Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 7 juni 2013
Bij de beantwoording van de vragen van het lid Berndsen-Jansen (D66) van 24 oktober
2012 op 10 december 2012 heb ik, mede namens de Minister van Economische Zaken, toegezegd
om uw Kamer te informeren over de invulling van de noodzakelijke randvoorwaarden om
het blokkeren van de IMEI’s van gestolen telefoons door telecomproviders mogelijk
te maken. Door middel van deze brief doe ik, mede namens de Minister van Economische
Zaken, deze toezegging gestand.
Het aantal straatroven is in 2012 met 9,1% gedaald ten opzichte van het peiljaar 2009.
In het eerste kwartaal van 2013 was er sprake van een daling met ruim 23% ten opzichte
van dezelfde periode in 2012. Een goede ontwikkeling, maar we zijn er nog niet. Nog
steeds worden te veel burgers het slachtoffer van criminelen. De maatschappelijke
impact is groot voor zowel de burgers die slachtoffer worden van straatroven en het
daarmee gepaard gaande geweld als het bedrijfsleven. Transporteurs, winkels, verzekeringsmaatschappijen
en ook de telecomproviders zelf zien zich geconfronteerd met een aanzienlijke schadelast.
Straatrovers hebben het vaak gemunt op de smartphones van hun slachtoffers. In sommige
grote steden is dit het geval bij 50% van de straatroven. Ook zakkenrollers en inbrekers
stelen vaak smartphones.
Criminelen zien de mobiele telefoon klaarblijkelijk als een eenvoudig verkrijgbaar
en snel verhandelbaar object. Om in dit beeld verandering te brengen is door mij onder
meer de campagne «Hier waak ik» uitgerold in 2012. Deze campagne heeft tot doel om
het installeren van zogenaamde volg-apps op smartphones, tablets en laptops te stimuleren.
Dit werkt preventief en maakt het gemakkelijker om het gestolen toestel op te sporen
door de politie. De politie heeft al meerdere malen met behulp van deze apps snel
de daders in kunnen rekenen. Overigens wordt deze campagne ook dit jaar voortgezet.
Daarnaast is de meerwaarde bekeken van het op afstand kunnen blokkeren van gestolen
mobiele telefoons, de zogenaamde IMEI-blokkering. Hierbij is gebleken dat het mogelijk
maken van IMEI-blokkering in andere landen tot een structurele daling van het aantal
gestolen telefoons heeft geleid.
De daling in die landen is mede te danken aan het feit dat de IMEI-blokkering (nagenoeg)
niet te omzeilen is. Daar waar een tiental jaren terug de gebruiker eenvoudig thuis
met behulp van via internet verkregen software dit IMEI-nummer kon wijzigen, zijn
de mogelijkheden hiervoor anno 2013 sterk teruggedrongen. Door met name de technologische
voorzieningen in smartphones is het wijzigen van IMEI nummers inmiddels veel moeilijker
geworden. De specialistische kennis en speciale apparatuur die hiervoor nodig is,
zorgt voor een zeer hoge drempel.
Ook het grootste deel van de fabrikanten van telefoons op de Nederlandse markt heeft
aangegeven dat wijzigen erg lastig is en zij zelf werken aan continue verbetering
van de beveiliging van hun toestellen.
Ik ben samen met mijn ambtgenoot van EZ in overleg getreden met de telecomproviders
over hoe ook in Nederland het onbruikbaar maken van gestolen telefoons door het blokkeren
van het IMEI-nummer mogelijk kan worden gemaakt. In de constructieve gesprekken tussen
de betrokken departementen met de drie grootste providers van mobiele telefonie hebben
de providers aangegeven bereid te zijn deze blokkering te realiseren. Ik ben de providers
hiervoor erkentelijk.
Op 25 april jl. hebben de providers een eerste voorstel gepresenteerd dat in de komende
maanden door hen in samenspraak met de betrokken departementen verder zal worden uitgewerkt.
Daarbij is door de providers aangegeven dat voor een sluitend en werkend systeem ondersteunende
regelgeving een noodzakelijke randvoorwaarde is. Effectieve blokkering is namelijk
alleen mogelijk als iedere provider meedoet en deze participatie dus wettelijk verplicht
en afdwingbaar is. Om dit mogelijk te maken dient de Telecomwet te worden gewijzigd.
Het spreekt voor zich dat de insteek van beide betrokken departementen hierbij is
om de providers in dit traject te betrekken, zodat de noodzakelijke regelgeving volledig
aansluit bij de uitwerking door de sector. Hiermee kan onnodig belastende regelgeving
voor alle betrokken partners worden voorkomen.
Om een snelle invoering mogelijk te maken zal het wetgevingstraject dus parallel lopen
met de ontwikkeling en implementatie van het sectorvoorstel. Het voornemen is om in
het eerste kwartaal van 2014 het voorstel tot wijziging van de Telecomwet aan uw Kamer
voor te leggen. Medio 2014 zal de implementatie van het sectorvoorstel afgerond zijn.
De afrondingsdatum van het wetgevingstraject hangt af van de agenda van uw Kamer.
Na instemming van uw Kamer met de voorgelegde wetswijziging zal het kunnen blokkeren
van de IMEI van gestolen smartphones ook in Nederland geregeld zijn.
Ik zal uw Kamer over de voortgang op dit traject informeren.
De minister van Veiligheid en Justitie,
I.W. Opstelten