Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2011-201221501-07 nr. 842

21 501-07 Raad voor Economische en Financiële Zaken

Nr. 842 BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 27 september 2011

Hierbij zend ik u de geannoteerde agenda voor de Eurogroep en Ecofin Raad van 3 en 4 oktober te Luxemburg.

Het is mogelijk dat nog punten worden toegevoegd aan de agenda of dat bepaalde onderwerpen worden afgevoerd of worden uitgesteld tot de volgende vergadering.

De minister van Financiën,

J. C. de Jager

Geannoteerde Agenda van de Eurogroep en Ecofin Raad van 3 en 4 oktober te Luxemburg

1. Griekenland: EU/IMF-review en zesde tranche

Op 2 september werd bekend dat de missie van de Trojka tijdelijk is afgebroken. Deze periode is door de Griekse autoriteiten gebruikt om verder te werken aan de conceptbegroting voor 2012. De Trojka zal zijn missie, na Griekse toezeggingen omtrent additionele maatregelen, deze week hervatten. Het is op dit moment niet duidelijk wanneer de missie kan worden afgerond en wanneer de review beschikbaar komt. Ik zal de Tweede Kamer in elk geval zo snel mogelijk nadat de review is afgerond, informeren over de belangrijkste conclusies en over de Nederlandse inzet t.a.v. de vrijgave van de zesde tranche. Er is thans nog geen nieuwe informatie aan de Tweede Kamer te melden.

2. Follow-up Eurotop 21 juli

Op ambtelijk niveau is de afgelopen weken gewerkt aan de uitwerking van de nieuwe EFSF/ESM-instrumenten te weten preventieve kredietverlening, financiering van herkapitalisatie van financiële instellingen via leningen aan lidstaten en tot slot interventies op de secundaire markt voor staatsobligaties. Daarnaast is in technische zin gesproken over de uitwerking van de mogelijkheid voor het EFSF om te interveniëren op de primaire markt voor staatsobligaties in lijn met de besluitvorming van de Eurotop van 11 maart 2011. In de Eurogroep zal erover worden gesproken hoever het thans staat met de uitwerking van deze instrumenten. Niet duidelijk is op dit moment of men al tot (gedeeltelijke) besluitvorming kan overgaan op 3 oktober. In dat geval zou Nederland wederom de voorwaarde van parlementaire goedkeuring markeren. Zoals ik eerder aan de Tweede Kamer heb toegezegd, zal de Tweede Kamer bij de Algemene Financiële Beschouwingen de gelegenheid krijgen zich hierover uit te spreken alvorens tot definitieve besluitvorming over de vormgeving van deze instrumenten zal worden overgegaan.

Zoals reeds vermeld in het verslag van de informele Ecofin en Eurogroep van 16 en 17 september (kamerstuk 21 501-07, nr. 841) wordt er verder gewerkt aan een oplossing in de onderpanddiscussie. In deze discussie is al duidelijk dat wanneer er onderpand beschikbaar zal komen dat dit tegen een passende prijs zal zijn, zodra hier meer over bekend wordt zal ik de Tweede Kamer hierover informeren.

Ik hecht eraan de Kamer in dit verband te informeren over de stand van zaken rond de nationale procedures omtrent de raamwerkovereenkomst van het EFSF. Alle ministers van Financiën van de eurolanden hebben inmiddels de gewijzigde EFSF raamwerkovereenkomst ondertekend. Evenals andere landen heeft Nederland de gewijzigde EFSF raamwerkovereenkomst ondertekend onder voorbehoud van parlementaire goedkeuring. Het EFSF heeft de gewijzigde raamwerkovereenkomst op 21 september jl. op zijn website geplaatst onder de volgende link: http://www.efsf.europa.eu/about/legal-documents/index.htm. In een aantal lidstaten zijn de nationale procedures inmiddels afgerond. In Duitsland zal de Bondsdag op 29 september zich uitspreken over de Duitse wet die de goedkeuring en nationale parlementaire betrokkenheid regelt. Begin oktober tijdens de Algemene Financiële Beschouwingen krijgt de Kamer de gelegenheid om zich uit te spreken over een incidentele suppletoire begroting met betrekking tot de verhoging van het garantieplafond samenhangend met de looptijdverlenging van EFSF-leningen die is opgenomen in de EFSF-raamwerkovereenkomst. Nederland zal daarmee een van de twee laatste landen zijn, waar de nationale procedures worden afgerond voor flexibilisering van het EFSF.

