Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2012-201324036 nr. 398

24 036 Marktwerking, deregulering en wetgevingskwaliteit

Nr. 398 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 10 juli 2013

Op 24 januari 2013 heeft de Tweede Kamer een motie aangenomen van de leden Klever (PVV) en Jan Vos (PvdA) waarin de regering wordt verzocht te onderzoeken op welke wijze tegen zo laag mogelijke administratieve lasten, pomphouders kunnen worden verplicht om informatie over hun benzineprijzen gratis beschikbaar te stellen, en een dergelijke publicatieplicht voor 1 januari 2014 in te voeren1. Naar aanleiding van deze motie heb ik een extern onderzoeksbureau gevraagd onderzoek te doen naar de gevolgen van verschillende varianten van een publicatieplicht voor benzinepomphouders. Met deze brief bied ik u het rapport «Gevolgen van een publicatieplicht op de benzinemarkt» aan2. Hieronder rapporteer ik over de uitkomsten van dit onderzoek. Vervolgens licht ik toe tot welke beleidsconclusie ik ben gekomen naar aanleiding van het onderzoek.

Uitkomsten onderzoek publicatieplicht voor pomphouders

Om een goed beeld te krijgen van de gevolgen van een publicatieplicht heeft het onderzoeksbureau voor verschillende varianten van een publicatieplicht geanalyseerd welke gevolgen een publicatieplicht heeft voor de administratieve lasten en nalevingskosten voor pomphouders en de uitvoerings- en handhavingskosten voor de overheid. Daarnaast is geanalyseerd wat de gevolgen zijn van een publicatieplicht op de prijstransparantie en op de werking van de benzinemarkt. De analyse is gemaakt voor drie varianten van een publicatieplicht, waarbij informatie wordt doorgegeven aan een website die wordt beheerd door de overheid:

  • Variant 1 – handmatige invoering van prijzen en veranderingen door pomphouders,

  • Variant 2 – automatisch doorgeven van prijzen en veranderingen via koppeling van kassa- dan wel softwaresystemen, en

  • Variant 3 – een hybride variant, waarbij pomphouders zelf kunnen kiezen of zij prijzen handmatig of automatisch doorgeven.

Referentiesituatie

Het onderzoek beschrijft de gevolgen van een publicatieplicht ten opzichte van een referentiesituatie: de huidige situatie en de meest waarschijnlijke ontwikkeling in het aanbod van prijsvergelijkingsdiensten. Volgens de onderzoekers is zonder publicatieplicht al sprake van een relatief hoge mate van prijstransparantie. Doordat bestaande prijsvergelijkingsdiensten in toenemende mate gebruik maken van transactiedata van tankpassen, zijn de prijsdata zeer actueel en betrouwbaar. Deze diensten beschikken op dit moment voor 70 tot 80% van de tankstations over prijsinformatie van maximaal 24 uur oud. Doordat deze prijsvergelijkingsdiensten naar verwachting binnenkort elke 30 minuten zullen worden voorzien met nieuwe transactiegegevens zal de actualiteit van prijsvergelijkingsdiensten volgens de onderzoekers de komende tijd verder verbeteren. De consument heeft volgens de onderzoekers op dit moment dus goede mogelijkheden om de prijzen van reguliere brandstoffen te vergelijken.

Lasten pomphouders en overheid

Alle varianten van een publicatieplicht leiden structureel tot extra administratieve lasten en nalevingskosten voor pomphouders. De voornaamste lasten in variant 1 ontstaan doordat pomphouders bij iedere prijsaanpassing moeten inloggen op een website en hun prijzen moeten doorgeven. Bij variant 2 moeten pomphouders hun bestaande kassa- en/of backofficesystemen aanpassen of zo een systeem aanschaffen om automatische doorgifte van prijzen mogelijk te maken. In de hybride variant hoeven pomphouders geen gebruik te maken van kassa- en/of backofficesystemen wanneer handmatige invoer voor deze tankstations goedkoper is. De kosten voor pomphouders in die variant bestaan uit het aanpassen van bestaande systemen en/of uit het handmatig invoeren van gegevens.

