Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2016-201722112 nr. 2330

22 112 Nieuwe Commissievoorstellen en initiatieven van de lidstaten van de Europese Unie

Nr. 2330 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 16 maart 2017

Met uw brief van 9 februari jl. heeft u een voorstel gedaan voor de wijze waarop de Tweede Kamer invulling wil geven aan de voorwaarden inzake het raadplegen van experts over vertrouwelijke EU informatie in de vorm van Limité documenten. Ik kan akkoord gaan met deze invulling met één specificering dat eventuele aantekeningen gebaseerd op de vertrouwelijke informatie de Kamer niet mogen verlaten.

Daarnaast verzoekt u een nadere onderbouwing waarom deze toegang niet geldt voor Restreint documenten. Bij het toestaan van toegang van externe deskundigen tot vertrouwelijk aan de Tweede Kamer overgelegde EU-informatie is gezocht naar een modaliteit die enerzijds zoveel mogelijk recht doet aan het belang van de informatiepositie van het parlement en anderzijds aan bescherming van de belangen van de Europese Unie en van haar lidstaten. Het uitgangspunt bij de toegang tot vertrouwelijk aan de Tweede Kamer overgelegde stukken is dat slechts een zeer beperkte groep personen hiervan kennis mag nemen (zie artikel 4 van de Regeling vertrouwelijke stukken). Ten aanzien van Limité documenten heb ik, binnen de brief van 23 december 2016 geschetste kaders, een uitzondering gemaakt en kunnen ook externe deskundigen toegang krijgen (Kamerstuk 22 112, nr. 2274).

Voor informatie van gevoeliger aard zie ik geen ruimte voor afwijking van die hoofdregel. De gevolgen van ongeoorloofde openbaarmaking van Restreint documenten zijn in vergelijking met Limité documenten aanzienlijk groter omdat deze informatie direct raakt aan de belangen van de Europese Unie of één of meer van haar lidstaten. Hierdoor zijn de voorwaarden voor de toegang tot Restreint documenten strenger. Enkel op basis van het principe «need to know» mag toegang worden verleend. Dit brengt een beperking in de toegang tot deze documenten met zich mee ten opzichte van Limité documenten waarbij het principe «uit hoofde van functie» geldt. Ik acht de afweging «need to know» wezenlijk anders en zwaarder dan «uit hoofde van functie». In deze wil ik u er ook op wijzen dat Restreint documenten ook niet kunnen worden ingezien in Delegates Portal, hetgeen ook de verschillende status van Restreint en Limité documenten illustreert.

Dit laat uiteraard onverlet de mogelijkheid van Kamerleden om zelf inzage in Restreint documenten aan te vragen.

De Minister van Buitenlandse Zaken, A.G. Koenders