Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2010-201121501-07 nr. 755

21 501-07 Raad voor Economische en Financiële Zaken

Nr. 755 BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 7 oktober 2010

Hierbij zend ik u de geannoteerde agenda voor de Eurogroep, de Ecofin Raad en de Van Rompuy werkgroep van 18 en 19 oktober 2010 te Luxemburg.

Het is mogelijk dat nog punten worden toegevoegd aan de agenda of dat bepaalde onderwerpen worden afgevoerd of worden uitgesteld tot de volgende vergadering.

De minister van Financiën,

J. C. de Jager

Geannoteerde Agenda van de Eurogroep, de Ecofin Raad en de Van Rompuy werkgroep van 18 en 19 oktober 2010 te Luxemburg

Ecofin Raad

1. Economische en financiële situatie

Document: n.v.t.

Aard bespreking: Gedachtewisseling

Besluitvormingsprocedure: n.v.t.

Toelichting: Tijdens de Eurogroep en de Ecofin zal gesproken worden over de economische en financiële situatie.

Het economisch herstel verloopt in grote lijnen zoals verwacht, hoewel neerwaartse risico’s significant blijven. Nieuwe ramingen van het IMF gaan ervan uit dat de mondiale economie in 2010 met 4,8% zal groeien, afzwakkend naar 4.2% in 2011.

Net als in het voorjaar verwacht het IMF een ongelijk herstel, waar met name de opkomende economieën een sterk groei laten zien, terwijl de economische groei in de ontwikkelde landen nog gematigd is. Bovendien is die groei in ontwikkelde landen sterk afhankelijk van steunpakketten, die naar verwachting vanaf de tweede helft van 2010 geleidelijk worden ingetrokken.

De verwachtingen ten aanzien van de groei in het eurogebied zijn voor 2010 in lijn met de interim voorspelling van de Europese Commissie (EC), namelijk 1.7%. Het gemiddelde van het eurogebied wordt naar beneden gehaald door krimp in Spanje (– 0.3% in 2010) en in Griekenland (– 4.0% in 2010). Duitsland zal naar verwachting in 2010 een relatief hoge groei tonen, namelijk 3,3%. Voor 2011 wordt voor het eurogebied een iets afnemende groei verwacht, namelijk 1.5%. Volgens het IMF zal de Nederlandse economie in 2010 en 2011 met respectievelijk 1.8% en 1.7% groeien.

De inflatie in de eurozone is gedaald van 1,7% in juli naar 1,6% in augustus. Voor september wordt de inflatie geschat op 1,8%.

De seizoensgecorrigeerde werkloosheid in de eurozone kwam in augustus, net als in juli, uit op 10,1%. Een jaar geleden lag de werkloosheid nog op 9,6%. Nederland heeft, volgens de definitie van Eurostat, na Oostenrijk nog steeds de laagste werkloosheid; 4,5%. Werkloosheid blijft vooral hoog onder jongeren: 19,8% in de Eurozone voor jongeren onder de 25 jaar.

Het vertrouwen van consumenten en producenten in de economie van de Eurozone is ondertussen in september verder gestegen. De stijging van de index is in sterke mate het gevolg van toenemend vertrouwen in de Duitse economie.

2. Administratieve Samenwerkingsrichtlijn op het gebied van belastingen

Document: nog niet beschikbaar

Aard bespreking: Politiek akkoord

Besluitvormingsprocedure: Unanimiteit

Toelichting: Op de Ecofin Raad van 19 oktober zal de algemene benadering over de Administratieve Samenwerkingsrichtlijn op het gebied van belastingen wederom aan de orde komen. Bij de behandeling van de Administratieve Samenwerkingsrichtlijn staat de vraag centraal welke inkomenscategorieën (hierbij valt te denken aan salaris, pensioenen, directeursbeloningen, etc) op automatische basis kunnen worden uitgewisseld.

De Europese Commissie heeft een nieuwe richtlijn over de administratieve samenwerking tussen de belastingautoriteiten van de lidstaten voorgesteld. De richtlijn ziet op het uitwisselen van fiscale informatie. Door de globalisering zijn lidstaten voor een juiste heffing van de verschuldigde nationale belastingen en de bestrijding van belastingontwijking en fraude voor een groot deel afhankelijk van de inlichtingen van andere lidstaten. De bestaande richtlijn voor administratieve samenwerking daterende uit 1977 voldoet niet meer. Om deze reden wordt een gemoderniseerde richtlijn over de administratieve samenwerking voorgesteld.

