nr. 6
MOTIE VAN HET LID KLEIN MOLEKAMP C.S.
Voorgesteld in het nota-overleg van 23 oktober 1995
De Kamer,
gehoord de beraadslaging;
overwegende, dat door de internationaal overeengekomen afschaffing van
de scheepsbouwsteun, door het perspectief van het nieuwe scheepvaartbeleid
en door een zekere inhaalvraag, de aanmeldingen voor de WSZ het budget vele
malen overtreffen;
overwegende, dat voor vele projecten de realisering en/of registratie
in Nederland afhankelijk is van het verkrijgen van de premie of de belastingaftrek
en dat de orders die voor premie/aftrek in aanmerking komen voor het grootste
deel op Nederlandse werven worden gebouwd;
overwegende, dat de door de WSZ aangemelde investeringen belangrijk zijn
voor de structuurversterking en in het bijzonder ter versterking van de positie
van short sea vervoer in het kader van het bevorderen van intermodaal vervoer;
overwegende, dat deze opdrachten vooral van belang zijn voor de kleine
en middelgrote werven vooral in de Noordelijke provincies gezien hun continuïteit
en ter voorkoming van leegloop;
vernomen hebbend, dat de Minister van Economische Zaken op basis van bovenstaande
overwegingen en gezien de extra maatregelen in andere scheepbouwlanden op
dit gebied heeft besloten het budget voor de generieke scheepsbouwsteun eenmalig
voor het jaar 1995 te verdubbelen;
verzoekt de regering het budget voor WSZ overeenkomstig te verhogen en
tezamen met de Minister van Economische Zaken na te gaan welke financiële
knelpunten nog resteren en daarvoor op korte termijn oplossingen aan te dragen
en de Kamer daarover te rapporteren,
en gaat over tot de orde van de dag.
Klein Molekamp
Van Zuijlen
Van Waning
Van den Berg
Stellingwerf