3. Economic governance

Document: Conceptverordeningen Stabiliteits- en Groeipact en procedure voor macro-economische onevenwichtigheden en conceptrichtlijn minimumeisen aan nationale begrotingsraamwerken.

Aard bespreking: Besluitvorming

Besluitvormingsprocedure: Bij vier van de zes voorstellen geldt de gewone wetgevingsprocedure (medebeslissing Europees Parlement). Bij twee van de zes voorstellen wordt het Europees parlement geconsulteerd). Bij vijf van de zes wetsvoorstellen geldt gekwalificeerde meerderheid in de Raad. Bij een van de zes voorstellen (de correctieve arm van het SGP) geldt unanimiteit in de Raad

Toelichting: Zoals eerder gemeld in het verslag van de Eurogroep en de informele Ecofin Raad te Wroclaw op 16 en 17 september hebben ministers reeds aangegeven akkoord te kunnen gaan met het informele compromis dat is bereikt tussen het EP en de Raad over het governancepakket. Dit akkoord is in lijn met de Nederlandse inzet zoals eerder met de Tweede Kamer besproken. Het pakket ligt ter formele bekrachting voor in het EP tijdens de plenaire sessie eind september en daarna in de Raad van 4 oktober.

4. Regulering voor Over The Counter (OTC) derivaten, centrale tegenpartijen en transactieregisters

Document: Raadscompromis, niet openbaar

Aard bespreking: De Raad zal trachten te komen tot een algemene oriëntatie

Besluitvormingsprocedure: gekwalificeerde meerderheid

Toelichting: De European Markets Infrastructure Regulation (EMIR) geeft invulling aan de G20 afspraken om Over The Counter (OTC) derivaten waar mogelijk centraal te clearen en aan een rapportage verplichting te onderwerpen. De European Securities and Markets Authority (ESMA) zal aan de hand van vastgestelde criteria bepalen welke OTC derivaten in aanmerking komen om verplicht centraal gecleard te worden. Niet alle OTC derivaten zullen in aanmerking komen om centraal gecleard te worden. Aan deze niet centraal geclearde derivaten worden risicomitigerende eisen gesteld zoals het uitwisselen van onderpand. De centrale clearing zal via centrale tegenpartijen gebeuren. Deze centrale tegenpartijen zullen als gevolg van de verordening aan strenge eisen moeten voldoen en zullen onder toezicht komen te staan. Nederland steunt centrale clearing waar dit systeem risico vermindert. Nederland is van mening dat het toepasselijk is dat wanneer centrale clearing verplicht wordt, er strenge eisen worden opgelegd aan, en goed toezicht komt op centrale tegenpartijen. Dit toezicht zou volgens Nederland zoveel mogelijk Europees moeten geschieden. De kosten die verbonden zijn aan centrale clearing zouden voor pensioenfondsen onevenredig hoog zijn. Gezien pensioenfondsen volgens Nederland geen systeem risico vormen omdat zij een zeer prudent risicoprofiel opgelegd krijgen, zouden ze uitgezonderd moeten worden van de verordening totdat de kosten problematiek is opgelost. Om een goed beeld te krijgen van de OTC derivaten markt is het volgens Nederland essentieel dat alle derivaten gerapporteerd worden aan transactieregisters. De toegang tot data voor alle relevante toezichthouders is van grootbelang. Gezien het grensoverschrijdende karakter van transactieregisters zou dit toezicht door ESMA verricht moeten worden.

5. Internationale bijeenkomsten: Follow-up IMF jaarvergadering en follow-up en voorbereiding bijeenkomsten G20 ministers van Financiën

Document: niet openbaar

Aard bespreking: gedachtenwisseling

Besluitvormingsprocedure: n.v.t.

