nr. 10
BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Rijswijk, 3 februari 1995
Onderstaand treft u het verslag van de Gezondheidsraad EU van 22 december 1994 aan.
1. Actieplan 1995–1996 voor kankerbestrijding: voorstel tot vaststelling
van een besluit in het kader van artikel 129 Verdrag.
De Commissie deelde mee dat het Europees Parlement amendementen in voorbereiding
heeft die begin 1995 zouden worden behandeld. Om die reden vond enkel een
oriënterende gedachtenwisseling plaats over een drietal punten.
Over de afbakening tussen preventie en zorg met het oog op de reikwijdte
van artikel 129 Verdrag waren de meningen verdeeld. Sommige lidstaten hangen
een enge interpretatie aan, andere lidstaten, waaronder Nederland (NL), zijn
van mening dat er altijd een zekere verwevenheid is met zorg en dat, voorzover
preventie voorop staat, er geen probleem is met betrekking tot artikel 129
Verdrag. Palliatieve zorg zou dan, conform eerdere besluitvorming in de Gezondheidsraad
van 1993, onder het actieprogramma vallen.
Wat betreft de voor het actieprogramma in te stellen Commissie had de
meerderheid een voorkeur voor een gemengd comité, dat wil zeggen zowel
adviesbevoegdheid als beheerstaken. Over de vraag of het comité belast
moet worden met de selectie van projecten bestond geen eenstemmigheid. NL
wees op de bezwaren, waaronder de bureaucratische werking.
Over de hoogte van het noodzakelijk geachte bedrag in het actieprogramma
liepen de meningen ook uiteen. O.a. Duitsland achtte 50 mecu voldoende, NL
bepleitte handhaving van het bedrag van 65 mecu.
2. Bestrijding van AIDS en andere besmettelijke ziekten in het kader van
artikel 129 Verdrag.
a. Verlenging van het Europa tegen AIDS programma.
Besloten is bij wijze van uitzondering het noodzakelijk geachte bedrag
(m.e.n.) in het Besluit op te nemen omdat het een verlenging van een lopend
programma betreft en de benodigde gelden al gevoteerd zijn. Wel is hierbij
de aantekening gemaakt dat hier geen precedentwerking aan kan worden ontleend
t.a.v. het al dan niet opnemen van het m.e.n. in besluiten inzake andere actieprogramma's.
b. Communautaire actieprogramma inzake AIDS en andere besmettelijke ziekten
(1996–2000).
De Commissie introduceerde het voorstel, waarvan de Raad kennis nam.
3. Actieprogramma voor de preventie van drugsverslaving: voorstel voor
een besluit in het kader van artikel 129 Verdrag.
NL benadrukte de noodzaak dat de gezondheidsaspecten van het globale plan
van de EU inzake de bestrijding van drugs exclusief in het programma ex artikel
129 Verdrag aan de orde dienen te komen en wees erop dat de toegevoegde waarde
van het actieprogramma daarin duidelijk tot uitdrukking zou moeten komen.
Ook werd van Nederlandse zijde benadrukt dat sociaal-economische factoren
de aandacht behoeven, omdat deze vaak ten grondslag liggen aan drugsgebruik.
Voorts werd van gedachten gewisseld over de reikwijdte van het programma
(preventie in relatie tot zorg alsmede in-of exclusief alcoholmisbruik en
zowel legale als illegale drugs/medicijnen).
4. Actieprogramma inzake gezondheidsbevordering, voorlichting, opvoeding
en opleiding: voorstel voor een besluit in het kader van artikel 129 Verdrag.
Het voorstel werd toegelicht door de Commissie, waarbij benadrukt werd
dat het gezien moet worden als een alles omvattend kaderprogramma. De Raad
nam hiervan kennis.
5. Richtlijn inzake reclame voor tabaksprodukten: gewijzigd voorstel.
NL handhaafde, ondanks een door het voorzitterschap ingediend compromisvoorstel
het eerder ingenomen standpunt, daarin gesteund door het Verenigd Koninkrijk,
dat de richtlijn de toets aan het subsidiariteitsbeginsel niet kan doorstaan.
Deze toetsing zal alsnog plaatsvinden, waarna een discussie tussen de Raad,
het Europees Parlement en de Commissie zal plaatsvinden om uit de impasse
te geraken.
6. Mededeling van de Commissie met betrekking tot de veiligheid van bloed
en bloedprodukten.
De mededeling is tijdens de bijeenkomst rondgedeeld. Bespreking vindt
in een later stadium plaats.
De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
E. Borst-Eilers