21 501-19
Gezondheidsraad

nr. 27
MOTIE VAN HET LID M. M. H. KAMP

Voorgesteld 2 december 1997

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

van mening, dat richtlijnvoorstel voor tabaksreclamebeperking ten aanzien van indirecte reclame veel verwarring oproept over wat wel en wat niet is toegestaan;

overwegende, dat dit rechtsonzekerheid tot gevolg heeft;

overwegende, dat dit negatieve gevolgen heeft voor de continuïteit van merkartikelfabrikanten;

verzoekt de regering te bewerkstelligen dat de concept-richtlijn, gedateerd 17 november 1997 als volgt zal worden gewijzigd:

– artikel 2.2. wijzigen in: «The provision of § 1 shall not exclude that a brand name already used both for tobacco products and for other products or services, marketed or offered by the same or by a different firm before (date of publication of the directive), may be used for advertising for these latter products or services, provided that this advertising should be clearly designed to promote the non-tobacco product or service and not confusing similar to advertising which has been previously used for tobacco advertising»;

– artikel 2.3 laten vervallen;

danwel bovenstaande wijzigingen in te brengen op de daartoe geëigende plaats in geval de artikelnummering van de richtlijn op 4 december anders is dan die van de concept-richtlijn van 17 november,

en gaat over tot de orde van de dag.

M. M. H. Kamp

Naar boven