24 400 XIV
Vaststelling van de begroting van de uitgaven en de ontvangsten van het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij (XIV) voor het jaar 1996

nr. 53
BRIEF VAN DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUURBEHEER EN VISSERIJ

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

's-Gravenhage, 30 mei 1996

In antwoord op Uw bovenvermelde brief kan ik U het volgende meedelen.

De International Council for the Exploration of the Sea (ICES) heeft zeer onlangs advies uitgebracht over de haringvangsten in de Noordzee voor 1996 en 1997. Dit advies is opgesteld door de internationale visserij-biologen in het kader van het ACFM (Advisory Committee on Fishery Management). Geadviseerd wordt de toegestane vangsthoeveelheid (TAC) voor haring voor het lopende TAC/Quotum jaar met ongeveer de helft te reduceren. Een dergelijk tussentijds advies is zeer ongebruikelijk. De reden voor dit tussentijds advies is gelegen in de veel slechtere situatie van het haringbestand dan voorzien in het in 1995 uitgebrachte advies voor het jaar 1996, dat de basis vormde voor de verlaging van de haring-TAC tijdens de Visserijraad van december 1995.

Gezien de aard van het advies en de consequenties die navolging hiervan zou hebben, wil ik dit advies kritisch bestuderen, alvorens tot een standpunt te komen. Bovendien is mij op dit moment nog niet bekend wat de visie van de Europese Commissie, die eerst aangewezene is om met initiatieven te komen, op dit advies is.

Ik wijs er overigens op dat op dit moment nog meer een klein deel van de voor dit jaar toegestane vangsthoeveelheid is volgevist. Er is derhalve enige tijd beschikbaar voor zorgvuldig afgewogen besluitvorming.

Ik hoop U zo spoedig mogelijk nader te kunnen informeren.

De Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij,

J. J. van Aartsen

Naar boven