21 501-18
Sociale Raad

nr. 66
BRIEF VAN DE MINISTER VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

's-Gravenhage, 22 mei 1997

Bijgaand doe ik u toekomen het verslag van de vergadering van de Sociale Raad van 17 april jl.

De eerstvolgende bijeenkomst van de Sociale Raad zal plaatsvinden op 12 juni a.s. in Luxemburg.

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

A. P. W. Melkert

Verslag van de vergadering van de Raad van de Europese Unie (Arbeid en Sociale Zaken) 17 april 1997, Luxemburg

Samenvatting

De Raad nam kennis van het werkprogramma van het Comité voor de werkgelegenheid en de arbeidsmarkt (ELC).

De vergadering stond verder in het teken van een politieke discussie over de dossiers «verdeling bewijslast» en «Kalanke». De voorzitter en de Commissie deden vervolgens enkele mededelingen met betrekking tot voorlichting en raadpleging van werknemers, de modernisering en verbetering van de sociale bescherming en het Groenboek nieuwe organisatie van het werk.

1. Werkprogramma ELC

Er heeft een presentatie plaatsgevonden van het werkprogramma voor 1997 van het in december 1996 ingestelde ELC. Het ELC heeft een adviserende taak naar de Sociale Raad op het gebied van werkgelegenheid en arbeidsmarkt.

Het werkprogramma van het ELC bevat de volgende prioriteiten:

– follow-up van de Raad van Dublin om instrumenten te ontwikkelen voor een effectieve monitoring en evaluatie van de werkgelegenheid en de arbeidsmarkt;

– voorbereiding van een bijdrage voor het Interim Rapport voor de Raad van Amsterdam met betrekking tot werkgelegenheid en de arbeidsmarkt;

– voorbereiding van een gezamenlijk Rapport over werkgelegenheid voor de Raad van Luxemburg.

De voorzitter complimenteerde het Comité met de snelheid waarmee het van start is gegaan.

Commissaris Flynn benadrukte dat er 2.5% van het BNP aan werkloosheidsuitkeringen wordt uitgegeven, terwijl er 1% aan werkstimuleringsmaatregelen wordt besteed.

Politieke actie is nodig door alle lidstaten wil men tot resultaat komen, aldus de Commissaris.

Uit de bijdragen aan het debat door de lidstaten werden in het bijzonder de volgende punten gememoreerd.

1. gelijke kansen voor mannen en vrouwen in het verkrijgen van werk zijn zowel vanuit sociaal als economisch oogpunt nodig;

2. de asymmetrie tussen economisch/monetair en sociaal mag geen tegenstelling zijn;

3. versterking van de banden met de sociale partners is nodig voor stabiliteit en effectiviteit;

4. primaire aandacht dient uit te gaan naar jongeren en werkgelegenheid.

Deze punten werden voor verdere uitwerking verwezen naar het ELC.

2. Richtlijn verdeling bewijslast Dit betreft een voorstel van de Europese Commissie voor een richtlijn van de Raad m.b.t. de verdeling van de bewijslast op het gebied van gelijke beloning voor en de gelijke behandeling van mannen en vrouwen.

De Commissie beoogt met dit voorstel een grotere doeltreffendheid van de door de lidstaten getroffen maatregelen ter implementatie van het beginsel van gelijke behandeling van mannen en vrouwen.

Het voorstel is gebaseerd op de procedure van het Sociaal Protocol en raakt dus maar veertien Lid-Staten. Dit houdt tevens in dat de besluitvorming met gekwalificeerde meerderheid plaatsvindt.

Het richtlijnvoorstel bepaalt dat de bewijslast over de eiser en de gedaagde verdeeld moet worden; de eiser moet aannemelijk maken dat er van sexe-discriminatie sprake is, waarna de gedaagde moet bewijzen dat hij niet gediscrimineerd heeft, of dat hij daarvoor geen objectieve redenen heeft.

Het EP advies is uitgebracht. Het EP wil graag een uitgebreidere werkingssfeer en een andere definitie van het begrip indirecte discriminatie.

De Commissie gaf aan op zo kort mogelijke termijn met een gewijzigd voorstel te komen, waarin de belangrijkste opmerkingen van het EP zouden worden verwerkt.

