24 524
Wijziging van de begroting van de uitgaven en de ontvangsten van de Nationale Schuld (IXA) voor het jaar 1995 (wijziging samenhangende met de Najaarsnota)

nr. 3
VERSLAG HOUDENDE LIJST VAN VRAGEN EN ANTWOORDEN

Vastgesteld 11 december 1995

De vaste commissie voor Financiën1, belast met het voorbereidend onderzoek inzake bovenstaand wetsvoorstel, heeft aanleiding gezien tot het opstellen van de volgende vragen. De desbetreffende antwoorden zijn in dit verslag opgenomen.

De voorzitter van de commissie,

Ybema

De griffier van de commissie,

Van Overbeeke

1

De meevaller bij geldmarktpapier (disconto Dutch Treasury Certificates) hangt samen met de korter dan verwachte looptijden van DTC-programma's. Waarom zijn deze looptijden korter dan verwacht?

In hoeverre zullen er als gevolg van de kortere looptijden nieuwe DTC's in 1996 of 1997 uitgegeven moeten worden? Wat is het gevolg in die jaren voor de extra rente-uitgaven?

In de raming was rekening gehouden met een verwachte looptijd van een jaar voor DTC-programma's. Mede op basis van de marktvraag werd beslist tot programma's met een looptijd van een half jaar. Omdat disconto vooruitbetaalde rente over de looptijdperiode betreft, leidt dit tot lagere rentelasten in 1995. Daarnaast speelt een rol dat de DTC-programma's gefaseerd zijn geplaatst in plaats van plaatsing ineens, zoals in de raming is verondersteld.

Het is mede afhankelijk van het verloop van de plaatsing en van de looptijden van DTC-programma's uit te geven in 1996 en latere jaren of dit tot een rentemutatie zal leiden. De keuze van de looptijden wordt onder meer bepaald door de heersende marktomstandigheden en het verloop van het schatkistsaldo.

2

Kan precies aangegeven worden wat de termijnstructuur van de uitstaande overheidsschuld is?

In onderstaande tabel wordt aangegeven op welke termijn de uitstaande gevestigde staatsschuld tot aflossing komt. De stand is per 30 september en is onderverdeeld in – op de beurs genoteerde – openbare schuld en onderhandse schuld.

(x f 1 mln.)

Resterende looptijdTotaalOpenbaarOnderhands
0 -< 5 jaar155 037104 66250 375
5 -< 10 jaar155 726138 96516 761
10 -< 15 jaar45 84244 2081 634
15 -< 20 jaar2 33102 331
20 -< 25 jaar1 25201 252
25 -< 40 jaar15 59015 162428
perpetueel1051050
Totaal375 883303 10272 781

3

Wat is het rentevoordeel ten gevolge van de onderuitputting 1995 en het forse positieve saldo van het FES ten gevolge van de verkoop van KPN-aandelen?

Slechts het saldo van een – mogelijke – onderuitputting aan de uitgavenkant en – mogelijke – tegenvallers aan de inkomstenkant, is bepalend voor het effect op de rentelasten. Bij een meevallend saldo kunnen rentelasten minder hoog uitvallen dan geraamd.

In de Ontwerp-begroting 1996 IXA – uitgavenartikel 01.01, mutatie 5 – is reeds rekening gehouden met een jaarlijks rentevoordeel van f 350 mln. als gevolg van de verkoop van KPN-aandelen. De additionele verkoopopbrengst van f 1,1 mld. leidt tot een extra rentevoordeel.


XNoot
1

Samenstelling: Leden: Schutte (GPV), Van Rey (VVD), Terpstra (CDA), Smits (CDA), Reitsma (CDA), Vliegenthart (PvdA), De Jong (CDA), Ybema (D66), voorzitter, Schimmel (D66), Van Gijzel (PvdA), Witteveen-Hevinga (PvdA), Hillen (CDA), Van Heemst (PvdA), Van Wingerden (AOV), Rabbae (GroenLinks), Voûte-Droste (VVD), Giskes (D66), H. G. J. Kamp (VVD), Zonneveld (CD), Van Dijke (RPF), Hoogervorst (VVD), ondervoorzitter, Van der Ploeg (PvdA), B. M. de Vries (VVD), Van Zuylen (PvdA), Van Walsem (D66).

Plv. leden: Van der Vlies (SGP), Van Hoof (VVD), De Hoop Scheffer (CDA), Van der Linden (CDA), Wolters (CDA), Noorman-den Uyl (PvdA), Van de Camp (CDA), Bakker (D66), Jeekel (D66), Van Zijl (PvdA), Liemburg (PvdA), Boers-Wijnberg (CDA), Crone (PvdA), Verkerk (AOV), Rosenmöller (GroenLinks), Hofstra (VVD), Assen (CDA), M. M. H. Kamp (VVD), Marijnissen (SP), Leerkes (U55+), Rijpstra (VVD), Verspaget (PvdA), Hessing (VVD), Van Nieuwenhoven (PvdA), vacature D66.

Naar boven