21 501-31 Raad voor de Werkgelegenheid, Sociaal Beleid, Volksgezondheid en Consumentenzaken

Nr. 536 BRIEF VAN MINISTER VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 19 augustus 2019

Hierbij ontvangt u het verslag van Raad WSBVC, onderdeel Werkgelegenheid en Sociaal Beleid, van 8 juli 2019

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, W. Koolmees

VERSLAG RAAD WERKGELEGENHEID EN SOCIAAL BELEID (WSBVC) 8 JULI 2019

Economy of wellbeing

De Raad heeft een beleidsdebat gevoerd over de «economy of wellbeing». Lidstaten verwelkomden de agendering van dit onderwerp en waren het er over eens dat bij het opstellen en uitvoeren van beleid mensen centraal moeten staan. In het debat werden verschillende aspecten belicht die aandacht zouden moeten krijgen zoals werkgelegenheid als aanjager van welbevinden en gelijke kansen en gelijke behandeling. Meerdere lidstaten benadrukten dat het belangrijk is om bestaande structuren te gebruiken zoals het Europees Semester, de Europese Pijler van Sociale Rechten en het bijbehorende sociale scoreboard. Deze kunnen helpen om de voortgang richting een «economy of wellbeing» te meten. Volgens de meeste lidstaten is er geen nieuw monitoringssysteem nodig binnen de EU. Een aantal lidstaten gaf echter aan dat het ingewikkeld is om de economy of wellbeing goed te meten en dat er nieuwe indicatoren nodig zijn voor het meten van de impact van investeringen op het leven van mensen. Sommige lidstaten stelden dat het concept van «economy of wellbeing« moet worden geïntegreerd in de post-2020 EU strategie. Meerdere lidstaten benoemden specifiek dat goede sociale bescherming, onderwijs, gezondheidszorg en het mainstreamen van gendergelijkheid van groot belang zijn om een «economy of wellbeing» te bereiken.

Nederland heeft tijdens het beleidsdebat in de Raad aangeven dat het welzijn van mensen belangrijk is voor economische groei en sociale en economische stabiliteit. Nederland heeft in dat kader de Monitor Brede Welvaart & Sustainable Development Goals (SDG)1 genoemd. Ten slotte heeft Nederland aangegeven voldoende ruimte te zien om in reeds bestaande instrumenten/strategieën (zoals de Europese Pijler van Sociale Rechten, de Europese SDG strategie en de opvolger van de EU-2020 strategie) het welzijnsaspect mee te nemen.

Europees Semester

De Raad heeft ingestemd met de sociale- en werkgelegenheidsonderdelen van de landspecifieke aanbevelingen, met de opinies van het Sociaal Beschermingscomité en Werkgelegenheidscomité, en met de werkgelegenheidsrichtsnoeren.

Schone planeet voor iedereen: strategische langetermijnvisie voor een klimaatneutrale economie – werkgelegenheidsaspecten

De Raad heeft een beleidsdebat gevoerd over de werkgelegenheidsaspecten van de strategische langetermijnvisie voor een klimaatneutrale economie. Veel lidstaten gaven aan de inspanningen van de Europese Commissie om een klimaatneutrale economie te bereiken in 2050 te ondersteunen. Lidstaten waren het er over eens dat de transitie naar een klimaatneutrale economie positieve gevolgen kan hebben voor de werkgelegenheid en economische groei. Een eerlijke inclusieve transitie is hiervoor van belang. Werkenden moeten beschikken over de noodzakelijke vaardigheden om een rol te kunnen spelen in een groene economie. In dat kader stipten verschillende lidstaten aan dat geïnvesteerd moeten worden in een leven lang leren. Meerdere lidstaten gaven aan dat kwetsbare personen beschermd moeten worden. Een aantal lidstaten noemde dat Europese fondsen hierbij ondersteuning zouden moeten bieden.

Nederland heeft aangegeven dat er zorgvuldig geanticipeerd moet worden op de veranderingen die er aan komen. De energietransitie levert veel kansen op, maar het is eveneens waarschijnlijk dat mensen in de fossiele sectoren hun baan zullen verliezen. Daarom is het belangrijk om te investeren in vaardigheden en «upskilling» en om binnen de EU succesvolle aanpakken uit te wisselen. Verder heeft Nederland genoemd dat het kabinet een Voorziening werkgelegenheidseffecten energietransitie in gaat richten, gericht op van-werk-naar-werk begeleiding en om- en bijscholing.

Naar boven