23 432 De situatie in het Midden-Oosten

Nr. 350 LIJST VAN VRAGEN EN ANTWOORDEN

Vastgesteld 8 oktober 2013

De vaste commissie voor Buitenlandse Zaken heeft een aantal aanvullende vragen voorgelegd aan de minister van Buitenlandse Zaken over de brief van 22 juli inzake de kabinetsreactie op het AIV-advies No. 83 «Tussen woord en daad, perspectieven op duurzame vrede in het Midden-Oosten» (Kamerstuk 23 432, nr.348).

De minister heeft deze aanvullende vragen beantwoord bij brief van 4 oktober 2013. Vragen en antwoorden zijn hierna afgedrukt.

De voorzitter van de commissie, Eijsink

De griffier van de commissie, Van Toor

Vraag 1

Wat betekent het feit dat u de inspanningen van Secretary Kerry niet wilt «doorkruisen» voor de speelruimte die u nog voor u ziet voor een eigenstandige Nederlandse positie in bilateraal en EU-verband ten aanzien van de relatie met Israël en de Palestijnen?

 

Vraag 2

Betekent het feit dat u de inspanningen van Secretary Kerry niet wilt «doorkruisen» dat de Europese Unie of Nederland wat u betreft geen nieuwe maatregelen kan overwegen of implementeren als blijkt dat één van de twee partijen zich tijdens de inspanningen van Secretary Kerry niet houdt aan gemaakte afspraken?

 

Vraag 3

Betekent het feit dat u de inspanningen van Secretary Kerry niet wilt «doorkruisen» dat al aangekondigde maatregelen – zoals bijvoorbeeld correcte labelling van producten uit nederzettingen in bezet gebied – worden vertraagd, uitgesteld of opgeschort?

 

Antwoord op vraag 1, 2 en 3

Alle inspanningen van Nederland en de EU zijn er op gericht het initiatief van Secretary of State Kerry te ondersteunen. Dit betekent onder meer dat partijen worden aangespoord tot het nakomen van hun internationaalrechtelijke verplichtingen. Tot nu toe is er vrijwel geen informatie gedeeld over de voortgang van de gesprekken. Het kabinet beschouwt dat als een positief signaal.

 

Vraag 4

Hoe beoordeelt u de 400 nederzettingen die gebouwd zijn na het initiatief van Secretary Kerry?

 

Antwoord

Het kabinet betreurt de recente afkondigingen van uitbreiding van nederzettingen en heeft dit duidelijk overgebracht aan de Israëlische regering.

 

Vraag 5

Hoe beoordeelt u de vrijlating van Palestijnse gevangenen na het initiatief van Secretary Kerry?

 

Antwoord

Het kabinet verwelkomt dit besluit van de Israëlische regering. Het is een pijnlijke maar moedige stap, met als doel een vredesovereenkomst dichterbij te brengen.

 

Vraag 6

Welke conditionaliteit hanteert u ten aanzien van de verantwoordelijkheden en verplichtingen die beide partijen hebben op grond van het internationaal recht?

 

Antwoord

Het kabinet verwacht van beide partijen dat zij zich houden aan hun verantwoordelijkheden en verplichtingen op grond van het internationaal recht en spreekt hen daar consequent op aan.

 

Vraag 7

Kunt u een overzicht geven van data waarop de samenwerkingsfora met Israël en de Palestijnen plaatsvinden, met daarbij de specifieke inzet van Nederland?

 

Antwoord

Het streven is om de eerste twee bilaterale fora begin december in de Palestijnse Gebieden (PG) en Israël te laten plaatsvinden.

Het overkoepelend thema van de fora is innovatie. In het forum met de PA staan waterbeheer en voedselzekerheid centraal; in het forum met Israël waterbeheer/-technologie en energie. De fora zullen, naast politieke consultaties, een economische en een academische component omvatten. Bedrijven en kennisinstellingen zullen hierbij afspraken over (verdere) onderlinge samenwerking maken.

 

Vraag 8

Is het kabinet van mening dat het een bemiddelende rol kan spelen ten gunste van de onderhandelingen én tegelijkertijd beide partijen kan aanspreken op basis van het internationale recht?

 

Antwoord

Het kabinet is van mening dat het een het ander niet uitsluit.

 

Vraag 9

Wat is de laatste keer dat Nederland Israël heeft aangesproken over de Israëlische afscheidingsmuur?

 

Vraag 10

Wat is de laatste keer dat Nederland Israël heeft aangesproken over de illegale nederzettingen?

 

Antwoord op vraag 9 en 10

Het kabinet spreekt geregeld met de Israëlische overheid over de nederzettingenpolitiek en de belemmering van de bewegingsvrijheid van de Palestijnse bevolking, op alle niveaus. De ambassade heeft hier recentelijk nog over gesproken met het kantoor van premier Netanyahu.

