21 501-07 Raad voor Economische en Financiële Zaken

Nr. 806 BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 6 juni 2011

Meteen na verschijning op 3 juni jl. van de verklaring van het IMF, de Europese Commissie en de ECB over het Griekse programma informeerde ik uw Kamer over de belangrijkste conclusies hiervan (kamerstuk 21 501-07, nr. 805). Deze brief biedt op een aantal onderdelen meer informatie. Ik wil benadrukken dat tot op heden nog geen besluitvorming heeft plaatsgevonden.

Zoals ik u in mijn vorige brief meldde, concludeerden het IMF, de Europese Commissie en de ECB (de Trojka) tijdens hun meest recente bezoek aan Athene dat het Griekse programma van de rails dreigde te raken. Hoewel Griekenland het begrotingstekort in 2010 met 5% BBP terugbracht, was dit minder dan in het programma werd gevraagd. Griekenland liep recentelijk ook vertraging op bij de implementatie van een aantal essentiële structurele hervormingen. Daarop is geconcludeerd dat het uitermate twijfelachtig is of Griekenland zich in de loop van 2012 zelfstandig zou kunnen financieren, zoals in het programma was voorzien.

De Trojka heeft met de Griekse regering onderhandeld over een nieuw, steviger beleidspakket met daarin een reeks van nieuwe maatregelen. Gegeven het feit dat Griekenland naar alle waarschijnlijkheid niet reeds in 2012 terug kan naar de markt is bovendien een « financieringsgat» ontstaan. Dit gat zal moeten worden gedicht.

Ten aanzien van het beleidspakket constateert de Trojka dat Griekenland extra maatregelen moet specificeren op het structurele en budgettaire vlak. Om verdergaande budgettaire consolidatie te behalen, zijn omvangrijke en structurele budgettaire hervormingen nodig. Griekenland zal in 2011 3% BBP aan maatregelen nemen om het tekort terug te brengen. Voor wat betreft de structurele hervormingen zal de nadruk moeten liggen op hervormingen die de export bevorderen en de economische groei stimuleren.

De Trojka bereikte inhoudelijk op zowel de budgettaire als de structurele maatregelen overeenstemming met Griekenland. Ook werden stevige afspraken gemaakt over de privatiseringen die door een onafhankelijk agentschap in Griekenland dienen te worden doorgevoerd en die tot en met 2015 in totaal 50 miljard euro zullen genereren.

Waar op dit moment nog over gesproken wordt, is de financiering. Vanwege het financieringsgat dat het IMF constateert, zal additionele financiering nodig zijn. Het dichten van dit financieringsgat zal ook nodig zijn om het IMF aan boord te houden. De interne regels van het IMF verbieden namelijk dat het IMF deelneemt aan een programma waarin sprake is van een financieringsgat. Op dit moment is nog niet duidelijk hoeveel additionele middelen nodig zouden zijn. Hierover wordt momenteel gesproken door het IMF, de Europese Commissie en de ECB.

Zoals ik altijd heb benadrukt, werd Nederlandse deelname aan het leningenprogramma voor Griekenland van het IMF en de eurolanden dat in mei 2010 werd overeengekomen niet ingegeven door solidariteit met Griekenland. Het Griekse leningenprogramma is noodzakelijk voor behoud van de financiële stabiliteit in het eurogebied.

Nederland heeft vanaf het begin zeer strikte voorwaarden gesteld aan zijn deelname aan het Griekse programma. Nederland was aanvankelijk bijvoorbeeld het enige euroland dat volledige betrokkenheid van het IMF eiste. Ook hechtte Nederland sterk aan een strikt en ambitieus pakket beleidscondities om zo de nodige consolidatie en hervormingen in Griekenland af te dwingen. De voorwaarden die Nederland stelde waren erop gericht te zorgen dat het aan Griekenland geleende geld volledig terugbetaald wordt.

Conclusie

De Trojka heeft op 3 juni overeenstemming bereikt met de Griekse regering over een omvattend beleidspakket. Het volledige rapport van de Trojka is op dit moment nog niet beschikbaar, maar ik verwacht dat dit snel komt. Zodra dat het geval is, zal ik dit de Kamer doen toekomen (indien noodzakelijk vertrouwelijk ter inzage) en zal ik u per brief zo snel mogelijk een Nederlandse appreciatie geven van de beleidscondities die hierin zijn vastgesteld. Nederland vindt het belangrijk dat in het programma ook sterke aandacht is voor de zorgvuldige implementatie van de structurele hervormingen die nodig zijn om de potentiële groei van Griekse economie te verbeteren.

Tot op heden is er nog geen duidelijkheid over de precieze omvang van de additionele financiering die nodig zal zijn ter dekking van het financieringsgat. Dit is mede afhankelijk van de betrokkenheid van de private sector. Ik verwacht dat hier binnenkort, in de aanloop naar de Eurogroep vergadering van 20 juni, meer duidelijkheid over komt. Ik wil benadrukken dat Nederland zich op dit moment nog op geen enkele manier heeft gecommitteerd aan iets dat verder reikt dan het programma dat in mei 2010 met Griekenland is overeengekomen.

Zodra er meer informatie is over het pakket beleidsmaatregelen en over de modaliteiten van financiering, zal ik uw Kamer hiervan zo snel mogelijk op de hoogte brengen. Ik zeg u toe dat, voordat er in de Eurogroep besluitvorming plaatsvindt, de Kamer uiteraard de gelegenheid zal hebben hierover met mij te debatteren.

Ik hoop u hiermee voldoende geïnformeerd te hebben.

De minister van Financiën,

J. C. de Jager

Naar boven