Kamerstuk
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer | Datum brief |
|---|---|---|---|---|
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 1999-2000 | 21501-19 nr. 43 |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer | Datum brief |
|---|---|---|---|---|
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 1999-2000 | 21501-19 nr. 43 |
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 14 juni 2000
Hierbij bied ik u voor het Algemeen Overleg op 22 juni a.s. mijn annotaties aan bij de voorlopige agenda van de zitting van de EU Gezondheidsraad van 29 juni a.s. te Luxemburg.
Annotaties bij de voorlopige agenda van de EU Gezondheidsraad van 29 juni 2000 te Luxemburg
1. Goedkeuring van de voorlopige agenda
De agenda bevat geen punten die openbaar worden behandeld.
2. Goedkeuring van de lijst van A-punten
De lijst van A-punten is nog niet bekend.
3. Voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende de onderlinge aanpassing van de wettelijke en bestuurs- rechtelijke bepalingen van de lidstaten inzake de productie, de presentatie en de verkoop van tabaksproducten (doc. COM (1999) 594)
Doel van dit voorstel van de Commissie voor een richtlijn van het EP en de Raad is de drie bestaande interne marktrichtlijnen 89/622/EEG, 90/239/EEG en 92/41/EEG inzake de maximering van het teergehalte van sigaretten, het verbod op zuigtabak en de etikettering van tabaksproducten te herzien en de bepalingen van deze richtlijnen in het licht van nieuwe wetenschappelijke inzichten te vervolledigen met het oog op de voltooiing van de interne markt, uitgaande van een hoog niveau van bescherming van de volksgezondheid. Het voorstel bevat een verlaging van het maximale teergehalte, een maximum voor het nicotinegehalte en een maximumgehalte aan koolmonoxide in sigaretten. Voorts wordt voorgesteld om beschrijvingen als «light», «mild» e.d. te verbieden en tabaksproducten te etiketteren met waarschuwingen als «Roken is dodelijk». Deze etikettering zou minimaal 25% van het pakje dienen te beslaan. Het richtlijnvoorstel bevat eveneens bepalingen voor de regulering van schadelijke additieven. Tevens is voorzien in een wetenschappelijke structuur ten behoeve van een nadere toekomstige herziening van de onderhavige bepalingen.
Indien het Europees Parlement tijdig afkomt met de amendementen in eerste lezing en deze nog door de Raad verwerkt kunnen worden, kan de Raad besluiten tot een gemeenschappelijk standpunt. Indien het Europees Parlement evenwel niet tijdig afkomt met een eerste lezing, zal de Raad streven naar een politiek akkoord.
Nederland verwelkomt het richtlijnvoorstel. Scherpere regulering van tabaksproducten is een belangrijk instrument in het kader van de intensivering van het tabaksontmoedigingsbeleid zoals bepaald in het Regeerakkoord. Nederland heeft alleen nog een studievoorbehoud ten aanzien van de vraag of de reikwijdte van de richtlijn naast de in de lidstaten in het vrije verkeer gebrachte en verkochte sigaretten ook de in de lidstaten geproduceerde sigaretten zou moeten betreffen. Dit impliceert dat de eisen die binnen de EU worden gesteld voor de productie van sigaretten en de gehaltes aan teer, nicotine en koolmonoxide daarin zowel gelden binnen de interne markt als voor export naar derde landen.
4. Mededeling van de Commissie aan de Raad, het Europees Parlement, het Economische en Sociaal Comité en het Comité van de Regio's inzake een Europese gezondheidsstrategie en een voorstel van de Commissie voor een besluit van de Raad en het Europees Parlement betreffende een communautair actieprogramma inzake volksgezondheid (2001–2006)
De Europese Commissie heeft op 16 mei jl. overeenstemming bereikt over het voorstel voor een communautair actieprogramma inzake volksgezondheid op basis van artikel 152 inzake volksgezondheid van het EG-Verdrag. Het voorstel zal na vertaling in alle EU-talen door de Commissie officieel aan de Raad en het EP worden aangeboden. Deze EU-instellingen zullen dan volgens de codecisieprocedure overgaan tot de behandeling van het voorstel.
