21 563
Overbelevering van gas aan Brigitta uit de Common Area van het Groningerveld

nr. 9
BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

's-Gravenhage, 7 september 1999

In vervolg op mijn brief van 9 juli 1999 (Kamerstukken II, 1998–1999, 21 563, nr. 8), waarin ik u op de hoogte heb gesteld van de einduitspraak die arbiters in de Common Area zaak hebben gewezen, deel ik u het volgende mee.

Zoals in eerdergenoemde brief is vermeld is de uitspraak een arbitrale uitspraak, waartegen geen beroep open staat. Wel kan een partij aan het Zwitserse Federale Hof vernietiging van de uitspraak vragen, maar zulks slechts op zeer beperkte gronden.

Tot begin september konden de partijen NAM en Brigitta van deze mogelijkheid gebruik maken.

Ik kan u meedelen dat nadat advies is ingewonnen van Zwitserse raadslieden, NAM een verzoek tot vernietiging bij het Zwitserse Hof heeft ingediend. Brigitta heeft geen gebruik gemaakt van die mogelijkheid. Gelet op het vernietigingsverzoek kan ik de uitspraak van arbiters niet ter vertrouwelijke inzage geven aan uw Kamer. Evenmin kan ik thans in het belang van de zaak nadere mededelingen doen over de inhoud van voornoemde actie. Vooreerst dient het oordeel van het Zwitserse Hof afgewacht te worden.

Mocht het Hof het verzoek van NAM inwilligen dan dienen arbiters opnieuw uitspraak te doen met inachtneming van de uitspraak van het Hof.

De gehele procedure kan geruime tijd in beslag nemen. Zodra daartoe aanleiding is zal ik u opnieuw informeren.

De Minister van Economische Zaken,

A. Jorritsma-Lebbink

Naar boven