Toelichting: Op de Ecofin Raad zal een terugkoppeling worden gegeven van de IMF jaarvergadering van 22 en 23 september en de bijeenkomst van de G20 ministers van Financiën en centralebankpresidenten, die en marge van de jaarvergadering plaatsvond. Daarnaast wordt de volgende bijeenkomst van de G20-ministers van Financiën en centralebankpresidenten van 13-15 oktober worden voorbereid.

Zowel in de G20 als in de jaarvergadering van het IMF is gesproken over de zorgelijke internationale economische situatie. De G20-landen en de IMFC-leden hebben uitgesproken dat ze vastberaden zijn gecoördineerd op te treden om de crisis te bestrijden. In het IMFC is afgesproken dat het IMF hier een belangrijke rol in moet spelen. Voor de ontwikkelde economieën betekent dit dat het vertrouwen moet worden hersteld door geloofwaardige fiscale consolidatieplannen door te voeren. Bovendien zal ervoor moeten worden gezorgd dat banken voldoende sterke kapitaalposities hebben. De eurolanden hebben verder toegezegd de afspraken van 21 juli te implementeren. Opkomende economieën hebben ondanks de aanzienlijke stabiliteit en groei van de afgelopen tijd ook een rol te spelen. Deze landen moeten oververhitting voorkomen, zich wapenen tegen volatiele kapitaalstromen en waar mogelijk de binnenlandse vraag aanjagen.

De bijeenkomst van de G20 ministers van Financiën en centralebankpresidenten van 13-15 oktober zal voortborduren op hetgeen in Washington is besproken, met het oog op de komende G20-top in november. De Europese inzet is vastgelegd in een Terms of Reference, die door Nederland wordt gesteund. Hierin wordt aangedrongen op concrete, landenspecifieke toezeggingen in het kader van het Framework for Growth, waarbinnen de G20-leden afspraken maken over economische hervormingen. Verder pleit de EU onder andere voor versterkte surveillance door het IMF, coherente aanbevelingen over het beheer van kapitaalstromen en een krachtige inzet op hervorming van regelgeving en toezicht op de financiële sector.

6. Klimaatfinanciering: Voorbereiding 17de UNFCCC Conference of Parties

Document: Concept Raadsconclusies; niet openbaar

Aard bespreking: aanname raadsconclusies

Besluitvormingsprocedure: unanimiteit

Toelichting: Ter voorbereiding van de internationale klimaattop in Durban (november 2011) liggen er, ter aanname, raadsconclusies voor over de financiering van het internationale klimaatbeleid. Deze raadconclusies zijn een belangrijke bouwsteen voor de Europese inzet in Durban ten aanzien van de financiële vraagstukken.

De conclusies benadrukken dat in het licht van de hoge schuldenlast van veel lidstaten de bijdrage aan internationale klimaatfinanciering moet passen binnen de principes van het verantwoord beheer van overheidsfinanciën door transparante, effectieve en efficiënte besteding van deze bijdragen in ontwikkelingslanden. Deze internationale klimaatfinanciering kan uit verschillende bronnen afkomstig zijn, waaronder private, publieke en innovatieve stromen en moet passen binnen de context van betekenisvolle en meetbare acties van met name opkomende economieën om hun CO2 uitstoot te verlagen. Het is van belang dat de EU toewerkt naar het identificeren van een pad voor het opschalen van klimaatfinanciering tussen 2013 en 2020. Het G20 rapport over bronnen van lange termijn klimaatfinanciering kan deze discussie voeden. Tevens wordt het werk van het Transitional Committee, verantwoordelijk voor het ontwerp van het Green Climate Fund, in de concept raadsconclusies aangemoedigd.

De Nederlandse inzet zal zich richten op het behoud van flexibiliteit voor de Nederlandse invulling van een mogelijke bijdrage aan lange termijn klimaatfinanciering. Eventuele financiële toezeggingen moeten passen binnen de financiële kaders van het Regeerakkoord, te weten: te weten: uitgaven voor ontwikkelingssamenwerking van 0,8% BNP/ODA worden teruggebracht naar gemiddeld 0,7% BNP/ODA (vanaf 2012) per jaar in de kabinetsperiode (inclusief internationaal klimaatbeleid).

7. Budgettaire exit strategie

Document: niet openbaar

Aard bespreking: gedachtewisseling

Besluitvormingsprocedure: n.v.t.

