21 501-18
Sociale Raad

nr. 71
BRIEF VAN MINISTER VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

's-Gravenhage, 3 november 1997

Bijgaand doe ik u het verslag van de Sociale Raad van 7 oktober jl. toekomen.

De eerstvolgende – ingelaste – vergadering van de Sociale Raad zal plaatsvinden op 6 november a.s. in Brussel.

Deze vergadering zal, net als de ingelaste Ecofinraad van 5 november a.s., in het teken staan van de voorbereiding van de buitengewone Europese Raad over werkgelegenheid, die op 21 november in Luxemburg zal plaatsvinden. Voor de Sociale Raad van 6 november staat ook het besluit over «activiteiten terzake van analyse, onderzoek en samenwerking op het gebied van de werkgelegenheid en de arbeidsmarkt» (punt 4 van het verslag), dat op 7 oktober werd aangehouden wederom geagendeerd.

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

A. P. W. Melkert

Verslag Sociale Raad van 7 oktober 1997

ALGEMEEN

De Raad vergaderde voor het eerst met de landen van Midden- en Oost-Europa. Deze «gestructureerde» dialoog werd door alle partijen zeer gewaardeerd. Door de Raad vond besluitvorming plaats over de aanbeveling inzake een parkeerkaart voor mensen met een handicap. Bij de aanvaarde A-punten was het gemeenschappelijk standpunt over de richtlijn chemische agentia, waarover op de Sociale Raad van 24 juni een akkoord was bereikt. Formele aanvaarding van het gemeenschappelijk standpunt over de richtlijn bewijslast, waarover ook op de Sociale Raad van 24 juni j.l een akkoord werd bereikt, vond – eveneens als A-punt – al eerder plaats.

Aan de vooravond van de Raad vond er een diner plaats waarbij de leden van de Sociale Raad en vertegenwoordigers van de Europese sociale partners ideeën naar voren konden brengen met betrekking tot de voorbereiding van de Werkgelegenheidstop van 21 november a.s.

1. Gestructureerde dialoog met de landen van Midden- en Oost-Europa.

De onderwerpen voor deze eerste bijeenkomst in het kader van de gestructureerde dialoog op sociaal terrein waren het acquis communautaire op sociaal terrein en de sociale dialoog. Beide onderwerpen werden ingeleid door een minister van EU-zijde, respectievelijk die van Finland en van Frankrijk.

Door de kandidaat-lidstaten werd de voortgang op beide genoemde terreinen uiteengezet. Daarbij stond voor deze landen het vooruitzicht op toetreding – en de realiteit daarvan – voorop. Allerwegen werd benadrukt dat er al hard gewerkt is aan de incorporatie van het acquis op sociaal terrein en aan het tot stand brengen van een goede sociale infrastructuur. Onderkend werd overigens wel dat er hier en daar nog lacunes bestaan.

Commissaris Flynn wees er ter afsluiting op dat het niet alleen gaat om een aanpassing van de wetgeving maar dat toepassing/handhaving even belangrijke aspecten van het communautaire acquis vormen.

De dialoog zal in de eerste helft van volgend jaar onder Engels voorzitterschap worden voortgezet.

2. Voorbereiding van de buitengewone zitting van de Europese Raad betreffende werkgelegenheid (Luxemburg, 21 november 1997).

Commissaris Flynn en Raadsvoorzitter Juncker gaven een korte nabeschouwing van de discussies tijdens het werkdiner aan de vooravond van de Sociale Raad. De Commissaris lichtte het door de Commissie opgestelde voorstel voor werkgelegenheidsrichtsnoeren toe (bijgevoegd).

De concept-werkgelegenheidsrichtsnoeren zijn opgedeeld in vier «pijlers»:

– het scheppen van een nieuwe ondernemingscultuur;

– «employability»;

– «adaptability»;

– versterking van het beleid voor gelijke kansen.

Alle delegaties hadden zich in een eerste reactie positief uitgesproken over de benadering van de Commissie en verklaarden zich bereid mee te werken. Wel bestonden er her en der aarzelingen bij de wenselijkheid en bruikbaarheid van gekwantificeerde doelstellingen.

