Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2015-201623432 nr. 424

23 432 De situatie in het Midden-Oosten

Nr. 424 MOTIE VAN DE LEDEN TEN BROEKE EN VAN BOMMEL

Voorgesteld 9 juni 2016

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de regering heeft verklaard voorstander te zijn van etikettering van producten uit bezette gebieden omdat consumenten hierdoor een bewustere keuze kunnen maken bij de aankoop van producten uit volgens het internationaal recht bezette of illegaal geannexeerde gebieden;

constaterende dat niet alleen Israël volgens de standaarden van het internationaal recht gebieden bezet, dan wel heeft geannexeerd, maar dat enkel voor etikettering van producten uit deze gebieden een interpretatieve mededeling is verschenen;

constaterende dat de sondering naar aanleiding van de motie-Ten Broeke c.s. inzake de herkomstaanduiding bezette gebieden heeft uitgewezen dat er geen draagvlak bestaat om te komen tot richtsnoeren voor álle producten uit álle gebieden die krachtens het internationaal recht bezet of illegaal geannexeerd zijn;

overwegende dat Europese consumenten niet alleen recht hebben op transparantie omtrent de herkomst van producten uit de door Israël bezette gebieden maar bovenal recht hebben op een etiketteringsbeleid dat consequent van aard is;

overwegende dat de regering tegemoet dient te komen aan de vragen van het bedrijfsleven inzake de herkomstaanduiding van producten uit de Westelijke Sahara;

verzoekt de regering, er in de Raad Buitenlandse Zaken voor te pleiten dat de Europese Commissie eveneens richtsnoeren opstelt voor producten afkomstig uit de door Marokko geannexeerde Westelijke Sahara,

en gaat over tot de orde van de dag.

Ten Broeke

Van Bommel