Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2016-201724515 nr. 382

24 515 Preventie en bestrijding van stille armoede en sociale uitsluiting

Nr. 382 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 2 december 2016

Het kabinet geeft prioriteit aan het beter afstemmen van de incasso door overheidspartijen op de mogelijkheden en omstandigheden van mensen met schulden. De afgelopen jaren is met een subsidie van het Ministerie van Veiligheid en Justitie (VenJ) en het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) het beslagregister voor gerechtsdeurwaarders ontwikkeld door de Koninklijke Beroepsorganisatie voor Gerechtsdeurwaarders (KBvG). Dit beslagregister is sinds 1 januari 2016 operationeel. Het register levert een belangrijke bijdrage aan de afstemming tussen gerechtsdeurwaarders. Daarmee wordt het mogelijk de beslagvrije voet beter te borgen en onnodige kosten van (gerechtelijke) procedures en incassoacties te voorkomen. Het beslagregister voor en door gerechtsdeurwaarders is een eerste stap. Het kabinet vindt het wenselijk dat ook overheidsorganisaties op het beslagregister aansluiten (verbreding) en maakt werk van de verdere implementatie van de Rijksincassovisie1. Daarom heb ik Atos Consulting gevraagd een verkenning te doen naar de verbreding van het Beslagregister en de nadere concretisering van de Rijksincassovisie. Hierbij stuur ik u de rapportage2 en informeer ik u over de verdere voortgang van de concretisering van de Rijksincassovisie en verbreding van het beslagregister, zoals ik in mijn brief3 van 1 juli jl. heb toegezegd. Dat doe ik mede namens de Minister van Economische Zaken (EZ), de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS), de Staatssecretaris van Financiën (FIN) en de Staatssecretaris van VenJ. Ook ga ik in op de volgende stappen die ik met mijn collega-bewindspersonen afgesproken heb.

Versterking van de positie van schuldenaren

Het kabinet heeft in deze kabinetsperiode uitvoering gegeven aan de agenda schuldenbeleid4. Die agenda bevat maatregelen om overkreditering tegen te gaan, preventie en vroegsignalering te bevorderen, de effectiviteit en kwaliteit van schuldhulpverlening te vergroten en de Rijksincassovisie te operationaliseren. Versterking van de positie van mensen met schulden staat daarin centraal. Schulden moeten zo veel mogelijk worden voorkomen en daarbij hoort een betere bescherming van de beslagvrije voet. Met de ontwikkeling van de Rijksincassovisie, de vereenvoudiging van de beslagvrije voet, het breed wettelijk moratorium en diverse maatregelen van uitvoeringsorganisaties om de incasso klantvriendelijker te maken, zijn grote stappen voorwaarts gezet en daar moeten we mee doorgaan. Dat blijkt ook uit het rapport van Atos Consulting «Concretisering Rijksincassovisie». Dit rapport brengt onder meer in beeld wat de stand van zaken is en welke acties de rijksoverheid en overheidsorganisaties al ondernemen.

Het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) heeft zich onder andere gericht op het terugdringen van het aantal wanbetalers zorgpremie. De bestuursrechtelijke premie is verlaagd en het is mogelijk om (zonder tussenkomst van een schuldhulpverlener) met een betalingsregeling direct uit de wanbetalersregeling te stromen. Tevens is een regeling getroffen die bijstandsgerechtigden in beginsel de mogelijkheid biedt versneld uit te stromen uit het bestuursrechtelijk premieregime. Inmiddels is het aantal wanbetalers zorgpremie gedaald van 325.000 in 2014 naar 280.000 op dit moment.

De uitvoeringsketen van het Ministerie van Veiligheid en Justitie (VenJ) gebruikt bij de inning van financiële sancties het zogenoemde kwadrantenmodel. Dat model geeft handvatten voor het maken van onderscheid tussen verschillende typen personen (niet-willers/wel-willers en niet-kunners/wel-kunners) met een financiële sanctie. Aan de hand van dit onderscheid kiest het CJIB een passende benadering om tot een effectieve inning van de sanctie te komen. Daarnaast kunnen burgers een verkeersboete, eventueel na verhoging, hoger dan € 225 in termijnen betalen. In totaal zijn er vanaf 1 juli 2015 tot 1 juli 2016 ruim 60.000 aanvragen voor betalen in termijnen toegekend.

De Belastingdienst helpt met de inzet van zogenoemde Stellateams burgers die bijzondere problemen ervaren bij de inning van belasting- en toeslagschulden.

De leden van de Manifestgroep, een netwerk van 16 uitvoeringsorganisaties5, werken als overheidsorganisaties samen op het gebied van schuldenproblematiek. Zo is de Manifestgroep bezig met het op een rij zetten van pilots waarin de partijen kunnen samenwerken op het gebied van preventie van schulden.

