Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2018-201924077 nr. 425

24 077 Drugbeleid

Nr. 425 BRIEF VAN DE MINISTER VOOR MEDISCHE ZORG EN DE STAATSSECRETARIS VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 14 februari 2019

Mede namens de Minister van Justitie en Veiligheid zenden wij u hierbij het Jaarbericht 2018 van de Nationale Drug Monitor (NDM) en de THC-monitor 20181. Het Jaarbericht 2018 is opgesteld door het Trimbos-instituut in samenwerking met het Wetenschappelijk Onderzoeks- en Documentatie Centrum (WODC). Het bevat de meest recente gegevens over middelengebruik en daaraan gerelateerde criminaliteit op basis van bestaand onderzoek en registraties. De THC-monitor 2018 is opgesteld door het Trimbos-instituut.

De belangrijkste ontwikkelingen op het gebied van volksgezondheid zijn:

  • 960.000 Nederlanders van 18 jaar en ouder hebben in 2017 cannabis gebruikt. Naar schatting 140.000 gebruiken dagelijks cannabis. Ongeveer een kwart van de 18 tot 24 jarigen hebben in 2017 cannabis gebruikt. Het gebruik in 2017 is vergelijkbaar met het gebruik in 2016.

  • Het gemiddelde THC-gehalte van door coffeeshops aangeboden cannabis was in 2018 16,8% (in 2017 was dit 16,1%). Vanaf 2013 is sprake van een geleidelijke toename van het gemiddelde THC-gehalte van 13,5% naar 16,8%.

  • Ecstasy (XTC) wordt in relatief opzicht het meest gebruikt door hoog opgeleiden van 20–25 jaar tijdens het uitgaan. De toename van het gebruik van XTC lijkt in 2016 en 2017 te zijn gestopt. Wel neemt het gehalte MDMA per pil nog altijd toe.

  • Er zijn signalen dat na het opnemen van 4-Fluoramfetamine (4-FA, ook wel als «XTC-light» betiteld) op lijst 1 van de Opiumwet het gebruik en ook het aantal gezondheidsincidenten als gevolg van het gebruik is afgenomen.

  • Hoewel het gebruik van GHB landelijk gezien naar verhouding weinig voorkomt is het aantal gezondheidsincidenten als gevolg van gebruik relatief hoog en ernstig.

  • Het aantal rokers van tabak daalt nog steeds. De afname doet zich het minst voor onder mensen met een laag opleidingsniveau.

  • De dalende trend die zich in de periode 2014–2016 aftekende voor wat betreft overmatig alcoholgebruik is in 2017 gestopt. Vooral de hoogopgeleide volwassenen drinken overmatig.

In het Preventie akkoord (Kamerstuk 32 793, nr. 339) zijn afspraken gemaakt om het roken van tabak en problematisch alcoholgebruik (verder) terug te dringen.

Ondanks een daling in het gebruik van xtc onder scholieren en een stagnering van het gebruik onder volwassenen, is het relatief hoge xtc-gebruik in Nederland en de vanzelfsprekendheid van gebruik tijdens het uitgaan zorgelijk. Mensen vinden het kennelijk normaal om dit soort middelen te gebruiken tijdens het uitgaan, maar zijn daarbij onvoldoende doordrongen van het risico dat ze nemen, zowel op het punt van gezondheid als op het punt van criminaliteit. De Staatssecretaris laat de huidige inzet op preventie doorlichten en zal extra aanzetten waar dat nodig is. De staatsecretaris informeert u dit voorjaar over de extra maatregelen die hij neemt om de normalisering van drugsgebruik tegen te gaan.

Inzicht in de inzet op preventie van cannabisgebruik is aan u toegezegd door de Minister voor Medische Zorg en Sport tijdens de behandeling van de Wet Experiment gesloten coffeeshopketen (Kamerstuk 34 997). Voor wat betreft GHB ontvangt u van de Staatssecretaris naar verwachting voor de zomer een zo compleet mogelijk beeld van de aard, omvang en mogelijk ook achtergronden van gezondheidsincidenten (die in sommige steden afgelopen jaren in absoluut aantal lijken te zijn toegenomen) als gevolg van het gebruik van GHB en de stand van zaken met betrekking tot de aanpak daarvan. Dit is later dan eerder door de Staatssecretaris is toegezegd, namelijk begin 2019. Naar nu blijkt is alle relevante informatie, die nodig is om een zo compleet mogelijk beeld te schetsen, niet eerder beschikbaar.

De belangrijkste ontwikkelingen ten aanzien van drugsgerelateerde criminaliteit en overlast zijn:

  • Het aantal gemelde ontmantelde productielocaties voor synthetische drugs is gestegen naar 82 meldingen. In 2015 waren dat er nog 59 en in 2016 waren het er 61.

  • Het aantal geregistreerde dumplocaties is in 2017 gestegen ten opzichte van eerdere jaren. In 2017 gaat het om 206 dumplocaties, terwijl het in 2015 nog om 160 locaties ging.

  • In de provincie Noord-Brabant worden de meeste productielocaties en dumplocaties geregistreerd, daarna volgt de provincie Limburg.

  • In 2017 zijn in Nederland door de FIOD diverse laboratoria voor heroïne ontmanteld. De productie van heroïne in Nederland is een nieuw fenomeen.

  • Er zijn 4.700 hennepkwekerijen geruimd. Minder dan in 2015 en 2016.

De Minister van Justitie en Veiligheid zet sterk in op de aanpak van de drugsgerelateerde criminaliteit. Over de wijze waarop de versterking van de aanpak van ondermijnende criminaliteit plaatsvindt, heeft hij uw Kamer op 16 november 2018 geïnformeerd. In die brief benadrukt hij de urgentie om krachtig te interveniëren op de ondermijnende effecten van georganiseerde criminaliteit, in het bijzonder van de illegale drugsindustrie. De substantiële stijging van het aantal productielocaties en afvaldumplocaties bevestigen de noodzaak tot versterking van de aanpak van ondermijning. Op korte termijn zal de Minister van Justitie en Veiligheid uw Kamer verder informeren over de aanpak van synthetische drugs.

De Minister van Justitie en Veiligheid zal, in verwijzing naar het hiervoor genoemde hoge xtc-gebruik, bovenop de inzet van de Staatssecretaris ook inzetten op meer aandacht voor de gevolgen van xtc-gebruik in relatie tot de drugscriminaliteit.

De Minister voor Medische Zorg, B.J. Bruins

De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, P. Blokhuis


X Noot
1

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl