21 501-20
Europese Raad

nr. 226
BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN BUITENLANDSE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 21 oktober 2003

Zoals aan uw Kamer is toegezegd tijdens het Algemeen Overleg inzake de Werkgroep op Hoog Niveau voor Asiel en Migratie (HLWG) d.d. 18 mei 2000, gaat u hierbij, mede namens de Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie, het verslag toe van de HLWG-bijeenkomst van 19 september 2003.

De Staatssecretaris van Buitenlandse Zaken,

A. Nicolaï

VERSLAG VAN DE BIJEENKOMST VAN DE WERKGROEP OP HOOG NIVEAU VOOR ASIEL EN MIGRATIE (HLWG) OP 19 SEPTEMBER 2003 TE BRUSSEL

Samenvatting

De HLWG heeft zich over de ontwerpverordening voor een programma inzake financiële en technische bijstand aan derde landen op het gebied van asiel en migratie gebogen. Op dit voorstel is de co-decisieprocedure van toepassing. Na lezingen in de HLWG zal het Europese Parlement zich over de tekst buigen. Een en ander noopt tot voortvarende behandeling in de HLWG, om er zorg voor te dragen dat de budgetlijn in 2004 reeds operationeel zal zijn. Daarnaast heeft het Voorzitterschap een concept van het evaluatiemechanisme voor de samenwerking met derde landen op het gebied van migratiebeheer gepresenteerd en heeft een eerste korte discussieronde plaatsgevonden.

Verslag

1. Ontwerpverordening voor een programma inzake financiële en technische bijstand aan derde landen op het gebied van asiel en migratie

Het Voorzitterschap gaf aan te streven naar een akkoord in de HLWG voor november, met het oog op de verdere behandeling in het Europees Parlement. Reeds bekende amendementen van het Europees Parlement zouden bij deze lezing zo veel mogelijk worden meegenomen. De Commissie gaf aan dat het document het product is van een zeer moeilijke balanceeroefening en verzocht de delegaties hiermee bij hun interventies rekening te houden. Een van de doelen van het conceptprogramma sprak van de ontwikkeling van reguliere immigratie. Enkele delegaties gaven aan dat de betreffende passage aangepast moest worden aan de tekst van paragraaf 30 van de conclusies van de Europese Raad van Thessaloniki. Nederland ondersteunde dit standpunt vanwege de noodzaak dat de betreffende passage niet mocht interfereren met de nationale bevoegdheden van de lidstaten op het gebied van arbeidsmigratie. De Commissie gaf aan dat hier in het geheel niet werd gedacht aan de verhoging van legale migratie, maar slechts aan samenwerking op dit gebied. Hiervoor zal een nieuwe formulering voorgesteld worden. Inzake de financiële dekking van het programma gaf Nederland aan dat dit in lijn moest zijn met de financiële perspectieven. Indien dit niet het geval mocht blijken te zijn zou Nederland een voorbehoud plaatsen. Over het algemeen bleek verder overeenstemming te bestaan over de inhoud van het Commissievoorstel.

2. Evaluatiemechanisme voor derde landen op het gebied van de bestrijding van illegale immigratie

Het Voorzitterschap presenteerde een eerste concept van het evaluatiemechanisme en gaf hierbij aan dat het tot doel had informatie te verzamelen, zodat een beeld gevormd kan worden van de migratiesituatie in derde landen. De Commissie gaf hierop aan dat er sprake moest zijn van drie fases. Eerst een technische exercities, waarin de Commissie zal observeren. Vervolgens een tweede fase, waarin de Commissie de situatie zal analyseren met een jaarlijks verslag aan de Raad. In een derde fase zou de Raad vervolgens de uiteindelijke evaluatie vaststellen op basis van de hem geleverde informatie. De commissie benadrukte het belang van de betrokkenheid van de Missiehoofden bij het verzamelen van de benodigde informatie. Uiteindelijk is een evaluatie een politieke beslissing. Enkele delegaties gaven aan dat het evaluatiemechanisme vooral geen negatieve boodschap mocht uitzenden naar derde landen. Het was immers de bedoeling de samenwerking met hen te verbeteren. Nederland gaf aan zich te kunnen vinden in de algemene lijn van het document. De tekst luistert echter erg nauw, aangezien uiteindelijk de samenwerking van derde landen niet vrijblijvend mag zijn. Nederland heeft schriftelijk gedetailleerder commentaar toegezegd.

Naar boven