Het kabinet zet de implementatie van de Rijksincassovisie onverminderd door. De belangrijkste trajecten hierbij zijn, naast verbreding van het beslagregister, de vereenvoudiging beslagvrije voet en het project Clustering Rijksincasso. Het wetsvoorstel Vereenvoudiging van de beslagvrije voet ligt momenteel ter advisering bij de Raad van State en ik streef er naar dit wetsvoorstel, samen met de Minister van VenJ, nog dit jaar naar uw Kamer te sturen. In het kader van het project Clustering Rijksincasso, onder verantwoordelijkheid van de Minister van VenJ, loopt momenteel een aanbesteding voor de gerechtsdeurwaardersdiensten. Zodra deze procedure is afgerond en er contracten zijn afgesloten met gerechtsdeurwaarders kunnen de eerste gerechtsdeurwaarderszaken van UWV, CAK, DUO, Rijksdienst voor ondernemend Nederland en Zorginstituut Nederland worden overgeheveld naar het CJIB. Hiermee kunnen de verschillende incassotrajecten beter op elkaar worden afgestemd en kan meer rekening worden houden met de draagkracht van betrokkenen. Daarnaast heeft uw Kamer het onlangs door de Staatssecretaris van Financiën ingediende wetsvoorstel Fiscale vereenvoudigingswet 2017 aangenomen. Dit wetsvoorstel strekt er onder meer toe de invorderingsregimes voor belasting- en toeslagschulden te harmoniseren

met ingang van 1 januari 2019.

Om het behoorlijk en effectief invorderen van bestuursrechtelijke geldschulden te bevorderen is door de Ministeries van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) en van VenJ, in samenwerking met mensen uit de praktijk, een handreiking opgesteld6. Deze handreiking beoogt een goed verloop van de communicatie met de burger te bevorderen waardoor een schuld in een zo vroeg mogelijk stadium, zonder veel bijkomende kosten, wordt terugbetaald. Daarbij is informeel, persoonlijk contact met de burger in de verschillende stadia van het invorderingsproces essentieel. Door informeel, persoonlijk contact ontstaat beter inzicht in de (on)mogelijkheden van de schuldenaar, waardoor schulden vaak eenvoudiger kunnen worden geïnd en ook meer begrip kan ontstaan voor de inning. In vervolg hierop is afgelopen zomer het pioniertraject «Behoorlijke en Effectieve Invordering» gestart om de handreiking samen met de deelnemende gemeenten in de praktijk te testen. Het doel is om na evaluatie van het traject te komen tot een landelijke uitrol van een behoorlijke en effectieve invordering.

VenJ zal in 2017 een verdiepend onderzoek doen naar de verdere toepassing van het eerdergenoemde kwadrantenmodel.

Verder neemt het kabinet de aanbevelingen van Atos Consulting over nieuwe acties, zoals het uitwisselen van goede voorbeelden van informatievoorziening in incassoprocedures, ter hand.

Realisatie verbreding beslagregister

Het beslagregister levert voor gerechtsdeurwaarders een belangrijke bijdrage aan de onderlinge afstemming. Daarnaast kan het harmoniseren van het proces van beslaglegging bijdragen aan een vermindering van de administratieve lasten voor zowel de schuldenaar als een vermindering van uitvoeringskosten voor de overheid, door gebruik te maken van reeds bekende gegevens bij overheidsorganisaties. Overheidsorganisaties die beslag leggen via gerechtsdeurwaarders maken nu indirect al gebruik van het beslagregister als zij zaken via een gerechtsdeurwaarder hebben lopen. Het kabinet streeft ernaar dat (de eerste) overheidsorganisaties in 2019 aansluiten op het beslagregister.

Het rapport laat zien dat verbreding van het beslagregister een complexe exercitie is, bijvoorbeeld vanwege de eisen die privacybescherming aan verbreding van het register stelt. Voor een verantwoorde realisatie van de verbreding van het beslagregister is meer informatie nodig om beleidskeuzes te maken over de reikwijdte (en eerste stappen) van verbreding door:

  • (gefaseerde) aansluiting van overheidspartijen;

  • (mogelijke) uitbreiding van het beslagregister met andere incassomaatregelen.

Ten aanzien van de uitbreiding van de gegevens in het beslagregister is een belangrijke vraag welke gegevens overheidsorganisaties en gerechtsdeurwaarders in een register zouden kunnen uitwisselen en wat de meest aangewezen wijze is om deze gegevensuitwisseling tot stand te brengen.

Uit de Wet bescherming persoonsgegevens vloeit voort dat het daarbij in ieder geval moet gaan om gegevens die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de publiekrechtelijke taak van de verschillende overheidsorganisaties (doelbinding).

