21 501-32 Landbouw- en Visserijraad

Nr. 1773 MOTIE VAN DE LEDEN RUSSCHER EN VAN DUIJVENVOORDE

Voorgesteld 26 maart 2026

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de Europese Unie historisch een aandeel van circa 23% heeft in de makreelvangst;

constaterende dat Noorwegen, het Verenigd Koninkrijk, IJsland en de Faeröer in een eenzijdig akkoord buiten de EU om, 80% van de makreelvangst voor zichzelf opeisen, waardoor er slechts 20% overblijft voor de EU, Groenland en Rusland gezamenlijk;

overwegende dat deze kuststaten zich hiermee een onevenredig groot aandeel toe-eigenen ten koste van de Europese en Nederlandse visserij, en dat de EU hiertegen onvoldoende een vuist maakt;

verzoekt de regering om zich er in Brussel voor in te zetten dat de EU vasthoudt aan het historische aandeel van circa 23%, en, indien nodig, inzet op effectieve Europese maatregelen om dit aandeel af te dwingen,

en gaat over tot de orde van de dag.

Russcher

Van Duijvenvoorde

Naar boven