullen zijn op artikel 90, tweede lid, van het EG-Verdrag, zal het mogelijk zijn om de bepaling op een verdragsconforme manier toe te passen.

De Koning

Voûte-Droste

Van den Berg

De Jong

Naar boven