De eerste stap is het uitvragen van uitvoeringsscans die inzicht moeten bieden in de haalbaarheid en impact van aansluiting op het beslagregister. Op mijn verzoek voert UWV al een uitvoeringsscan uit naar aansluiting op het beslagregister. UWV onderschrijft het belang van verbreding van het beslagregister.

De eerste inschatting van UWV is dat de verbreding van het beslagregister complexe materie is, dit ook in verband met de geheimhoudingsplicht die UWV heeft met betrekking tot de gegevensverstrekking aan derden (het gesloten systeem van gegevens van wet SUWI). Ik ben in overleg met de SVB over de uitvoeringsscan die zij gaat uitvoeren. Op korte termijn vraagt VWS het CAK om een uitvoeringsscan en vraagt VenJ het CJIB om een uitvoeringstoets uit te voeren naar de aansluiting op en gebruik van het beslagregister bij het CJIB. Ook de Belastingdienst onderzoekt de implicaties van aansluiting op het beslagregister. De volgende stap is om op basis van de resultaten van de verschillende uitvoeringsscans simulaties te realiseren. Hierin simuleren overheidsorganisaties en gerechtsdeurwaarders wat zij in bepaalde praktijkgevallen gedaan zouden hebben als zij via het beslagregister over de relevante gegevens van de andere partij zouden hebben beschikt.

Op basis van de uitvoeringsscans, simulaties en verdere verdieping maakt het kabinet een beleidsvoorstel over de uitgangspunten van verbreding van het beslagregister. Daarna kan de daadwerkelijke uitwerking van de wettelijke basis plaatsvinden, waarbij het verminderen van administratieve lasten voor schuldenaars en waarborging van privacy belangrijke aandachtspunten zijn. Ook hier zullen overheidsorganisaties en gerechtsdeurwaarders bij worden betrokken. Mijn collega-bewindspersonen en ik streven er naar uw Kamer medio 2017 te informeren over de eerste uitgangspunten van verbreding van het beslagregister.

Omdat de verbreding van het beslagregister nog enige tijd in beslag zal nemen, is een voortvarende aansluiting van de gemeentelijke schuldhulpverlening op de Verwijsindex schuldhulpverlening (VISH) van extra belang. VISH is in samenwerking tussen de KBvG en de Vereniging van schuldhulpverlening en sociaal bankieren (NVVK) tot stand gekomen. VISH beoogt dat de gerechtsdeurwaarders en de schuldhulpverlening van elkaars activiteiten op de hoogte zijn. Zo kunnen de gerechtsdeurwaarders via dit systeem kennis hebben van het feit dat de schuldenaar schuldhulpverlening ontvangt en op basis daarvan hun opdrachtgever adviseren om zijn incasso hierop aan te passen (stop te zetten). Partijen die reeds aangesloten zijn, hebben positieve ervaringen met dit systeem. Nog lang niet alle gemeenten hebben een aansluiting gerealiseerd. Gemeenten laten hierdoor kansen liggen. Ook wanneer straks sprake is van een verbreed beslagregister is de informatie of sprake is van enige hulpverlening voor een gerechtsdeurwaarder van essentiële meerwaarde en kunnen via dit systeem onnodige extra (incasso)kosten worden voorkomen. Ik zal via de verzamelbrief het belang van VISH nogmaals onder de aandacht van gemeenten brengen en bespreek met de NVVK de mogelijkheden om de noodzakelijke landelijke uitrol te bespoedigen.

Met deze brief geef ik invulling aan de motie van de leden Schouten en Yücel7 waarin de regering onder meer wordt verzocht om de Kamer periodiek te informeren over de voortgang van de verdere uitwerking van de Rijksincassovisie.

Het kabinet legt met de ingezette verbreding van het beslagregister en de verdere implementatie van de Rijksincassovisie een noodzakelijke basis voor betere samenwerking tussen overheidsorganisaties en daarmee een betere bescherming van de beslagvrije voet.

Gezien de urgentie van de problematiek vind ik het van groot belang dat alle betrokken partijen voortvarend blijven werken aan deze verbeteringen op het terrein van de rijksincasso. Ik ben voornemens om u periodiek te blijven informeren over de voortgang van de verdere implementatie van de Rijksincassovisie en verbreding van het beslagregister.

De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, J. Klijnsma


X Noot
1

Kamerstuk 24 515, nr. 336.

X Noot
2

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl.

X Noot
3

Kamerstuk 24 515, nr. 360.

X Noot
4

Kamerstuk 24 515, nr. 297.

X Noot
5

Belastingdienst, CAK, CBS, CIZ, CJIB, Zorginstituut Nederland, Dienst Justis, Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, DUO, IND, Kadaster, Kamer van Koophandel, RDW, CBR, SVB en UWV.

X Noot
7

Kamerstuk 24 515, nr. 340.