22 112
Nieuwe Commissievoorstellen en initiatieven van de lidstaten van de Europese Unie

nr. 630
BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSHUISVESTING, RUIMTELIJKE ORDENING EN MILIEUBEHEER

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 8 april 2008

Per brief van 2 april 2008, met kenmerk 08-VROM-B-016, heeft u mij verzocht om informatie over het klimaat- en energiepakket van de Europese Commissie, voorafgaande aan het AO d.d. 9 april 2008.

Ten aanzien van het besluitvormingstraject over het klimaaten energiepakket hebben de regeringsleiders tijdens de Voorjaarsraad op 13 en 14 maart besloten dat de besprekingen in de Raad, in nauwe samenwerking met het Europees Parlement, zouden moeten resulteren in een samenhangend akkoord over het pakket voor eind 2008. Vervolgens moeten de voorstellen door de Raad worden aangenomen binnen. De verwachting is dat dit in het eerste kwartaal van 2009 zal gebeuren.

Ten aanzien van Uw verzoek om tijdige toezending van de implementatieplannen inclusief de tijdsplanning van de verschillende fasen van het nationale wetgevingsproces het volgende. Op dit ogenblik is er nog geen implementatieplan en dat hoeft formeel ook nu nog niet. Een implementatieplan behoeft namelijk eerst interdepartementaal afgestemd gereed te zijn twee maanden na publicatie van het Gemeenschappelijk Standpunt in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen dan wel een akkoord in Eerste Lezing. Ik realiseer mij dat er met een planning gericht op een akkoord in Eerste Lezing geen Gemeenschappelijk Standpunt komt. Gezien de importantie van het pakket zal met de voorbereiding van de implementatie niet tot het laatste moment gewacht worden. Ik zal u met enige regelmaat hiervan op de hoogte houden.

De minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

J. M. Cramer

Naar boven