Het voorzitterschap kondigde aan te overwegen op 6 november a.s. een vergadering van de Sociale Raad in te lassen, geheel gewijd aan de voorbereiding van de werkgelegenheidstop. Inmiddels is besloten dat deze vergadering inderdaad doorgang zal vinden. Er zal gesproken worden over de door de Commissie voorgestelde werkgelegenheidsrichtsnoeren, over het daaraan ten grondslag liggende (jaarlijkse) gemeenschappelijke rapport van Sociale Raad, Ecofinraad en Europese Commissie en over het door de Commissie (naar aanleiding van de door de lidstaten aangeleverde meerjarenprogramma's) opgestelde jaarlijkse Werkgelegenheidsrapport. Resultaten van deze Raad en van de eveneens aan de voorbereiding van de Werkgelegenheidstop gewijde ingelaste Ecofinraad van 5 november zullen worden gecombineerd in een hoogstwaarschijnlijk op 17 november plaatsvindende Jumbo-bijeenkomst van Sociale Raad en Ecofinraad.

De lidstaten zijn op dit moment nog voorzichtig met het doen van uitspraken over de werkgelegenheidsrichtsnoeren. De standpuntbepaling is alom nog gaande. Dit geldt ook voor Nederland. Mede ter voorbereiding van het Nederlandse standpunt heeft een delegatie van het Kabinet overleg gevoerd met vertegenwoordigers van de Nederlandse werkgevers- en werknemersorganisaties. Ook heeft op 27 oktober een uitgebreide Beneluxtop plaatsgevonden, waaraan ook is deelgenomen door de Ministers van Financiën, van Economische Zaken en van Sociale Zaken van de 3 landen.

3. Herzien werkprogramma van het Employment and Labourmarket Committee (ELMC) voor het tweede halfjaar van 1997.

Na een korte inleiding van de Voorzitter van het ELMC, nam de Raad nota van het herziene werkprogramma. De herziening betreft een aanpassing van het werkprogramma voor 1997 in verband met de aanvaarding van het Verdrag van Amsterdam en de ter gelegenheid daarvan gemaakte afspraak de in het werkgelegenheidshoofdstuk van het Verdrag van Amsterdam opgenomen bepalingen direct te operationaliseren met het oog op de Werkgelegenheidstop.

4. Gewijzigd voorstel voor een besluit van de Raad betreffende activiteiten terzake van analyse, onderzoek en samenwerking op het gebied van de werkgelegenheid en de arbeidsmarkt.

Dit agendapunt kon niet worden afgerond omdat nog niet alle lidstaten hun fiat konden geven aan dit in het licht van het Verdrag van Amsterdam aangepaste voorstel voor een programma van activiteiten op het terrein van werkgelegenheid. Het enige openstaande punt was en blijft het budget. Het voorzitterschap heeft dit onderwerp opnieuw geagendeerd voor de extra Sociale Raad van 6 november, in de verwachting dat een politiek akkoord dan wel mogelijk zal zijn.

5. Compromistekst van het Voorzitterschap betreffende het voorstel voor een richtlijn tot aanvulling van de Europese Vennootschap voor wat betreft de plaats van de werknemers (naar aanleiding van het rapport Davignon).

Onder dit belangrijke agendapunt vond een levendig oriënterend debat plaats over één van de belangrijkste elementen van het richtlijnvoorstel, namelijk de vraag hoe scherp het mandaat van werkgevers- en werknemersvertegenwoordigers om te komen tot afspraken over informatie, consultatie en medezeggenschap zou moeten worden geformuleerd. Tussen de lidstaten die zich hierover daadwerkelijk uitspraken bleken wel meningsverschillen te bestaan.

Enerzijds werd benadrukt dat altijd – zelfs indien werkgevers- en werknemers-vertegenwoordigers in onderling overleg vrijwillig zouden willen afzien van enige vorm van informatie, consultatie en medezeggenschap – een aantal minimum vereisten/referentievoorschriften in werking dienen te treden.

Aan de andere kant stonden lidstaten die van mening zijn dat zo'n inhoudelijke minimumwaarborg niet wenselijk is omdat het partijen te zeer beperkt in hun onderhandelingsvrijheid.

Van Nederlandse zijde is in dit verband benadrukt, dat waarborgen in procedurele zin meer zin hebben dan inhoudelijke minimumvoorschriften. Zo zouden in de samenstelling en besluitvormingsprocedures van de bijzondere onderhandelingsgroep garanties moeten worden ingebouwd, bij voorbeeld door voor te schrijven dat besluiten om geheel van enigerlei vorm van informatie, consultatie en medezeggenschap af te zien bij gekwalificeerde meerderheid moeten worden genomen.

De behandeling van dit dossier wordt op ambtelijk niveau voortgezet, met het oog op het bereiken van politieke overeenstemming op de Raad van 2 december a.s.