Nederland staat in grote lijnen positief tegenover de nieuwe richtlijn, aangezien meer transparantie door een verbeterde administratieve samenwerking tussen de lidstaten van groot belang is voor de bestrijding van (grensoverschrijdende) belastingontduiking en fraude.

3. Derogaties voor een anti-BTW fraudebestrijding (verleggging)

Document: nog niet beschikbaar

Aard bespreking: politiek akkoord

Besluitvormingsprocedure: unanimiteit

Toelichting: Op de Ecofin van 19 oktober 2010 staat het voorstel tot het verlenen van derogaties aan een aantal landen (Duitsland, Italië, Oostenrijk en het VK) om een anti fraude maatregel in de BTW te mogen treffen c.q. te verlengen. Op basis van deze zogenoemde verleggingsregeling verschuift de af te dragen BTW van de verkopende partij naar de kopende partij. De kopende partij kan deze BTW in beginsel op zijn eigen aangifte in aftrek brengen. De af te dragen BTW en af te trekken BTW zitten zo in één hand, waardoor bepaalde soorten misbruik worden voorkomen.

Nederland is een groot voorstander van de maatregelen die helpen om fraude te voorkomen. Echter op dit moment bestaat vanuit de Nederlandse praktijk nog geen behoefte voor ook een dergelijke verleggingsregeling, maar mocht bijvoorbeeld door deze toename aan derogaties tot verlegging van BTW een verschuiving van de fraude naar Nederland worden gesignaleerd, dan zal Nederland een aanvraag overwegen.

4. (poss.) Implementatie Stabiliteits- en Groeipact; beoordeling effectieve actie Litouwen en Roemenië

Document: http://ec.europa.eu/economy_finance/sgp/pdf/30_edps/communication_to_the_council/2010

09–21_lt_ro_communication_en.pdf

Aard bespreking: aannemen raadsconclusies

Besluitvormingsprocedure: gekwalificeerde meerderheid

Toelichting: Tijdens de Ecofin zal er in het kader van het Stabiliteits- en Groeipact de effectieve actie van Litouwen en Roemenië beoordeeld worden. Ten tijde van de Raadsaanbevelingen uit februari dit jaar werd het begrotingstekort voor 2010 door de Europese Commissie voor Litouwen op 9,2% geschat en voor Roemenie op 6,8%. De deadline voor effectieve actie was voor beide lidstaten 16 augustus 2010. De deadline voor het terugdringen van het tekort tot beneden de 3% doelstelling is 2012.

De Commissie heeft reeds een analyse gemaakt van de maatregelen die genomen zijn door Roemenië en Litouwen. Volgens de Commissie neemt Roemenie in het kader van zijn multilateraal financieringsprogramma tot dusver strikte maatregelen om het begrotingstekort terug te dringen. Zo heeft het parlement een «Fiscal Responsibility Law» aangenomen in maart 2010 en heeft de regering een voorstel voor pensioenhervorming aangenomen dat inmiddels ook is goedgekeurd door het parlement. Op basis van de huidige stand van zaken heeft Roemenie effectieve actie genomen en is de Commissie van oordeel dat geen verdere stappen nodig zijn in de procedure.

De Commissie is positief over de hervormingen die Litouwen zowel aan de inkomsten- als de uitgavenkant heeft doorgevoerd, zoals het verhogen van het BTW tarief en bezuinigingen op het gebied van het aantal ambtenaren en uitkeringen. Op basis van de huidige stand van zaken heeft Litouwen volgens de Commissie effectieve actie genomen en is de Commissie van oordeel dat geen verdere stappen nodig zijn in de procedure.

Voor beide landen geeft de EC wel aan dat de economische omstandigheden fragiel blijven en dat het dus van groot belang is dat geplande maatregelen strikt worden geïmplementeerd.

5. Follow-up Informele Ecofin

Document: n.v.t.

Aard bespreking: terugkoppeling

Besluitvormingsprocedure: n.v.t.

Toelichting: De Commissie zal een terugkoppeling geven van de Informele Ecofin Raad die plaatsvond op 30 september en 1 oktober jl. De ministers van Financiën hebben onder andere gesproken over economic governance in de EU, de economische en financiële vooruitzichten en regulering van de financiële sector. In de Ecofin Raad zal ook gesproken worden over de stappen die in de komende maanden op beide gebieden zullen moeten worden genomen.

6. Voorbereiding G20 van 22 en 23 oktober

Document: nog niet beschikbaar/niet bekend

Aard bespreking: Vaststellen Ecofinmandaat voor G20 Ministers van Financiën bijeenkomst

Besluitvormingsprocedure: n.v.t.

Toelichting: Het doel van de bespreking in de Eurogroep en Ecofin is het bereiken van overeenstemming over de inzet van de EU deelnemers aan de G20 vergaderingen in Korea. Het betreft de bijeenkomst voor bijeenkomst voor G20 Ministers van Financiën van 21 tot 23 oktober en de G20 regeringsleiders top op 11 en 12 november. Nederland heeft nog geen uitnodiging ontvangen voor deze bijeenkomsten. Beide bijeenkomsten zullen worden besproken in de Ecofin, waarbij de Ecofin zich richt op de onderwerpen die op de agenda van de G20 Ministers van Financiën bijeenkomst staan.

Nederland hecht sterk aan een goede Europese afstemming op G20-gebied en zal zich hard maken voor een goede Europese coördinatie en het opstellen van een gemeenschappelijke positie voor deze G20 vergaderingen. Alle EU-landen dienen voldoende invloed uit te kunnen oefenen op de Europese inbreng in de G20, zij worden immers ook geconfronteerd met de gevolgen. Daarnaast versterkt een eensgezind Europees standpunt in de onderhandelingen de kans op het gewenste resultaat. Essentieel is natuurlijk ook dat de Europese G20 deelnemers zich houden aan het Europese standpunt.

Er is op dit moment nog geen document beschikbaar; wel is de agenda voor de G20 Ministers van Financiën bijeenkomst beschikbaar. Er zal worden gesproken over het G20 Framework for Strong, Sustainable and Balanced Growth, hervorming van de internationale financiële instellingen, en verdere versterking van het financiële systeem.

7. (poss.) Rapport publieke uitgaven hoger onderwijs

Document: Concept raadsconclusies: Efficiëntie en effectiviteit van publieke uitgaven aan hoger onderwijs

Aard bespreking: Aannemen raadsconclusies

Besluitvormingsprocedure: unanimiteit

Toelichting: Op verzoek van de Ecofin heeft heeft het EPC een rapport geschreven over de efficiëntie en de effectiviteit van publieke uitgaven in het onderwijs.In tijden van budgettaire consolidatie is het belangrijk om zo productieve mogelijke uitgaven na te streven. De conclusies merken op dat er in Europa een grote behoefte bestaat aan hoog gekwalificeerde arbeid en dat onderwijsbeleid hierin een grote rol heeft. De conclusies roepen de Commissie in dit kader op om de bevindingen ten aanzien van de efficiëntie en effectiviteit van publieke uitgaven in het hoger onderwijs mee te nemen in het kader van de uitwerking van de Europa 2020 strategie.

8. Budgettaire raamwerken: uitwisseling best practices

Document: Concept Raadsconclusies budgettaire raamwerken

Aard bespreking: gedachtewisseling

Besluitvormingsprocedure: n.v.t.

Toelichting: Tijdens de Ecofin Raad zal stil worden gestaan bij de uitkomsten van de best practice exercitie die heeft plaatsgevonden in het Economic Policy Committee (EPC). Hiertoe worden ook conclusies aangenomen, waarin zal worden opgeroepen tot verder werk op het gebied van nationale budgettaire raamwerken en het doen van peer review op dit gebied. Dit zal ook een (meer) regulier karakter moeten krijgen, in lijn met de Ecofin conclusies van 18 mei jl. De beoogde follow-up van de best practice peer review is daartoe een goede ontwikkeling.

