nr. 20
BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
's-Gravenhage, 19 januari 1996
Bij de behandeling van het voorstel van WULBZ door de Tweede Kamer is
motie 24 439 nr. 19 aangenomen. In deze motie wordt gevraagd om binnen
6 en 12 maanden na inwerkingtreding van WULBZ te rapporteren over: «de
positie van chronisch zieken, de aantallen afgesloten verzekeringen in het
midden- en kleinbedrijf, de variatie in premies, de verschillen tussen die
premies en de premies onder de huidige Ziektewet, de aard van de controlevoorschriften
zoals die door werkgevers aan werknemers ter zake van ziekte zijn gegeven,
het aantal gevallen waarin second opinion is gevraagd, het aantal door werknemers
aangespannen juridische procedures, de ontwikkeling van het aantal aanstellingskeuringen
en het aantal gevallen waarin bijstand is verleend omdat loon noch ziekengeld
werd ontvangen».
Bij de behandeling van het wetsvoorstel zijn ook nog andere punten genoemd
waaraan aandacht besteed zou moeten worden bij evaluatie of het in beeld brengen
van de werking van de in dat wetsvoorstel opgenomen maatregelen. Een aantal
hiervan hangt samen met aandachtspunten die genoemd zijn bij eerder besproken
maatregelen ter vermindering van het gebruik van de wettelijke arbeidsongeschiktheidsregelingen
en ter verbetering van arbeidsomstandigheden. Een overzicht van de samenhangende
evaluatiepunten is neergelegd in de bijlage.
Zoals reeds is aangekondigd bij de behandeling van het voorstel van WULBZ
is inmiddels aan IVA Tilburg en Bureau AS/tri opdracht verleend tot het opzetten
van onderzoekinstrumentarium berustend op een werkgeverspanel en het verrichten
van 7 periodieke metingen bij dat panel tussen januari 1996 en mei 1998. In
dit panel worden bedrijven ingedeeld in 11 bedrijfstakken. De beoogde omvang
van het panel (ongeveer 4 000 bedrijven) maakt het mogelijk over ieder
van die bedrijfstakken betrouwbare uitspraken te doen, maar ook over verschillen
tussen bedrijven van verschillende omvang binnen iedere bedrijfstak. Bij realisering
van de beoogde omvang van het panel zal het voorts mogelijk zijn
betrouwbare uitspraken te doen over verschillen tussen bedrijven van gelijke
omvang uit verschillende bedrijfstakken.
Het doel is door die periodieke metingen, aangevuld met afzonderlijk onderzoek
bij deelnemers aan het panel, informatie te verkrijgen over:
– de werking van de maatregelen bij werkgevers, waaronder risicoselectie
en inzet flexibele arbeidskrachten,
– de kosten en baten van de maatregelen voor werkgevers,
– primaire preventie door bedrijven,
– secundaire preventie door bedrijven,
– omvang ziekteverzuim,
– omvang arbeidsongeschiktheid,
– verzekering loondoorbetalingsverplichting bij ziekte,
– arbeidsvoorwaarden bij ziekte/arbeidsongeschiktheid, inclusief
de aard van de controlevoorschriften zoals die door werkgevers aan werknemers
ter zake van ziekte worden gegeven,
– verhaal en de gevolgen daarvan voor werknemers,
– arbeidsdeelname door chronisch zieken en gehandicapten,
– toepassing van reïntegratiemaatregelen.
Daarenboven is in het onderzoeksprogramma van SZW onderzoek voorzien naar:
– reacties van werknemers op en gevolgen voor werknemers van de
maatregelen ter vermindering van het gebruik van de wettelijke arbeidsongeschiktheidsregelingen,
inclusief het gebruik van «second opinion»,
– de werking van het nieuwe arbeidsongeschiktheidscriterium,
– het aanbod en gebruik van verzekeringen inzake het «WAO-gat»
en inzake de loondoorbetalingsverplichting, inclusief de premies die daarvoor
moeten worden betaald.
