Hierbij doe ik u, mede namens de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, het
verslag toekomen van de Transportraad van 14 maart 2014.
Belangrijkste resultaten van deze Raad waren de algemene oriëntatie over het Europees
Spooragentschap en een akkoord over de Gemeenschappelijke Onderneming Shift2Rail.
De volgende Transportraad zal plaatsvinden op 5 juni te Luxemburg. Hieraan vooraf
gaat nog een informele transportraad op 7 en 8 mei in Athene over de Europese Maritieme Strategie en verkeersveiligheid.
BIJLAGE Verslag van de EU Transportraad van 14 maart
Europees Spoorwegbureau (ERA)
De Raad bereikte unaniem een algemene oriëntatie over de ERA-verordening die onderdeel
is van de technische pijler van het 4e Spoorpakket. De verordening legt vast dat de
ERA de one stop shop wordt voor EU-brede markttoelatingscertificaten van spoorvoertuigen en voor EU-brede
veiligheidscertificaten voor spoorondernemingen. Naast Nederland onderstreepten diverse
lidstaten het belang om spoedig de onderhandelingen met het nieuwe Europees Parlement
te starten over de gehele technische pijler.
Shift2Rail
Ook werd een unaniem akkoord bereikt over de oprichting van een Gemeenschappelijke
Onderneming Shift2Rail waarin publieke en private partijen participeren om onderzoek en innovatie in de
spoorsector te coördineren ter versterking van de Europese spoorindustrie.
Duurzame stedelijke mobiliteit
In het beleidsdebat over dit onderwerp onderschreven veel lidstaten evenals Nederland
weliswaar het belang van duurzame stedelijke mobiliteit maar wezen tegelijk op het
subsidiariteitsbeginsel. Gegeven grote onderlinge verschillen tussen regio’s en steden
zijn maatregelen op het gebied van stedelijke mobiliteit vooral een regionale en lokale
aangelegenheid. De meeste lidstaten spraken zich er daarom voor uit dat EU-brede initiatieven
zich zouden beperken tot maatregelen met een niet-bindend karakter, zoals het uitwisselen
van best practices; diverse lidstaten noemden Nederland als voorbeeld, in het bijzonder de verwezenlijking
van uitgebreide fietsinfrastructuur en benutting van stedelijk water voor transport.
De Commissie gaf hierop aan dat nieuwe wetgeving niet aan de orde is. Sommige lidstaten
benadrukten het belang van planvorming voor mobiliteit en de relatie met ruimtelijke
ordeningsplannen, andere lidstaten noemden Europese ondersteuning van innovaties op
het gebied van ITS en alternatieve brandstoffen.
Geluidsgerelateerde exploitatiebeperkingen luchthavens
Het Griekse voorzitterschap meldde dat er met het Europees Parlement overeenstemming
was bereikt over de verordening die bestaande regelgeving met de methodiek voor het
afwegen van geluidsgerelateerde exploitatiebeperkingen bij luchthavens actualiseert.
Deze methodiek wordt nu dwingender en maakt het bovendien beter mogelijk lawaaiige
toestellen uit te faseren. De verordening vloeit mede voort uit de afspraken gemaakt
in het kader van het open sky-verdrag tussen de EU en de VS. Daarin is afgesproken de transparantie van de afweging
van maatregelen volgens de zogeheten ICAO Balanced Approach te bevorderen en daarop een beter toezicht tot stand te brengen. Nederland heeft
dit verdrag met uw instemming geratificeerd.
Uw Kamer heeft in 2012 samen met enkele andere nationale parlementen een gele kaart
uitgedeeld (negatief oordeel subsidiariteit) omdat de toezichtsrol van de Commissie
in het voorstel te ver zou gaan. De Nederlandse luchtvaartsector heeft zich echter
positief uitgesproken vanwege het level playing field, gegeven dat de vloot al voldoet aan de strengere eisen. Het kabinet heeft zich uiteindelijk
goed kunnen vinden in de voorliggende verordening na aanpassing in de onderhandelingen
in de Raad en tussen Raad en Europees Parlement. De verordening schrijft slechts een
procedure voor: de vormgeving van maatregelen en de uiteindelijke afweging daarvan
blijft een nationale aangelegenheid. Ook is de bevoegdheid van de Commissie substantieel
teruggebracht.
Capaciteitsregeling binnenvaartvloot
Het voorzitterschap informeerde de Raad dat ook over dit voorstel, dat de toepassing
van milieu- en innovatiemaatregelen bevordert, met het Europees Parlement een akkoord
was bereikt. Diverse lidstaten steunden het beroep van Nederland op het voorzitterschap
om spoedig de overige voorstellen gericht op het bevorderen van de binnenvaart (NAIADES II) in de Raad te agenderen.
Schone energie voor vervoer
Het voorzitterschap gaf tenslotte aan dat er in de triloog na inhoudelijke overeenstemming
nog een inter-institutioneel twistpunt was. Het ging om de verplichte raadpleging
door de Commissie van nationale deskundigen bij uitvoeringsregelgeving (gedelegeerde
handeling). Commissie en lidstaten werden opgeroepen het twistpunt op te lossen, hetgeen
kort na de Raad is geslaagd.