 

Vraag 11

Wat is de laatste keer dat Nederland de Palestijnse Autoriteit heeft aangesproken over corruptie?

 

Vraag 12

Wat is de laatste keer dat Nederland de Palestijnse Autoriteit heeft verzocht verkiezingen te houden?

 

Antwoord op vraag 11 en 12

Het kabinet spreekt geregeld met de PA over interne problemen als corruptie en het uitblijven van verkiezingen. Nederland pleegt bijvoorbeeld in het kader van het Nederlandse co-voorzitterschap van het lokale coördinatieorgaan van de PA en donoren veelvuldig overleg over corruptie met relevante Palestijnse instanties binnen de justitiesector.

 

Vraag 13

Wanneer verwacht u dat de toegezegde containerscanner operationeel is op de grens tussen Gaza en Israël?

 

Antwoord

De scanner op de grens Israël – Gaza zal naar verwachting in november van dit jaar in gebruik kunnen worden genomen.

 

Vraag 14

Kunt u inzicht geven over de vermeende positieve impact van de containerscanners op de grens van Jordanië en de Westoever?

 

Antwoord

De plaatsing van de scanner kan zorgen voor een aanzienlijke vergroting van de Palestijnse handelsmogelijkheden met Jordanië en het achterland (Golfstaten). De scanner is in staat om inkomende containers in plaats van pallets te scannen, wat de omvang en snelheid van de import zal vergroten.

 

Vraag 15

Op welke wijze heeft Nederland bijgedragen aan de totstandkoming van het Amman-proces?

 

Antwoord

Het kabinet heeft niet bijgedragen aan het Amman-proces.

 

Vraag 16

Kunt u een uitgesplitst overzicht geven van de verschillen tussen het Dutch Israëli Cooperation Forum en de door de voormalige minister van Buitenlandse Zaken voorgestelde Samenwerkingsraad?

 

Antwoord

Aangezien de Samenwerkingsraad waartoe het vorige kabinet had besloten niet heeft plaatsgevonden, is het niet mogelijk een inhoudelijke vergelijking te maken. Het belangrijkste verschil is dat het huidige kabinet besloten heeft een bilateraal forum met de PA en met Israël te organiseren.

 

Vraag 17

Waarom bent u niet bereid AIV-aanbeveling zes over het opvoeren van de inspanningen voor het Palestijnse rule of law-programma?

 

Antwoord

Nederland is reeds jarenlang actief in de sector Veiligheid en Rechtsorde (V&R), onder meer op het terrein van opleiding van politiepersoneel, rechters en ambtenaren en als co-voorzitter van het lokale coordinatie-orgaan van de PA en donoren. In deze sector zijn veel donoren actief. V&R is een van de best ontwikkelde Palestijnse sectoren en een additionele Nederlandse bijdrage ligt op dit moment dan ook niet voor de hand. Mocht er een specifiek verzoek tot intensivering komen dan zal dit in overweging worden genomen.

 

Vraag 18

Op welke wijze worden Hoge Vertegenwoordiger Ashton en het Nederlandse kabinet op de hoogte gehouden van de vorderingen van het initiatief van Secretary Kerry?

 

Antwoord

HV Ashton houdt nauw contact met Secretary of State Kerry over het proces. De Amerikaanse regering spreekt geregeld met alle betrokken partijen. Over de inhoud en vorderingen van de besprekingen is op dit moment weinig bekend, hetgeen het proces ten goede komt.

 

Vraag 19

Wat is de Nederlandse inzet ten aanzien van de problematiek rond het C-gebied?

 

Antwoord

Nederland zet zich actief in voor het verbeteren van de coördinatie van de inspanningen van de internationale gemeenschap ten aanzien van Area C. Doel is om effectiever te opereren in Area C en gezamenlijk op te trekken jegens Israël en de PA. Hiertoe voert Nederland regelmatig overleg in EU-verband, maar ook met het kantoor van de Kwartetgezant en het kantoor van de UN Special Coordinator.

Nederland financiert de rehabilitatie en het opnieuw in gebruik nemen van landbouwgronden op de Westoever ten behoeve van Palestijnse boeren, met name in Area C, in het kader van het zogenaamde Land and Water Resource Management for Agricultural Development in the West Bank Program.

 

Vraag 20

Voelt u zich gecommitteerd aan de aanbevelingen van het EU-Heads of Mission Report van begin dit jaar?

 

Antwoord

EU-Heads of Mission rapporten zijn interne stukken ten behoeve van beleidsvorming in Brussel.

Naar boven