Hierbij dient men zich wel te realiseren, dat bij een aantal van deze
onderwerpen de betreffende maatregelen slechts kort van kracht zijn op het
moment van onderzoek en in sommige gevallen nog zelfs ingevoerd moeten worden,
zodat deze metingen en onderzoeken van de werking van die maatregelen slechts
een voorlopig beeld kunnen geven.
Overigens zal een deel van de benodigde informatie ontleend kunnen worden
aan de periodieke kwantitatieve voortgangsrapportages via de reguliere informatiekanalen
(CBS, uitvoeringsorganen sociale zekerheid, Ctsv). Deze voortgangsrapportages
betreffen:
a. ontwikkeling van het ziekteverzuim,
b. ontwikkeling van het arbeidsongeschiktheidsvolume,
c. volume-effecten van het nieuwe arbeidsongeschiktheidscriterium waaronder
de herkeuringsoperatie,
d. toepassing reïntegratie-instrumenten,
e. regeling van en geven van «second opinion».
Voorts zal ik in overleg met mijn collega van Justitie nagaan hoe inzicht
verkregen kan worden in aantal en aard van door werknemers aangespannen juridische
procedures.
Tenslotte zal worden nagegaan waar bijstand is verleend omdat loon noch
ziekengeld werd ontvangen.
Met de periodieke metingen, aangevuld door incidenteel onderzoek bij deelnemers
aan het werkgeverspanel en met onderzoek dat daarenboven zal worden uitgevoerd,
wordt mijns inziens in bevredigende mate een invulling gegeven aan de informatiebehoefte
die door uw Kamer tot uitdrukking is gebracht bij het signaleren van relevante
onderwerpen voor evaluatie en monitoring ten aanzien van de relevante wetgevingstrajecten.
Om te beginnen komt de rapportage van de eerste metingen met behulp van
het genoemde werkgeverspanel, betreffende de reacties van werkgevers op het
van kracht worden van WULBZ, het door hen ontvangen aanbod van verzekeringsarrangementen
voor de loondoorbetalingsverplichting en hun reactie daarop, in september
1996 beschikbaar.
De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
R. L. O. Linschoten
Bijlage
Thema's en Aandachtspunten terzake Evaluatie en Monitoring van de diverse
maatregelen ter vermindering van het gebruik van de wettelijke arbeidsongeschiktheidsregelingen
en ter verbetering van arbeidsomstandigheden.
– Aktiviteiten gericht op verbetering van arbeidsomstandigheden
en de kwaliteit van de arbeidsomstandigheden als zodanig,
– aktiviteiten gericht op vermindering van het ziekteverzuim, de
mate van ziekteverzuim als zodanig,
– aktiviteiten gericht op vermindering van de kans op arbeidsongeschiktheid
en het optreden van arbeidsongeschiktheid als zodanig,
– aktiviteiten gericht op arbeidsdeelname door arbeidsongeschikt
geworden werknemers, chronisch zieken, en gehandicapte personen en de mate
van arbeidsdeelname door deze personen als zodanig,
– de relatie tussen werkgever en werknemers in verband met arbeidsomstandigheden,
ziekte en arbeidsongeschiktheid (zoals selectie- en aannamegedrag),
– baten en kosten voor werkgevers en gevolgen daarvan voor de concurrentieverhoudingen
tussen bedrijven,
– operationalisering en werking van het nieuwe arbeidsongeschiktheidscriterium,
– aard en mate van begeleiding van arbeidsongeschikten,
– aanbod van particuliere verzekeringen inzake de loondoorbetalingsplicht
alsook het «WAO-gat»,
– uitkerings- en financiële positie van werknemers, verzekerden
en uitkeringsgerechtigden,
– werkwijze van uitvoeringsorganen van de sociale zekerheid,
– werkwijze van arbodiensten,
– doorwerking maatregelen op derden,
– macro-effecten.