Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2013-201421501-08 nr. 500

21 501-08 Milieuraad

Nr. 500 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 18 februari 2014

Hierbij ontvangt u een aanvulling op de geannoteerde agenda van de

Milieuraad die op 3 maart 2014 in Brussel plaatsvindt. Op verzoek van een aantal lidstaten en de Commissie is zeer recent nog het volgende agendapunt toegevoegd:

  • Genetisch Gemodificeerde Organismen (GGO’s),

alsmede de volgende diversenpunten:

  • Bestrijding van de handel in wilde dieren en planten

  • Herziening best beschikbare technieken voor grote stookinstallaties

  • Stand van zaken ratificering Kyoto Protocol voor de tweede verplichtingenperiode

  • Aanbeveling voor de exploratie en productie van koolwaterstoffen (schaliegas).

Genetisch Gemodificeerde Organismen (GGO’s)

Uw Kamer wordt met een aparte kabinetsreactie geïnformeerd over de stand van zaken betreffende de lopende aanvragen voor markttoelating van genetisch gemodificeerde gewassen en het kabinetsbeleid inzake ggo’s.

Bij de Milieuraad vindt een bespreking plaats van het Commissievoorstel voor een richtlijn die lidstaten mogelijkheden biedt om teelt van in Europa toegelaten genetisch gemodificeerde gewassen (gg-gewassen) op eigen grondgebied te beperken of te verbieden.

Voor deze bespreking heeft het Griekse voorzitterschap een nieuw compromisvoorstel opgesteld dat globaal op het volgende neerkomt:

  • Tijdens de procedure tot toelating tot de markt (voor de teelt van een gg-gewas) kunnen lidstaten de vergunningaanvrager vragen om hun (deel van het) grondgebied uit te sluiten van de aanvraag voor toelating. Op deze wijze kan dus op een eenvoudige manier invulling worden gegeven aan de wens van een lidstaat om teelt van gg-gewassen op het eigen grondgebied te weren.

  • Mocht evenwel de aanvrager daar niet mee instemmen dan kan, volgens het voorstel, de lidstaat alsnog een nationale maatregel nemen. Een dergelijke maatregel mag niet gebaseerd zijn op (milieu)veiligheid. Het gaat immers om de teelt van een ggo dat in de EU is toegelaten op basis van een risicobeoordeling.

Het voorzitterschap denkt met dit voorstel tegemoet te zijn gekomen aan de wensen van enkele lidstaten.

Nederlandse inzet

Nederland pleit er al sinds 2009 in Europa voor dat lidstaten de mogelijkheid krijgen om de teelt van in de EU toegelaten gg-gewassen op eigen grondgebied te beperken of verbieden om andere redenen dan (milieu)veiligheid bijvoorbeeld omwille van sociaaleconomische redenen. Op initiatief van Nederland heeft de Europese Commissie hiervoor in 2010 een voorstel geformuleerd waarover sindsdien in Europa is onderhandeld. Dat heeft uiteindelijk geleid tot het voorliggende Griekse compromisvoorstel.

Het kabinet is van mening dat het voorliggende voorstel op een positieve wijze maatwerk mogelijk maakt bij de toelating van teelt van gg-gewassen in de EU en Nederland zal dan ook met klem aandringen op een spoedige behandeling van het voorstel. Voor een meer gedetailleerde positiebepaling zal het voorstel nog nader bestudeerd moeten worden.

Diversenpunten

Bestrijding van de handel in wilde dieren en planten

De Commissie heeft op 7 februari 2014 een mededeling uitgebracht over de aanpak van de bestrijding van de handel in wilde dieren en planten en zal deze op de Milieuraad presenteren. De mededeling is de start van een publieke consultatie over de vraag hoe de EU effectiever dan tot nu, hieraan kan bijdragen. De Commissie constateert dat een gecoördineerde en alomvattende aanpak ontbreekt. De publieke consultatie sluit op 10 april 2014.

Herziening BREF-Document voor grote stookinstallaties

Tsjechië vraagt onder dit diversenpunt om een intensievere betrokkenheid van experts bij de herziening van het document waarin de best beschikbare technieken (BREF-document) voor grote stookinstallaties worden beschreven om emissies naar het milieu tot een minimum te beperken.

Stand van zaken ratificering Kyoto Protocol voor de tweede verplichtingenperiode

De Commissie zal de Milieuraad informeren over hoe het staat met de ratificering van de herziening van het Kyoto protocol. De Commissie heeft hierover een voorstel uitgebracht. Na de bekrachtiging door de Europese Unie moeten de lidstaten ook hun eigen bekrachtigingsprocedure tot een goed einde brengen. Hierna zullen de Europese Unie en de lidstaten overeenkomstig de gangbare praktijk gelijktijdig hun akten van aanvaarding neerleggen. Dit moet ruime tijd voor de klimaatconferentie van Parijs eind 2015 gebeuren. In Nederland is het proces om te ratificeren in gang gezet.

Aanbeveling voor de exploratie en productie van koolwaterstoffen (schaliegas)

Onderdeel van het Klimaat- en energiepakket 2020–2030 dat de Commissie op 22 januari heeft uitgebracht is de aanbeveling met minimumvereisten voor de exploratie en productie van koolwaterstoffen, waaronder in het bijzonder schaliegas. De Commissie zal de Milieuraad hierover nader informeren.

Ik hoop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

De Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, W.J. Mansveld