21 501-32 Landbouw- en Visserijraad

Nr. 1827 BRIEF VAN DE MINISTER EN STAATSSECRETARIS VAN LANDBOUW, VISSERIJ, VOEDSELZEKERHEID EN NATUUR

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 15 juli 2026

Op 28 en 29 juli 2026 vindt de informele Visserijraad (hierna: informele Raad) plaats in Cork, Ierland. Met deze brief informeren wij de Kamer over de agenda van deze informele Raad en de Nederlandse inbreng. Ook informeren wij de Kamer over de Nederlandse beleidsprioriteiten voor het Actieplan voor het EU-eiwittensysteem en de EU-Strategie voor de veehouderij. De Europese Commissie heeft haar Actieplan voor het EU-eiwittensysteem en de EU-Strategie voor de veehouderij inmiddels gepubliceerd, op 7 juli 2026 (COM(2026)355, COM(2026)576). De Kamer zal na de zomer middels een BNC-fiche geïnformeerd worden over de inhoud en kabinetsappreciatie van dit actieplan en deze strategie.

I. Geannoteerde agenda informele Visserijraad

Het thema van de informele Raad is generatievernieuwing in de visserijsector. Op het moment van schrijven heeft het Iers voorzitterschap nog geen achtergronddocument gepubliceerd en zijn de discussievragen nog onbekend. Naar verwachting zal de discussie gaan over het aantrekkelijk houden van de visserijsector voor toekomstige generaties.

De Eurocommissaris voor Visserij en Oceanen, Costas Kadis, heeft aangekondigd dat hij in het najaar van 2026 een «Visie 2040 voor Visserij en Aquacultuur» wil publiceren. Deze visie zal het strategisch kader vormen voor de ontwikkeling van het visserij- en aquacultuurbeleid voor de komende 15 jaar. Op 11 juni jl. heeft de Staatssecretaris de Nederlandse inbreng voor deze visie met de Tweede Kamer gedeeld (Kamerstuk 26 737, nr. 13). De Staatssecretaris zal tijdens de discussies aangeven dat Nederland de ontwikkeling van deze visie steunt en inhoudelijke inbreng zal leveren langs de prioriteiten uit voornoemde Kamerbrief. De Staatssecretaris wil hierbij nogmaals aangeven dat jonge vissers essentieel zijn voor een robuuste en duurzame sector: zij zorgen voor de continuïteit en toekomstbestendigheid van de Nederlandse visserij (Kamerstuk 30 252, nr. 210).

Verder zal de Staatssecretaris, daar waar passend, best practices uit Nederland onder de aandacht brengen, bijvoorbeeld op het gebied van het Koepelplan Onderwijs van het Visserij Ontwikkel Plan. Hiermee is structureel geld beschikbaar gesteld om de samenwerking tussen maritiem en groen onderwijs te bestendigen, regionale leerplaatsen te ontwikkelen voor visserijonderwijs en een nationaal netwerk van practoraten op te richten voor een sterke verbinding naar werkveld, onderzoek en onderwijs.

Tot slot zal de Staatssecretaris in de discussies aangeven dat het voor het toekomstperspectief van de visserijsector van belang is dat duidelijkheid wordt geboden over het toekomstig verdienvermogen van de sector. Een gezamenlijke EU-inzet is nodig om teveel complexiteit tegen te gaan in regelgeving. Hierbij kan gedacht worden aan aanpassingen in de meerjarenplannen onder het Gemeenschappelijk Visserijbeleid en betere ondersteuning voor de energietransitie in de visserijsector.

De Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur, J. van Essen

De Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur, S.P.A. Erkens

Naar boven