Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 14 april 2016
Conform de Regeling Grote Projecten, bied ik u hierbij de achtendertigste Voortgangsrapportage
(VGR 38) HSL-Zuid aan1. Deze voortgangsrapportage behandelt de verslagperiode van 1 juli 2015 tot en met
31 december 2015. In deze brief informeer ik u tevens over een aantal belangrijke
ontwikkelingen rondom dit project.
Reizigersgroei
De VGR laat reizigersgroei op zowel de Thalys als IC-Direct zien. Voor de Thalys-treindienst
is het aantal reizigers in de tweede helft van 2015 met circa 4% gestegen ten opzichte
van de tweede helft van 2014. Het aantal reizigers in de IC direct is in de tweede
helft van 2015 met ca. 30% gestegen ten opzichte van de tweede helft van 2014. De
toename van de groei van de IC direct wordt mede veroorzaakt doordat sinds december
2015 een kwartierdienst is gerealiseerd tussen Amsterdam en Rotterdam.
Ontwikkelingen HSL-aanbod
In de concessie zijn afspraken gemaakt over het tempo en de volgorde van de ingroei
van het alternatieve HSL-aanbod, zodat de reiziger stap voor stap een beter product
krijgt. De afspraken voor 2013, 2014 en 2015 zijn conform planning uitgevoerd. Twee
stappen daarin zijn eerder gerealiseerd: de frequentieverhoging van de Thalys van
13x naar 14x per dag (9 maanden eerder) en de frequentieverhoging van de Intercity
direct tussen Amsterdam en Rotterdam van 3x naar 4x per uur (een jaar eerder).
Op dit moment worden in de dienstregeling 2017 de volgende stappen in het alternatieve
HSL-aanbod voorbereid. Reeds nu is gebleken dat bij de start van de dienstregeling
2017 NS niet aan al haar verplichtingen uit de concessie kan voldoen. Dat betreft
onder andere de verkorting van de rijtijd van de Intercity Brussel. Ik sta NS in het
belang van de reiziger eenmalig voor de komende dienstregeling toe de huidige rijtijd
van de Intercity Brussel te continueren. NS heeft onderbouwd dat het niet mogelijk
is om de rijtijd in 2017 te verkorten zonder de binnenlandse dienstregeling in 2017
fors aan te tasten. De consumentenorganisaties adviseren negatief over de gevolgen
die dat zou hebben. Ik deel dit. Toekomstige, meer structurele verbeteringen in het
aanbod voor de reiziger bezie ik nader in het kader van de kabinetsreactie op de enquête-commissie
Fyra.
In de vorige VGR (bijlage bij Kamerstuk 22 026, nr. 481) bent u reeds geïnformeerd over de vertraging in de introductie van de Eurostar vanwege
vertraagde softwareleverantie voor het beveiligingssysteem. Ik kan u daar geen nieuwe
informatie over melden, behalve dat NS rekening houdt met een vertraging van tenminste
enkele maanden en er voorts alles aan doet om het toelatingsproces van de nieuwe Eurostar-trein
in Nederland te versnellen. Een zelfde probleem doet zich voor bij de benodigde locomotieven
voor de Intercity Brussel die in 2017 over de HSL via Breda gaat rijden. In lijn met
de aanbevelingen van de parlementaire enquêtecommissie Fyra zorgen NS en NMBS in de
dienstregeling 2017 daarom voor een terugvaloptie. Zolang het materieel nog niet geschikt
is voor de HSL, blijft de Intercity Brussel via de huidige route via Roosendaal rijden.
Daarnaast wordt het pad voor de Eurostar wel meegenomen in de capaciteitsaanvraag
voor de dienstregeling 2017, zodat het mogelijk blijft om later in 2017 met deze dienst
te starten.
Zettingen
Zoals toegezegd in de aanbiedingsbrief bij VGR 37 (Kamerstuk 22 026, nr. 481) wordt u in bijgaande rapportage geïnformeerd over het onderzoek naar maatregelen
om zettingen tegen te gaan. Naar verwachting zullen in 2016/2017 op drie locaties
waar zettingen optreden (Rijpwetering, Schuilingervliet en Breda Westrik) herstelmaatregelen
of constructiewijzingen worden doorgevoerd om de veilige berijdbaarheid te kunnen
borgen. De resultaten uit de monitoringsprogramma’s geven op dit moment geen aanleiding
om de risicoreservering voor zettingen (zie paragraaf 6.3 van VGR 38) aan te passen.
Audit integrale veiligheid
Het Ministerie van Infrastructuur en Milieu heeft Movares laten onderzoeken of de
toetsing van de integrale veiligheid op de HSL-Zuid wel voldoende geborgd is. De onderzoekers
komen tot de conclusie dat de wijze waarop ProRail en NS integrale veiligheid op papier
en in de praktijk hebben ingericht in overeenstemming is met de hierop van toepassing
zijnde Europese regelgeving. Vanuit het principe om continu inspanning te leveren
om de veiligheid te verbeteren, bevelen zij aan om extra borgingsmaatregelen te nemen.
Ik deel deze conclusie van de onderzoekers.
In paragraaf 2.4 van de Voortgangsrapportage is aangegeven op welke wijze hieraan
vervolg wordt gegeven. Het onderzoeksrapport van Movares is als bijlage bij deze brief
gevoegd2.
De Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, S.A.M. Dijksma