Toelichting: In de Ecofin Raad zal een gedachtewisseling plaatsvinden over de strategie, die nodig is om tekorten in lidstaten terug te dringen (budgettaire exit strategie). De discussie zal plaatsvinden op basis van een Commissierapport over de budgettaire situatie in de eurozone. Hierin stelt de Commissie dat de groeivertraging in de tweede helft van 2011 nog geen gevolgen lijkt te hebben voor de eerdere Commissievoorspellingen voor 2011, maar naar alle waarschijnlijkheid wel voor groeiverwachtingen voor 2012 en dat tegelijkertijd de neerwaartse risico’s aanzienlijk zijn toegenomen. De nieuwe groeivoorspellingen van de Commissie voor 2011 (interim forecasts) zullen op korte termijn door de Commissie openbaar worden gemaakt.

Op Estland, Finland, en Luxemburg na bevinden zich alle eurolanden in de buitensporigtekortprocedure. De deadline voor het merendeel van de eurolanden om hun tekort terug te brengen naar minder dan 3% BBP is 2013. Uitzonderingen zijn  Italië en België (2012), Griekenland (2014) en Ierland (2015). Voor Duitsland, Malta en Nederland is de verwachting op dit moment nog steeds dat zij in 2011 of 2012 onder de grenswaarde van 3% BBP gaan uitkomen. Hierbij moet worden opgemerkt dat het niet zeker is dat de Europese buitensporigtekortprocedure voor Nederland wordt beëindigd zodra het tekort is teruggebracht naar minder dan 3% BBP omdat de EMU-schuld, die nu boven de Europese schuldengrens van 60% BBP ligt, naar verwachting nog steeds toeneemt.

Met het oog op de huidige groeivertraging en de aanvullende uitdagingen die dit met zich brengt voor budgettaire consolidatie acht het kabinet het noodzakelijk dat landen de financiële markten ervan overtuigen dat zij de gestelde deadlines uit de buitensporigtekortprocedures gaan halen. Eerste vereiste is dat elke lidstaat een meerjarig consolidatiepad opstelt waarin voldoende concrete maatregelen staan gespecificeerd. Een regelmatige beoordeling door de Ecofin Raad van de voortgang die lidstaten boeken met het implementeren van consolidatiemaatregelen door de Ecofin Raad kan aanvullend een belangrijke bijdrage leveren aan versterken van het vertrouwen in het succesvol herstel van budgettaire discipline.

8. Implementatie buitensporigtekortprocedure

Document: niet openbaar

Aard bespreking: gedachtewisseling

Besluitvormingsprocedure: n.v.t.

Toelichting: In de Ecofin Raad zal gesproken worden over de vooruitgang die landen boeken in de buitensporigtekortprocedure sinds de laatste voorjaarsramingen op basis van een analyse van de Commissie.

De Commissie constateert dat Frankrijk, Hongarije, Slovenië, Italië, Cyprus en Spanje sinds juni extra stappen hebben genomen naar aanleiding van de tegenvallende groeicijfers en/of ontwikkelingen op de financiële markten. Voor Cyprus en Italië leiden de extra maatregelen bij volledige implementatie tot een correctie van het begrotingstekort die verder gaat dan wat de Raad eerder had aanbevolen.

De situatie in Hongarije baart Nederland zorgen. Immers komt het structurele begrotingstekort van Hongarije volgens de laatste voorjaarsramingen van de Commissie uit op 5,2% BBP in 2011. Dat het feitelijke tekort in 2011 wordt weggewerkt is het gevolg van tijdelijke maatregelen.

9. Vacature ECB-bestuur

In de Eurogroep zal gesproken worden over de vervulling van de recent ontstane vacature in het bestuur van de ECB. Lidstaten kunnen tot en met 27 september kandidaten aandragen. De Eurogroep zal op basis van de beschikbare kandidaten naar verwachting afspraken maken over het vervolgproces.

10. Update Icesave

Er is geen nieuwe informatie t.o.v. laatste update in de Geannoteerde Agenda voor de Eurogroep en de Informele Ecofin Raad van 16 en 17 september j.l. (kamerstuk 21 501-07, nr. 837).