Een belangrijke uitkomst uit de best practice exercitie was dat, ondanks dat er bij de vormgeving van nationale budgettaire raamwerken rekening moet worden gehouden met lidstaatspecifieke karakteristieken, er bij de best practices die zijn besproken (Nederland, Zweden, Oostenrijk) wel degelijk gemeenschappelijke succesfactoren te vinden zijn. Deze omvatten onder andere een rules-based benadering, het hanteren van een middellangetermijnperspectief, een belangrijke rol voor onafhankelijke budgettaire instituten, een gecentraliseerd begrotingsproces, een sterk politiek commitment en de noodzaak tot regelmatige evaluatie van/maken van noodzakelijke aanpassingen aan nationale raamwerken. Ook is geconstateerd dat veel van deze (succesvolle) kenmerken elkaar kunnen versterken, in plaats van dat deze kenmerken substituten van elkaar zijn.

In het kader van de Werkgroep van Rompuy wordt op dit moment ook gepraat over het versterken van nationale budgettaire raamwerken.

9. Voorbereiding Europese Raad (28/29 oktober)

a. Financiële Sector belasting

Document: nog niet beschikbaar

Aard bespreking: Discussie

Besluitvormingsprocedure: Unanimiteit

Toelichting: Tijdens de Ecofin Raad van 19 oktober zal de discussie voortgezet worden over de Financiële Sector belasting. Onder deze kapstokbepaling vallen de Financiële Transactie Belasting en de Financiële Activiteitenbelasting. Deze belasting dient naast de bankenbelasting geïntroduceerd te worden en is meer gericht op transacties of activiteiten dan op een balans of winst van een financiële instelling. De Commissie zal haar rapport aan de Europese Raad over dit onderwerp aan de Ecofin Raad voorleggen.

10. Kader en toezicht financiële stabiliteit

Document: n.v.t.

Aard bespreking: gedachtewisseling

Besluitvormingsprocedure: n.v.t.

Toelichting: Met betrekking tot het nieuwe Europese Toezichtkader zijn de trilogie-onderhandelingen tussen de Europese Commissie, de Europese Raad en het Europees Parlement over de oprichting van de nieuwe Europese financiële toezichthouders met succes afgerond. Nederland is zeer tevreden met het behaalde resultaat. Nederland heeft zich vanaf het begin hard gemaakt voor een sterk en goed werkend nieuw Europees Toezichtraamwerk. Ook heeft NL, samen met vele andere lidstaten, zich ingezet om dit systeem zo snel mogelijk in werking te stellen. Deze doelen zijn ons inziens gerealiseerd zodat per 1 januari aanstaande een nieuw en effectief Europees toezicht in werking treedt waardoor de coördinatie van de financiële stabiliteit binnen Europa wordt verbeterd.

11. Peer review Duitsland en Italië

Document: nog niet beschikbaar

Aard bespreking: gedachtenwisseling

Besluitvormingsprocedure: n.v.t.

Toelichting: De werkgroep Van Rompuy en de Commissie hebben voorgesteld een formele procedure op te stellen om schadelijke macro-economische onevenwichtigheden binnen het eurogebied en de EU tegen te gaan. Als deze procedure er komt, zullen jaarlijks alle lidstaten worden beoordeeld op basis van vooraf vastgestelde indicatoren met bijbehorende grenswaarden. Totdat deze procedure er is, worden op reguliere basis een overschot- en een tekortland beoordeeld door de Ecofin Raad. De oorzaken van de «onevenwichtigheid» van desbetreffende lidstaat zal worden besproken en er zullen suggesties worden gedaan voor beleidsaanpassingen.

Deze keer staan Duitsland en Italië op de agenda. De discussianten zijn respectievelijk Frankrijk en Oostenrijk. Tijdens de volgende Ecofin Raad zal Nederland aan de orde komen. Nederland zal beoordeeld worden door Cyprus.

De Duitse economie wordt al jaren lang gekenmerkt door grote overschotten op de lopende rekening. Volgens de renteraming van de Europese Commissie kwam dit overschot in 2009 uit op 5% BBP en zal dit in 2010 en 2011 aanhouden. Aanbevelingen die door de Commissie worden gedaan zijn: structurele hervormingen op het gebied van de financiële sector (bijvoorbeeld het hervormen van de Landesbanken), het verder liberaliseren van de dienstensector en het verhogen van de arbeidsparticipatie.

