Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 4 mei 2015
Met deze brief informeer ik uw Kamer over de Handleiding Combinatieovereenkomsten.
De handleiding verschaft meer duidelijkheid over de toelaatbaarheid onder het mededingingsrecht
van combinatieovereenkomsten bij aanbestedingen. De handleiding is met nauwe betrokkenheid
van de Autoriteit Consument en Markt (ACM) en van een vertegenwoordiging uit het bedrijfsleven
tot stand gekomen.
Aanleiding
Combinatieovereenkomsten zijn overeenkomsten tussen twee of meer ondernemingen om
gezamenlijk in te schrijven op een aanbesteding en vervolgens gezamenlijk uitvoering
te geven aan de desbetreffende opdracht. In bepaalde omstandigheden kan een combinatieovereenkomst
op gespannen voet staan met het kartelverbod (artikel 6 van de Mededingingswet), omdat
de overeenkomst de concurrentie kan beperken.
Om meer duidelijkheid en zekerheid te bieden over de toelaatbaarheid van combinatieovereenkomsten
is van 1998 tot 2009 het Besluit vrijstelling combinatieovereenkomsten van kracht
geweest. Per 1 januari 2009 is het Besluit vrijstelling combinatieovereenkomsten vervallen,
omdat uit diverse onderzoeken bleek dat bedrijven door de onduidelijke criteria in
het vrijstellingsbesluit vaak ten onrechte dachten dat (verboden) combinatieovereenkomsten
waren vrijgesteld van het kartelverbod. Omdat de toelaatbaarheid zeer afhankelijk
is van de specifieke omstandigheden van het geval kan niet worden volstaan met vuistregels
in een vrijstellingsbesluit.
Omdat na het intrekken van het vrijstellingsbesluit bij het bedrijfsleven behoefte
bestond aan duidelijkheid over regelgeving omtrent combinatieovereenkomsten, zijn
op 11 september 2009 de Beleidsregels Combinatieovereenkomsten van de Minister van
Economische Zaken aan de Nederlandse Mededingingsautoriteit vastgesteld. Deze regels
zijn op 31 maart 2013, in het kader van de instelling van de ACM en gewijzigde nationale
en Europese wetgeving waar de beleidsregel naar verwees, vervangen door de Beleidsregels
Combinatieovereenkomsten 2013. De beleidsregel schetst het wettelijk kader voor combinatieovereenkomsten
en de gewenste manier van beoordeling door de ACM van combinatieovereenkomsten aan
dit wettelijk kader.
Nadat de beleidsregel in 2009 tot stand was gekomen ontstond bij het bedrijfsleven
kritiek op de helderheid van de beleidsregel. Om tegemoet te komen aan de wens van
de uw Kamer1 om kleine ondernemingen meer duidelijkheid te verschaffen, zijn door het Ministerie
van Economische Zaken en door het bedrijfsleven verschillende handleidingen opgesteld.
Deze handleidingen werden echter als onvoldoende verhelderend beschouwd. Daarom heeft
in het najaar van 2013 een onafhankelijk onderzoeksbureau de opdracht gekregen om
een handleiding op te stellen. Dit heeft dankzij nauwe betrokkenheid van de ACM en
het bedrijfsleven geresulteerd in het bijgevoegde resultaat2.
Inhoud handleiding: duidelijkheid over mededingingskader
Het uitgangspunt bij het vaststellen van de handleiding was het scheppen van zoveel
mogelijk duidelijkheid richting het bedrijfsleven, binnen het kader van de Mededingingswet.
Dit betekent voor het bedrijfsleven een handleiding waarbij op één pagina wordt uitgelegd
wanneer het vormen van een combinatieovereenkomst is toegestaan. Aan deze wens van
het bedrijfsleven is tegemoet gekomen door het creëren van een duidelijk overzicht,
in de vorm van een stappenplan dat op één pagina past. Daarnaast zijn in de handleiding
veel voorbeelden opgenomen, deels theoretisch en deels voorbeelden uit de praktijk,
om inzichtelijk te maken wat wel en wat niet mag binnen de kaders van de Mededingingswet.
In de handleiding wordt via een stappenplan bekeken of er mogelijk strijd met het
kartelverbod is. Indien ondernemingen bijvoorbeeld zonder de combinatieovereenkomst
de opdracht niet zelfstandig kunnen uitvoeren dan is geen sprake van strijd met het
kartelverbod en hoeft het stappenplan niet verder te worden doorlopen. De combinatieovereenkomst
is dan geoorloofd. Hetzelfde geldt als bijvoorbeeld sprake is van de bagatelvrijstelling,
waarbij kleine ondernemingen met een beperkt marktaandeel of zeer geringe omzet samenwerken.
Wanneer ondernemingen met een meer dan gering marktaandeel concurrenten van elkaar
zijn en zelfstandig de opdracht kunnen uitvoeren, dan moet worden gekeken naar het
effect op de mededinging en kan sprake zijn van een ongeoorloofde afspraak die in
strijd is met het kartelverbod.
De handleiding komt in de vorm van een interactief pdf-document beschikbaar op http://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/mededinging/kartel. De opzet van de interactieve versie is het doorlopen van het stappenplan. Elke stap
bevat begrippen die kunnen worden aangeklikt, waarna nadere uitleg verschijnt. Ik
verwacht bedrijven hiermee de gevraagde duidelijkheid te kunnen bieden.
De Minister van Economische Zaken,
H.G.J. Kamp