23 432 De situatie in het Midden-Oosten

Nr. 793 MOTIE VAN DE LEDEN HOOGEVEEN EN CEDER

Voorgesteld 3 september 2026

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat onduidelijkheid bestaat over de vraag in hoeverre uit het internationaal recht een verplichting voortvloeit tot het instellen van nationale handelsbeperkingen op goederen uit Israëlische nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever en de Golanhoogvlakte;

overwegende dat eveneens onduidelijk is hoe ruim de openbareorde-exceptie kan worden uitgelegd bij de nakoming van internationaalrechtelijke verplichtingen en welke precedentwerking hiervan kan uitgaan voor andere internationale conflicten;

verzoekt de regering hierover extern juridisch advies in te winnen en dit met de Kamer te delen,

en gaat over tot de orde van de dag.

Hoogeveen

Ceder

Naar boven