Er bleek, gezien de situatie waarin het EP advies nog hangt, geen vooruitgang te kunnen worden geboekt op dit dossier. Na ontvangst van het Commissievoorstel zullen de besprekingen worden voortgezet. Op de Raad van 12 juni zal het onderwerp opnieuw worden geagendeerd.

3. Kalanke

Dit betreft een voorstel van de Europese Commissie voor een richtlijn van de Raad tot wijziging van richtlijn 76/207/EEG, m.b.t. de tenuitvoerlegging van het beginsel van gelijke behandeling van mannen en vrouwen ten aanzien van de toegang tot het arbeidsproces. Geconcludeerd werd dat er geen overeenstemming over het voorstel mogelijk is en dat verdere behandeling niet zinvol is. Wel werd algemeen onderschreven dat voorkeursbeleid voor vrouwen mogelijk moet blijven. De belangrijkste conclusies van de discussie waren dat:

– alle lidstaten voor een nationaal voorkeursbeleid zijn en van mening zijn dat dit ook mogelijk moet blijven;

– de IGC een geschikte gelegenheid biedt om daartoe de condities te formuleren.

4. Informatie en Consultatie van werknemers

4a. European systems of Worker involvement (High level groep Davignon)

Door de Europese Commissie werd informatie verstrekt over de stand van zaken van de werkzaamheden van de «High-level» groep onder voorzitterschap van Davignon.

De groep Davignon is in december 1996 door de Commissie ingesteld om te adviseren over de problemen met o.a. de medezeggenschapsaspecten in relatie tot de verschillende Europese rechtsvormen van grensoverschrijdende bedrijven.

Van de kant van de Commissie werd gemeld dat de Davignon-groep midden mei haar rapport zal presenteren. (Dit rapport is inmiddels gepresenteerd.)

Dit onderwerp zal op de Raad van 12 juni aan de orde komen.

4b. Renault – sluiting Vilvoorde

Zowel de voorzitter als Commissaris Flynn deden kort verslag over de bespreking op 15 april tussen de sociale partners, voorzitterschap en de Commissie over informatie en consultatie van werknemers bij ingrijpende herstructureringsprocessen.

De conclusies van de bijeenkomst zijn in de bijlage bijgevoegd.

De sociale partners zullen in het kader van de sociale dialoog dit onderwerp verder gaan uitwerken. Op 6 juni zal de Sociale Dialoog Top die in Den Haag zal plaatsvinden, de kwestie bespreken. De voortgang en mogelijke conclusies van de besprekingen zullen op de Raad van 12 juni aan de orde komen.

Tijdens de discussie bleek brede steun te bestaan voor het initiatief van het voorzitterschap, voortvloeiend uit het accoord van de informele Sociale Raad in Rotterdam en voor de verbinding die nu tot stand is gebracht met de Europese Sociale Dialoog.

De Commissie kondigde verder aan een voorstel voor een regeling van de (minimum-voorwaarden voor) nationale medezeggenschap binnenkort aan sociale partners voor te zullen leggen voor de eerste fase van consultatie onder het Protocol.

5. Sociale bescherming

Door de Europese Commissie is de mededeling betreffende «De modernisering en verbetering van de sociale bescherming in de Europese Unie» gepresenteerd.

Deze mededeling is een vervolg op de Mededeling «De toekomst van de Sociale Bescherming: een Europees debat» gebaseerd op de reacties van de lidstaten, sociale partners en anderen. Tevens zijn de uitkomsten van de conferentie van het Nederlands Voorzitterschap «Social policy and economic performance» geïncorporeerd.

Over de vervolgaanpak zal worden gesproken door de Raad op 12 juni.

6. Diversen

Commissaris Flynn maakte bekend dat de Commissie zojuist het groenboek organisatie van de arbeid heeft aanvaard. Hij gaf drie aanleidingen voor de publicatie van dit groenboek:

1. jongere mensen zijn beter opgeleid en bieden dus meer «human resources» potentieel;

2. consumenten zijn veeleisender geworden en willen meer diversiteit;

3. nieuwe technologieën leiden tot nieuwe kansen en knelpunten.

Deze ontwikkelingen hebben gevolgen op terreinen als opleiding, arbeidsrecht, arbeidstijden, beloning, sociale zekerheid, arbeidsmarkt, gelijke kansen en het MKB.

Reacties op het Groenboek worden voor november 1997 verwacht.

Naar boven