Voor de overheid bestaan de kosten in alle drie de varianten uit eenmalige investeringen in een ICT-systeem waarin de data worden aangeleverd en ontsloten. Daarnaast zijn er jaarlijkse kosten voor het technische en organisatorische beheer van het systeem en voor het toezicht en handhaving van adequate doorgifte van prijzen. Onderstaande tabel geeft een overzicht van de lasten voor bedrijven en voor de overheid van de verschillende varianten van een publicatieplicht. De bedragen zijn in miljoenen euro’s.

 

Variant 1 Handmatige invoer

Variant 2 Koppeling systemen

Hybride variant Handmatig + Koppeling

Lasten pomphouders:

     

– Eenmalige kosten

1,7 – 3,0

0,4 – 0,6

– Jaarlijkse kosten

3,3 – 5,4

1,1 – 1,6

0,5 – 1,1

       

Lasten overheid:

     

– Eenmalige kosten

1,0 – 2,0

0,9 – 1,8

1,0 – 2,0

– Jaarlijkse kosten

0,8 – 1,2

0,8 – 1,2

0,8 – 1,2

       

Totaal eenmalige kosten

1,0 – 2,0

2,6 – 4,8

1,4 – 2,6

Totaal jaarlijkse kosten

4,1 – 6,6

1,8 – 2,7

1,3 – 2,3

Gevolgen voor transparantie en de werking van de benzinemarkt

Verbeterde prijstransparantie kan bijdragen aan het beter functioneren van de benzinemarkt. Een publicatieplicht zal de prijstransparantie op de benzinemarkt bevorderen. Met een plicht is het mogelijk dat prijsvergelijkingsdiensten, in plaats van data van maximaal 24 uur oud voor 70 tot 80% van de locaties, kunnen beschikken over «realtime» prijsinformatie voor alle locaties. Volgens de onderzoekers zullen de effecten op de werking van de benzinemarkt naar verwachting echter minimaal zijn omdat brandstofprijzen al een hoge mate van transparantie kennen. Daarnaast is de prijsbewuste consument al goed geïnformeerd en weet hij via beschikbare diensten, mond-tot-mondreclame en uit eigen ervaring veelal goed bij welke aanbieders hij goedkoper uit is (prijsverschillen tussen aanbieders zijn over het algemeen hetzelfde). Ook ervaringen in het buitenland wijzen volgens de onderzoekers op geen of minimale effecten van een transparantieverplichting op de brandstofprijzen. Tot slot benadrukken de onderzoekers dat een publicatieplicht een bedreiging zal vormen voor het bedrijfsmodel van bedrijven die transactiedata verzamelen en doorverkopen aan andere partijen.

Beleidsconclusies

Uit het onderzoek blijkt dat de brandstofprijzen al heel transparant zijn en dat de prijsbewuste consument de goedkope pomp goed weet te vinden. Een publicatieplicht zou de transparantie verbeteren maar zal naar verwachting nauwelijks of geen effect hebben op de werking van de benzinemarkt en de prijzen voor consumenten (dus geen of slechts geringe baten). Wel ontstaan er bij een plicht kosten voor pomphouders en voor de overheid. De baten van extra transparantie als gevolg van een publicatieplicht wegen mijns inziens dan ook niet op tegen de kosten. Om deze redenen zal ik niet met een voorstel komen om pomphouders een publicatieplicht op te leggen.

Hoewel uit het onderzoek blijkt dat prijstransparantie op de benzinemarkt hoog is, kunnen consumenten mogelijk baat hebben bij extra informatie over prijsvergelijkingsdiensten. Ik zie ook mogelijkheden om de bekendheid van prijsvergelijkingsdiensten te bevorderen. Daarbij denk ik aan het plaatsen van informatie voor consumenten over vergelijkingsdiensten voor brandstofprijzen op de website van ConsuWijzer, het publieksloket van de Autoriteit Consument en Markt waar ook over andere markten informatie wordt gegeven om transparantie te bevorderen.

De Minister van Economische Zaken, H.G.J. Kamp


X Noot
1

Kamerstuk 33 400 XIII, nr. 120

X Noot
2

Ter inzage gelegd bij het Centraal Informatiepunt Tweede Kamer