Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2011-201221501-08 nr. 431

21 501-08 Milieuraad

Nr. 431 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ECONOMISCHE ZAKEN, LANDBOUW EN INNOVATIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 20 juni 2012

Bijgaand zend ik u het onderzoek naar de impact van de concept Europese Structuurfondsverordeningen 2014–2020 op de administratieve lasten en uitvoeringskosten in Nederland1. Dit onderzoek heb ik u op 16 november 2011 toegezegd (Tweede Kamer, vergaderjaar 2011–2012, 21 501-08, nr. 396).

Het onderzoek geeft aan dat de administratieve lasten en uitvoeringskosten in de periode 2014–2020 slechts beperkt verschillen van de periode 2013–2017. Dit komt door twee oorzaken. Ten eerste veranderen de Europese regels (Structuurfondsverordeningen) nauwelijks. Ten tweede vloeit een deel van de administratieve lasten en uitvoeringskosten voort uit andere (Europese) regelgeving dan de Structuurfondsverordeningen. Dit laat onverlet dat ik in zal blijven zetten op verlaging van administratieve lasten en uitvoeringskosten in de nieuwe periode. De specifieke punten uit het onderzoek waarop verlaging van administratieve lasten en uitvoeringskosten kan worden bereikt zijn in lijn met de inzet van Nederland (BNC-fiche, Tweede Kamer, vergaderjaar 2011–2012, 22 112, nr. 1246). Deze punten zijn in de onderhandelingen over de verordeningen door Nederland steeds ingebracht en deze punten zal ik ook in de toekomst inbrengen. Bij de totstandkoming van lagere Europese regelgeving zal Nederland er scherp op toezien dat deze regels niet leiden tot een verzwaring van de administratieve lasten en uitvoeringskosten. Bij operationalisering in Nederland zal het verminderen van administratieve lasten en uitvoeringskosten een belangrijk aandachtspunt zijn.

Dit onderzoek gaat over administratieve lasten en uitvoeringskosten (efficiëntie). Dit is slechts één aspect van structuurfondsen. Andere aspecten zijn effectiviteit, impact en rechtmatigheid. Het doel is projecten die bijdragen aan innovatie en aan duurzame economische groei in Nederland. In mijn brief van 17 april 2012 (Tweede Kamer, vergaderjaar 2011–2012, 21 501-08, nr. 423) heb ik enkele voorbeelden van dergelijke projecten gegeven.

De staatssecretaris van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, H. Bleker


X Noot
1

Ter inzage gelegd bij het Centraal Informatiepunt Tweede Kamer.