Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 29 januari 2013
Uw Kamer heeft verzocht om een reactie op de toespraak die de Britse premier Cameron
op 23 januari jl. heeft gehouden over de toekomst van Europa1.
Het kabinet heeft met interesse kennisgenomen van de toespraak. Het Verenigd Koninkrijk
is een belangrijke Europese bondgenoot. Nederland werkt nauw samen met het Verenigd
Koninkrijk en beide landen delen belangrijke prioriteiten, zoals het inzetten op innovatie,
het aanjagen van groei, het scheppen van banen en het moderniseren en beperken van
de Europese begroting.
Het kabinet herkent zich in de analyse van premier Cameron dat de Europese Unie moet
worden hervormd om de crisis te overwinnen, Europa concurrerender te maken en de steun
van de bevolkingen van de lidstaten te verzekeren. Het kabinet is overtuigd van het
belang van de Europese Unie voor onze welvaart, voor het behartigen van onze belangen
en het verdedigen van onze waarden. Om die rol volledig te kunnen waarmaken is het
nodig de Unie aan te passen aan de uitdagingen van deze tijd. Allereerst moet topprioriteit
zijn het herstellen van de weeffouten in de eurozone, omdat Nederland zeer groot belang
heeft bij een sterke gemeenschappelijke munt en duurzame economische groei in de hele
EU. Dit vraagt om het waarborgen van gezonde overheidsbegrotingen, effectief bankentoezicht
en de aanpak van macro-economische onevenwichtigheden die de stabiliteit van de eurozone
in gevaar kunnen brengen. Verder gaat het om het verdiepen van de interne markt, wat
samen met een uitbreiding van internationale handelsverdragen een cruciale bijdrage
kan leveren aan het herstel van het groeivermogen en het creëren van banen. Samen
met het moderniseren van hun economieën door de lidstaten zelf is dit van belang om
de moeilijke omstandigheden waar veel Europeanen zich na de crisis voor gesteld zien
op een duurzame manier te boven te komen. Verder moet de Europese begroting worden
verlaagd en worden gemoderniseerd, onder meer door deze meer op groei en innovatie
te richten. Daarbij dient het bestuur van de Unie effectiever en goedkoper te gaan
functioneren, onder andere door te besparen op de administratieve kosten. Ook op andere
terreinen is een effectiever Europees optreden in ons gezamenlijke belang, zoals bij
het beschermen van burgers tegen grensoverschrijdende criminaliteit, het aanpakken
van het energievraagstuk en een slagvaardig extern optreden. Veel van deze elementen
komen ook terug in de toespraak van premier Cameron.
Een belangrijk ijkpunt bij deze hervorming van de Unie is voor het kabinet het beginsel
van de subsidiariteit. Zoals vastgelegd in het regeerakkoord zet het kabinet in op
het aangaan van het gezamenlijk debat in de Unie over de vraag of de huidige bevoegdhedenverdeling
tussen de Europese en nationale overheden toekomstbestendig is. Op pragmatische wijze
zal moeten worden bezien of sommige, eerder bij de Europese overheid belegde verantwoordelijkheden
en taken niet beter door de overheden van de lidstaten kunnen worden uitgevoerd. Het
kabinet streeft hierbij niet naar een herdefiniëring van de Nederlandse relatie met
de EU en wil geen specifieke opt-outs bedingen. Het debat moet zich richten op de
vraag of de Unie de goede dingen doet, en die dingen goed doet. In de Staat van de
Unie zal het kabinet hier nader op ingaan, ook wat betreft de procedure die het hierbij
voor ogen staat.
In zijn toespraak legt premier Cameron ook sterk de nadruk op het belang van een democratisch
gelegitimeerd Europa met een sterker draagvlak onder de bevolking. Het kabinet deelt
deze overtuiging. Zoals eerder toegezegd zal het kabinet in de Staat van de Unie nader
ingaan op de wijze waarop de democratische legitimiteit in de Unie zou kunnen worden
versterkt.
Het voornemen van de Britse regering om na de volgende nationale verkiezingen een
referendum te houden over de verhouding met de Unie is een interne Britse aangelegenheid.
Het is de voorlopige uitkomst van een al jaren lopend debat in het Verenigd Koninkrijk,
waar overigens het instrument van de volksraadpleging regelmatig wordt toegepast.
Zoals het kabinet op 18 januari jl. antwoordde op vragen van het lid Madlener is het
kabinet niet voornemens een referendum te organiseren over de toekomst van de Europese
Unie. Het kabinet wijst er in dit verband op dat er binnen de EU geen afspraken zijn
gemaakt om op korte termijn tot een heronderhandeling van de verdragen te komen. Nederland
geeft prioriteit aan een pragmatische aanpak, gericht op het oplossen van de concrete
problemen zoals hierboven geschetst.
Het kabinet wil de agenda voor een beter werkend Europa vormgeven van binnenuit, dus
samen met de andere lidstaten en de Europese instellingen. Zoals hierboven uiteengezet
is een actieve rol van het Verenigd Koninkrijk hierbij van groot belang voor Europa,
voor Nederland en naar het inzicht van het kabinet ook voor het Verenigd Koninkrijk
zelf. Het kabinet ziet uit naar een constructief debat over een modern, economisch
sterk, sociaal en democratisch Europa.
De minister-president, minister van Algemene Zaken,
M. Rutte
De minister van Buitenlandse Zaken,
F.C.G.M. Timmermans