6. Voorstel voor een richtlijn van de Raad betreffende de door UNICE, het CEEP en het EVV gesloten raamovereenkomst inzake deeltijdarbeid.

Commissaris Flynn presenteerde het Commissie-voorstel. Dit voorstel inzake deeltijd is gebaseerd op het akkoord dat de sociale partners op Europees niveau in juni in Den Haag hebben gesloten.

Dit akkoord kent een tweeledig doel:

1 het opheffen van discriminatie van deeltijdwerkers en verbetering van de kwaliteit van de deeltijdarbeid;

2 bevorderen van de ontwikkeling van deeltijdarbeid op vrijwillige basis en bijdragen tot een flexibele organisatie van de arbeidstijden die tegemoet komt aan de wensen van werknemers en werkgevers.

Het in het akkoord neergelegde beginsel van non-discriminatie is alleen van toepassing op de arbeidsvoorwaarden. Sociale zekerheidsaspecten zijn uitgesloten. Om objectieve redenen en onder voorwaarden kunnen deeltijdwerkers die slechts incidenteel werkzaamheden verrichten uitgesloten worden van de werking van de richtlijn.

Commissaris Flynn gaf aan nog in discussie te zijn met het Europese Parlement, dat hij over het nu voorliggende richtlijnvoorstel heeft geconsulteerd. In dit verband maakte hij melding van het feit dat het Europese Parlement zijn rol in de bij dit voorstel gevolgde procedure krachtens het Sociaal Protocol te bescheiden vindt.

Er vond geen debat plaat. Het voorzitterschap hoopt dit dossier in december te kunnen afronden.

7. Voorstel voor een verordening van de Raad houdende tweede wijziging van Verordening (EEG) nr. 1360/90 tot oprichting van een Europese Stichting voor Opleiding.

Besluitvorming over dit dossier kon nog niet worden afgerond omdat het advies van het Europese Parlement nog niet beschikbaar is. Zonder dat discussie plaatsvond werd besloten dit onderwerp door te schuiven naar een later moment.

8. Gewijzigde ontwerp-aanbeveling van de Raad inzake een parkeerkaart voor mensen met een handicap.

Met betrekking tot deze aanbeveling kon een politiek akkoord worden bereikt. Met deze aanbeveling wordt beoogd eventueel ongemak als gevolg van het gebruik van verschillende kaarten in verschillende lidstaten (doordat buitenlandse parkeerkaarten niet als zodanig (kunnen) worden herkend) te voorkomen. De aanbeveling betreft alleen de vormgeving van de kaart; nationale regels inzake gebruik en uitgifte hoeven niet te worden aangepast.

9. Witboek van de Commissie over de van de richtlijn betreffende de arbeidstijd uitgesloten sectoren en activiteiten.

De behandeling van dit agendapunt bleef beperkt tot een presentatie van het voorstel door Commissaris Flynn.

Het doel van het witboek is om ervoor te zorgen de beste oplossing te vinden om de veiligheid en de gezondheid van de werkenden te regelen, in verband met de arbeidstijden, die momenteel zijn uitgesloten van het toepassingsgebied van de richtlijn arbeidstijden (93/104/EEG). Het witboek is ook aan de sociale partners aangeboden ter advisering. Daarnaast kunnen anderen voor 31 oktober op de voorstellen van de Commissie reageren.

Het witboek bevat drie delen. Het eerste deel geeft een beschrijving van de actuele situatie. Het tweede deel belicht de mogelijke oplossingen. In het derde deel van het witboek geeft de Commissie vier verschillende opties om te komen tot nadere regelgeving voor de uitgesloten sectoren en activiteiten.

De Commissie kiest in haar conclusie voor de optie die tot gevolg heeft:

– uitbreiding van de volledige bepalingen van de richtlijn (93/104/EEG) betreffende de arbeidstijd tot alle niet-mobiele werknemers;

– uitbreiding tot alle mobiele werknemers van de bepalingen van de richtlijn in verband met:

– jaarlijkse vakantie van vier weken;

– medische keuringen voor nachtarbeiders;

– garantie van passende rusttijden en vaststelling van een maximaal jaarlijks te werken uren.

– invoering of wijziging van specifieke wetgeving voor elke sector of activiteit betreffende de arbeidstijd en rusttijden van mobiele werkers.

Over het op de vervoerssector betrekking hebbende gedeelte van het Witboek heeft een discussie in de Transportraad van 9 oktober plaatsgevonden. De Sociale Raad van 2 december a.s. zal zich in een oriënterend debat over dit onderwerp buigen.

Naar boven