24 406
Emancipatiebeleid 1996

nr. 6
BRIEF VAN DE MINISTER VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

's-Gravenhage, 1 december 1995

Begin december gaat de laatste fase van start van de massamediale campagne Preventie van seksueel geweld. Deze campagne wordt gevoerd door de ministeries van Justitie, Onderwijs, Cultuur en Weten-schappen, Sociale Zaken en Werkgelegenheid en Volksgezondheid, Welzijn en Sport. De campagne is primair gericht op jongens en mannen, als potentiële of feitelijke plegers van seksueel geweld. Zij is gestart in 1991 en duurt in totaal 5 jaar.

De laatste fase van de campagne behelst de uitzending, in de zendtijd van Postbus 51, van een t.v.-spot van 27 seconden, gedurende de maanden december en januari.

In deze spot wordt de boodschap van de campagne op een voor de doelgroep indringende wijze gevisualiseerd met beelden van een vrijgezellenfeestje, waarop de hoofdpersoon als «bruid» wordt verkleed. Door bij mannen en jongens identificatie met deze hoofdpersoon te bewerkstelligen laat het spotje hen als in een spiegel zien hoe seksueel intimiderend gedrag overkomt. Op deze wijze confronteert de spot de doelgroep met het eigen gedrag.

In de tekst die tussen de beelden door wordt getoond, worden opnieuw de basisgegevens over seksueel geweld vermeld: 1 op de 3 vrouwen wordt geconfronteerd met seksueel geweld, 8 op de 10 daders is een bekende van het slachtoffer.

De spot sluit af met de campagne-regel: «Seks is natuurlijk maar nooit vanzelfsprekend».

De spot is, zoals gebruikelijk, vooraf getest bij een steekproef uit de doelgroep en bij een aantal vrouwen. Daarbij is nagegaan of de spot goed wordt begrepen, duidelijk is in zijn boodschap en positief wordt ontvangen. De resultaten van deze test zijn, evenals vorige jaren, zeer positief. De spot blijkt de beoogde identificatie tot stand te brengen. De beelden worden als indringend ervaren en de boodschap komt daardoor goed over. De spot – en de campagne als geheel – wordt gewaardeerd. De ernst van het probleem wordt onderkend, mede waarom de spot en de campagne belangrijk worden gevonden. Dat de overheid deze campagne voert, ondervindt algemene instemming.

Voor deze laatste fase van de campagne is afgezien van de productie van verder materiaal. Van een Postbus-51-brochure en van radio-spotjes wordt geen toegevoegde waarde meer verwacht. In januari zal wel via rekken in cafés, bioscopen etc. een gratis ansichtkaart over seksueel geweld verspreid worden (de zogenaamde «freecard»). De boodschap van de campagne is inmiddels ruim bekend. Dat bleek ook bij de test van de spot, waarbij soms spontaan werd gerefereerd aan eerdere spots.

De campagne spitst zich daarom in deze laatste fase toe op het bewustmaken van de doelgroep dat ook eigen gedrag seksueel intimiderend kan zijn. Andere dan direct visuele middelen dragen daar minder aan bij.

Na afloop van de periode waarin deze laatste spot wordt uitgezonden, zal zoals gebruikelijk een bereik- en effectmeting worden gehouden. Deze meting zal ook vragen bevatten met betrekking tot de campagne als geheel. Over de uitkomsten van deze meting zal ik, zoals ook bij eerdere metingen steeds is geschied, de Kamers berichten.

Nu al kan worden geconstateerd, dat de campagne heeft bijgedragen aan een aanmerkelijk groter besef, dat wat in seksuele zin tegen de wil van een ander in wordt gepleegd, seksuele intimidatie of seksueel geweld is. Tevens, dat de campagne heeft gezorgd voor ruime discussie over seksueel geweld – één van de doelen ervan.

In de nota «Emancipatie in uitvoering» is in het Werkprogramma Coördinatie Emancipatiebeleid opgenomen, dat de ministeries van Justitie, Sociale Zaken en Werkgelegenheid (D.C.E.) en Volksgezondheid, Welzijn en Sport samen met externe deskundigen een plan van aanpak zullen opstellen voor de verdere bestrijding van seksueel geweld. Dit plan van aanpak zal mede een vervolg omvatten op de massamediale voorlichtingscampagne Preventie van seksueel geweld.

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

A. P. W. Melkert

Naar boven