De Commissie stelt een looptijd van het programma voor van 2001 t/m 2006 en een budget van 300 miljoen euro. De doelstellingen en acties van het Programma worden door de Commissie langs drie hoofdlijnen voorgesteld:
– verbetering van gezondheidsinformatie en -kennis door middel van een Europees gezondheidsmonitoringssysteem alsmede een Europees netwerk om analyses, rapporten, informatie en adviezen uit te wisselen;
– snelle reactie op gezondheidsbedreigingen door middel van verdere verbetering van het EG-netwerk inzake overdraagbare ziekten, ontwikkeling van mechanismen om niet-overdraagbare gezondheidsbedreigingen (w.o. electromagnetische velden) aan te pakken alsmede normen op te stellen voor de veiligheid en kwaliteit van bloed, organen en weefsels;
– de aanpak van gezondheidsdeterminanten (levensstijl, sociaal-economische omstandigheden, milieu) door middel van acties gericht op gezondheidsbevordering en ziektepreventie.
Commissaris Byrne zal de mededeling over de Europese gezondheidsstrategie en het voorstel voor een communautair actieprogramma inzake volksgezondheid presenteren en nader mondeling toelichten. Het Voorzitterschap wil vervolgens een eerste oriënterend debat in de Raad. Indien het voorstel evenwel niet in alle EU talen beschikbaar zal zijn, dan blijft het alleen bij een presentatie van de Commissie. In ieder geval is er nog geen sprake van aanname van een gemeenschappelijk standpunt. Dat zal op zijn vroegst pas in de Gezondheidsraad van 11 december 2000 mogelijk zijn.
Nederland kan kennisnemen van de presentatie van de Commissie. Indien er een oriënterend debat plaatsvindt, zal Nederland slechts een eerste voorlopige reactie kunnen geven omdat de strategie en het voorstel nog worden bestudeerd.
Voor Nederland is het in ieder geval van belang dat:
– de strategie en het actieprogramma zich concentreren op alle determinanten van ziekte en gezondheid;
– de strategie en het actieprogramma een horizontale, inter-sectorale aanpak voorstaan (d.w.z. dat er niet alleen een hoog gezondheidsbeschermingsniveau op EU-niveau moet worden verzekerd in het volksgezondheidsbeleid maar ook op alle andere beleidsterreinen);
– de subsidiariteits- en proportionaliteitstoets goed worden toegepast;
– de goede elementen van de huidige communautaire actieprogramma's niet verloren gaan;
– het programma daadwerkelijk en zichtbaar iets oplevert voor de Europese bevolking en het beleid van de lidstaten, en niet louter een subsidie-instrument voor NGO's is;
– het programma past binnen de beschikbare ruimte van de EG-begroting.
In het kader van dit agendapunt zal ik ook navraag doen hoe de stand van zaken is m.b.t. de studie van de Commissie-diensten naar de consequenties van de arresten Kohll en Decker zoals is toegezegd door de Commissie tijdens de Gezondheidsraad van 11 november 1999. Voorts zal ik aandacht vragen voor de problematiek van gezondheidsvoorlichting rondom mobiele telefonie.
5. Follow-up van de Conferentie te Evora over gezondheidsdeterminanten
Op 15 en 16 maart 2000 vond er te Evora (Portugal) een ambtelijke conferentie plaats over gezondheidsdeterminanten. Als vervolg hierop heeft het Portugese Voorzitterschap een Raadsresolutie voorgesteld. In deze resolutie wordt de Commissie verzocht om in het licht van een brede gezondheidsstrategie alle mogelijkheden voor actie op basis van het EG-Verdrag te gebruiken met als oogmerk een hoog niveau van gezondheidsbescherming. Daartoe is het onder meer nodig om expertise op EU-niveau te ontwikkelen om de effecten van ander Gemeenschapsbeleid (dan Volksgezondheidsbeleid) op gezondheid en gezondheidsdeterminanten te evalueren. Ook benadrukt de resolutie dat ook in het kader van het nieuwe Volksgezondheidsprogramma acties gericht op de preventie van ziekten en gezondheidsbevordering nodig blijven.
De Raad wordt gevraagd in te stemmen met de resolutie.
Nederland kan instemmen met de resolutie.
