Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2010-201124587 nr. 434

24 587 Justitiële Inrichtingen

Nr. 434 BRIEF VAN DE MINISTER VAN VEILIGHEID EN JUSTITIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 24 augustus 2011

1. Inleiding

Hierbij ontvangt u het rapport «Penitentiair Psychiatrische Centra» van de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ).1 Sinds 2009 beschikt het Gevangeniswezen over vijf Penitentiair Psychiatrische Centra (PPC's) waarbinnen psychiatrische zorg wordt verleend aan gedetineerden die daarvoor zijn geïndiceerd en die niet voldoende behandeld kunnen worden binnen de reguliere zorg van penitentiaire inrichtingen. De IGZ heeft in 2010 en 2011 de PPC's bezocht en haar bevindingen en conclusies neergelegd in bijgaand rapport. Deze bezoekronde had tot doel om zicht te krijgen op de wijze waarop psychiatrische zorg voor gedetineerden binnen het PPC gestalte krijgt. Daarnaast moesten de inspectiebezoeken een stimulans geven aan de zorginhoudelijke ontwikkeling. Ik bied u hierbij dit rapport en mijn beleidsreactie aan.

2. Conclusie en aanbevelingen

Hoofdconclusie van de IGZ is dat de PPC's voldoen aan de normen van verantwoorde zorg. Verdieping van de kwaliteit van behandeling en de keten verdienen nu volgens de IGZ de aandacht.

Elke PPC is door de IGZ binnen een tijdsbestek van een half jaar twee keer bezocht. Bij de eerste ronde constateerde de IGZ dat de PPC's nog volop in ontwikkeling waren, nog lang niet alle (groei- en handhavings)normen waren op orde en de langst geopende PPC's scoorden beter dan recent geopende PPC's. Bij het de tweede bezoekronde constateerde de IGZ dat, ondanks de moeilijke organisatorische omstandigheden, boven verwachting alle PPC's grote vooruitgang boekten waarbij zowel de groei- als de handhavingsnormen in voldoende mate op orde bleken te zijn. Eén van de succesfactoren voor deze voorspoedige ontwikkeling is volgens de IGZ dat de PPC-directies elkaar frequent ontmoeten, waarbij beleid(sontwikkeling) en expertise met elkaar wordt gedeeld en uitgewisseld.

Het verheugt mij dat de IGZ concludeert dat de PPC's, gelet op de ontwikkelfase waarin zij nog verkeren, boven verwachting voldoen aan de normen voor verantwoorde zorg. Op onderdelen is nog verbetering mogelijk, daarvoor doet de IGZ een aantal aanbevelingen. Hieronder ga ik in op de belangrijkste aanbevelingen.

Patiëntendossier

De IGZ beveelt aan om de ontwikkeling van een integraal (elektronisch) patiëntendossier te stimuleren en faciliteren. Momenteel bezie ik hoe ik voor de PPC's een elektronisch patiëntendossier ga vormgegeven. Naar verwachting is een integraal patiëntendossier specifiek voor de PPC's in 2013 operationeel. Vooruitlopend daarop wordt binnen de huidige beschikbare informatievoorziening uiterlijk medio 2012 een eenvoudige ICT-toepassing gerealiseerd. Daarmee zal de toegankelijkheid van het dossier en het uitwisselen van zorginformatie tussen de PPC's onderling en ketenpartners worden bevorderd.

Het monitoren en meten van resultaten

De IGZ stelt dat er een analyse van het capaciteits- en behandelaanbod plaats dient te vinden. Deze aanbeveling neem ik over. De afgelopen jaren is fors geïnvesteerd in uitbreiding van het zorgaanbod voor justitiabelen. De komende periode staat in het teken van verdere verfijning van zorgaanbod door meer gerichte zorginkoop. Om vraag en aanbod van zorg op elkaar af te stemmen vindt ten behoeve van de zorginkoop jaarlijks een marktconsultatie plaats. Ook wordt tenminste één keer per jaar met de diverse partijen, waaronder het Gevangeniswezen en het Nederlands Instituut voor Forensische psychiatrie en psychologie en de drie reclasseringsorganisaties, een analyse opgesteld van de ontwikkeling tussen capaciteit en het behandelaanbod.

Tevens stelt de IGZ dat er stimulerende inspanningen verricht dienen te worden om behandelresultaten van de PPC's te meten. Dit wil ik realiseren door de implementatie van het meetinstrument «Routine outcome measurement» (ROM). De mogelijkheden hiertoe worden momenteel onderzocht. Het Expertisecentrum Forensische Psychiatrie is hierbij betrokken. Tevens is vanaf september 2011 een kring van wetenschappers actief als denktank voor de forensische psychiatrie. Zij zullen advies uitbrengen over het meten van behandelresultaten ook in de zin van terugdringen van recidive.

Scholing en professionalisering van behandelings- en begeleidingsaanbod

De IGZ beveelt doorontwikkeling en periodieke herhaling van het opleiding- en scholingsaanbod voor (nieuwe) medewerkers aan.

De door IGZ voorgestelde deskundigheidsbevordering is één van de succesfactoren van de PPC organisatie, ik neem deze aanbeveling dan ook over. De afgelopen twee jaren is er veel geïnvesteerd in deskundigheidsbevordering en scholing van medewerkers. De nadruk heeft vooral gelegen in de ontwikkeling van Zorg- en Behandel Inrichtings Werkers (ZBIW-ers) tot zorgprofessional. Ook zijn er specifieke scholingsprogramma's farmaceutische zorg aangeboden, deze zullen worden gecontinueerd.

Tevens hecht ik net zoals de IGZ belang aan structurele aandacht voor de inhoudelijke verdieping en professionalisering van het behandelings- en begeleidingsaanbod. In 2012 worden behandelprogramma's met PPC's verder doorontwikkeld. Hierbij is specifieke aandacht voor het systematisch in beeld brengen van resultaten.

Aansluiting bij landelijke ontwikkelingen

De IGZ beveelt aan om aan te sluiten bij landelijke ontwikkelingen op het gebied van dwang en drang en bij het landelijk Forensisch Netwerk. Het is inderdaad van belang om hierbij aangesloten te zijn. Door de PPC's wordt aansluiting gezocht bij de expertise van de GGZ-instellingen op het gebied van dwang en drang. Tevens beveelt de IGZ aan om aan te sluiten bij het Forensisch netwerk. Deze aanbeveling wordt reeds uitgevoerd, sinds januari 2011 wordt deelgenomen aan het Forensisch netwerk.

3. Tot slot

De IGZ stelt dat de veel voorkomende ziektebeelden in de penitentiaire inrichtingen behoren tot de meest complexe en chronische psychiatrische aandoeningen. Ik hecht dan ook aan een kwalitatief goed psychiatrisch zorgaanbod om ook voor deze zeer complexe doelgroep meer recidivereductie te bewerkstelligen en overlast in de samenleving te verminderen.

Op basis van dit rapport concludeer ik dat de forensisch psychiatrische zorg voor gedetineerden binnen de PPC's op een verantwoord niveau is georganiseerd en met professionele toewijding wordt uitgevoerd. Tevens concludeer ik dat een belangrijk resultaat van het programma Modernisering Gevangeniswezen is behaald, namelijk het realiseren van een goed zorgklimaat binnen detentie voor gedetineerden met (ernstige) psychiatrische problematiek.

De minister van Veiligheid en Justitie,

I.W. Opstelten


X Noot
1

Ter inzage gelegd bij het Centraal Informatiepunt Tweede Kamer.