6. (evt.) Follow-up van de Conferentie te Lissabon over geneesmiddelen
Op 11 en 12 april jl. organiseerde het Portugese Ministerie van Gezondheid te Lissabon een ambtelijke conferentie over «Medicinal products and Public Health – The Amsterdam Treaty and the Future of the European System of Authorisation and Supervision of Medicinal Products».
Als vervolg hierop heeft het Portugese EU Voorzitterschap aan de lidstaten op 7 juni jl. een tekst voor conclusies van de Raad voorgelegd. Het belangrijkste aandachtspunt van deze ontwerp-conclusies is dat ook de geneesmiddelenproblematiek onderdeel moet zijn van de brede EU gezondheidsstrategie.
Het Voorzitterschap zal de Raad vragen in te stemmen met de Conclusies over Volksgezondheid en Geneesmiddelen als follow-up van de Conferentie te Lissabon hierover.
Nederland kan in beginsel instemmen met de door het Voorzitterschap voorgestelde conclusies van de Raad.
7. WHO Framework Convention on Tobacco Control
Onder de vlag van de Wereldgezondheidsorganisatie wordt gewerkt aan de totstandkoming van een wereldwijde Framework Convention on Tobacco Control, inclusief daarbij behorende protocollen. Tijdens de laatste World Health Assembly van 15 t/m 20 mei te Genève is het groene licht gegeven voor de start van de onderhandelingen komend najaar over de inhoud van zo'n Tabaksverdrag, dat wellicht niet eerder dan in 2003 gereed zal kunnen zijn. Voor zover deze onderhandelingen betrekking hebben op elementen van het tabakspreventiebeleid die onder de communautaire bevoegdheid vallen, zullen de Europese Commissie en het EU Raadsvoorzitterschap het voortouw nemen; daar waar het gaat om beleidselementen die onder de nationale bevoegdheid van de EU-lidstaten vallen, ligt het primaat voor de WHO-onderhandelingen bij de landen zelf.
De Commissie zal informatie verschaffen over de stand van de werkzaamheden.
Nederland verwelkomt het streven van de WHO om te komen tot een mondiaal Tabaksverdrag ter nadere regulering van de productie, promotie, handel, distributie et cetera van tabaksproducten.
8. (evt.) Integratie van gezondheidsbeschermingseisen in ander Gemeenschapsbeleid
Toelichting, karakter bespreking en inzet
Het Portugese EU Voorzitterschap heeft nog geen informatie gegeven over dit eventuele agendapunt. Ook zijn er geen documenten voor dit punt beschikbaar. Waarschijnlijk zal het gaan om de gebruikelijke aandacht in Europees verband voor de uitvoering van de volgende bepaling van artikel 152 van het EG-Verdrag: «Bij de bepaling en uitvoering van elk beleid en elk optreden van de Gemeenschap wordt een hoog niveau van bescherming van de menselijke gezondheid verzekerd». Voor Nederland is dit altijd een belangrijke bepaling.
9. Witboek van de Commissie over voedselveiligheid (doc. COM (1999) 719)
De Europese Commissie publiceerde op 12 januari 2000 het Witboek inzake voedselveiligheid. De Commissie beoogt met dit Witboek maatregelen voor te stellen die de hoogste standaarden nastreven en die het vertrouwen van de consument in voedingsmiddelen, na de diverse incidenten op het gebied van voedselveiligheid, zal herstellen. De wetgeving ten aanzien van alle aspecten van voedselproducten (de hele productieketen, d.w.z. van «farm to table») dient hiertoe te worden verbeterd. De Commissie schetst daartoe in haar Witboek ruim 80 wetgevingsinitiatieven (deels amendering van bestaande EG-regelgeving) die in de komende vijf jaar hun beslag moeten krijgen.
Een van de belangrijkste voorstellen van het Witboek is te komen tot de oprichting van een onafhankelijke Europese Voedsel Autoriteit (EVA). Deze EVA zal volgens de plannen van de Commissie met name worden belast met:
– het adviseren over alle wetenschappelijke aspecten van voedselveiligheid;
– het verzamelen en analyseren van wetenschappelijke informatie;
– het zorgdragen voor het gaande houden van de dialoog met alle geïnteresseerde partijen;
– het uitvoeren van een «rapid alert system» voor crises.
De Raad heeft in verschillende samenstellingen (Landbouwraad, Consumentenraad, Interne Marktraad) over het Witboek Voedselveiligheid gesproken. Tevens komt dit op de Europese Raad van Feira d.d. 19 en 20 juni a.s. aan de orde en zal het EU Voorzitterschap daarover conclusies trekken. Aangezien de Gezondheidsraad pas daarna vergadert, zal de bespreking niet veel meer behelzen dan informatievoorziening van het Voorzitterschap en de Commissie over de uitkomsten van de Europese Raad.
Nederland kan kennisnemen van de informatie van het Voorzitterschap en de Commissie. De reactie van de Nederlandse regering op het Witboek is op 31 maart jl. per brief van de Minister van LNV en van mij (kenmerk VVM 00.1024/JB) verzonden aan de Tweede Kamer. Deze reactie is op 30 april 2000 aangeboden aan de Commissie.
10. Mededeling van de Commissie over het voorzorgsbeginsel (doc. COM (2000) 1)
De Commissie presenteerde op 2 februari 2000 de «Mededeling van de Commissie over het Voorzorgsbeginsel». Volgens deze Mededeling vooronderstelt de toepassing van het voorzorgsbeginsel dat potentieel gevaarlijke effecten van een product, proces of activiteit zijn geïdentificeerd, maar dat er onvoldoende wetenschappelijke gegevens beschikbaar zijn om vast te stellen welk risico deze effecten vormen. Voordat kan worden overgegaan tot beschermende maatregelen op basis van het voorzorgsbeginsel, dient een zo volledig mogelijke wetenschappelijke afweging plaats te vinden, waarin ook de wetenschappelijke onzekerheden zoveel mogelijk worden vermeld. Op basis van dergelijke, (nog) incomplete, wetenschappelijke afweging moet vervolgens een politieke afweging worden gemaakt over de vraag of het geïdentificeerde risico wel of niet verantwoord is, en of er maatregelen moeten worden genomen. Bij deze afweging moeten verschillende belangen tegen elkaar afgewogen worden: de bescherming op hoog niveau van het milieu en de gezondheid van mens, dier en plant; het belang de internationale handel niet onnodig te belemmeren; de ontwikkeling van nieuwe technologieën en de kosten van eventuele maatregelen. Een bijkomend probleem bij deze afweging is dat er verschillende interpretaties bestaan over wat een «hoog beschermingsniveau» inhoudt.
De Mededeling is bedoeld als bijdrage aan de lopende discussie over ditonderwerp, zowel binnen de EU als daarbuiten (bijvoorbeeld in WTO-verband).
De Mededeling is al besproken in de Landbouwraad van 20 maart 2000 en in de Milieuraad van 30 maart 2000. De Commissie zal over de stand van de discussie in EU- en internationaal verband verslag doen in de Gezondheidsraad. De Europese Raad van Nice van 7 en 8 december 2000 zal waarschijnlijk uit de verschillende discussies conclusies trekken.
De regering heeft een reactie op de Mededeling verzonden naar de Commissie. Deze reactie is tevens aangeboden aan de Tweede Kamer (zie brief van 17 mei 2000 van Staatssecretaris van Buitenlandse Zaken; kenmerk DIE-314/00). In beginsel staat de regering positief tegenover het initiatief op Gemeenschapsniveau in die zin dat het belang van het onderwerp van de Mededeling ten volle wordt erkend en onderstreept. De Mededeling is echter op verschillende punten nog onvoldoende uitgewerkt zoals in de genoemde brief van de Staatssecretaris van Buitenlandse Zaken is aangegeven. Aan deze brief heeft ook mijn Ministerie meegewerkt.
Het Voorzitterschap zal informatie geven over een conferentie van deskundigen te Porto betreffende de kwaliteit en veiligheid van weefsels en organen van menselijke oorsprong.
Het is mogelijk dat verschillende lidstaten onder het punt «diversen» nog bepaalde zaken aan de orde stellen. Onder dit punt is besluitvorming evenwel niet mogelijk.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-21501-19-43.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.