De concurrentiepositie van Italië is de afgelopen jaren sterk verslechterd, wat tot uiting komt in een tekort op de lopende rekening. Volgens de lenteraming was dit tekort in 2009 3% BBP en zal dit de komende twee jaar ook zo blijven. Voor Italië is het volgens de Commissie van essentieel belang om aan concurrentiekracht terug te winnen. Dit kan gerealiseerd worden door het verhogen van de arbeidsproductiviteit, het verlagen van de loonkosten en het stimuleren van innovatie om zo meer producten te genereren met een hoge toegevoegde waarde. Voor Italië is het daarom erg belangrijk de budgettaire positie op orde te krijgen. Als gevolg van de hoge Italiaanse publieke schuld (volgens de Commissie in 2010 118% BBP) is er weinig ruimte voor structurele hervormingen.

12. EFSF

Document: n.v.t.

Aard bespreking: gedachtewisseling

Besluitvormingsprocedure: n.v.t.

Toelichting: Tijdens de Eurogroep van 18 oktober 2010 zal kort de stand van zaken met betrekking tot EFSF besproken worden. Op 7 juni 2010 is EFSF opgericht. Via EFSF kunnen tot en met 30 juni 2013 leningprogramma’s gestart worden voor landen van de eurozone in financiële moeilijkheden. De landen van de eurozone staan voor 440 miljard euro borg voor de verplichtingen die EFSF aangaat voor de financiering van deze leningprogramma’s. De Europese Commissie en het IMF beoordelen samen met de ECB aanvragen voor leningenprogramma’s.

Inmiddels hebben alle eurolanden, inclusief Slowakije, ingestemd met deelname aan EFSF. Op 20 september is bekend geworden dat de drie rating bureaus S&P, Fitch en Moody’s EFSF een AAA rating toegekend hebben. Deze hoogst mogelijke rating wordt behaald doordat alle eurolanden volledig achter EFSF staan en garanties afgeven voor de verplichtingen van EFSF.

Van Rompuy Werkgroep

Op 18 oktober zal er weer een bijeenkomst plaatsvinden van de Werkgroep Van Rompuy. Dan zal worden getracht overeenstemming te bereiken over een eindrapport wat voor zal liggen in de Europese Raad op 28 en 29 oktober. Op de Ecofin zal naar verwachting voornamelijk worden stilgestaan bij het proces rondom het eindrapport, bijvoorbeeld op welke manier de komende tijd invulling zal worden gegeven aan de aanbevelingen die in het eindrapport zullen komen te staan.

Tijdens de vorige bijeenkomst van dewerkgroep Van Rompuy op 27 september is er gesproken over de uitwerking van het schuldcriterium, sancties, en de onevenwichtighedenprocedure.

Daarnaast gaf Commissaris Rehn een toelichting op de Commissievoorstellen die op 29 september zijn uitgekomen.

Tijdens de bijeenkomst van 27 september was er overeenstemming dat er meer aandacht moet komen voor het schuldcriterium van het Stabiliteits- en Groeipact. Het schuldcriterium is in het Verdrag van Lissabon gedefinieerd als een schuld die onder de 60%-grens ligt of in voldoende mate afnemend is. Er wordt nu gesproken over hoe «in voldoende mate afnemend» gedefinieerd moet worden. De Commissie stelt een doelstelling voor schuldafname voor, die er op neer komt dat als lidstaten een schuld hebben van meer dan 60%BBP dat deze met een bepaald percentage (bijvoorbeeld 5%) per jaar van het verschil tussen de schuld en de 60%-grens moet afnemen. Een concreet voorstel op het gebied van schuld ligt er nog niet, hier zal nog verder over gesproken moeten worden.

De Commissie heeft wel concrete voorstellen gedaan op het gebied van nationale raamwerken, sancties en een formele procedure om schadelijke onevenwichtigheden tegen te gaan.

Het voorstel van de Commissie op het gebied van nationale raamwerken houdt in dat lidstaten aan minimumvereisten zullen moeten gaan voldoen op het gebied van nationale budgettaire raamwerken. Nederland zet in op een ambitieuze richtlijn op dit gebied. Hiertoe behoren wat Nederland betreft in ieder geval duidelijk afspraken over het gebruikmaken van onder andere prudente groeiramingen en het respecteren van de Europese SGP-afspraken in het begrotingsproces.

De Commissie stelt op het gebied van sancties, als eerste fase voor om voor eurolanden nieuwe sancties te ontwerpen. Bij deze sancties zal de stemprocedure volgens het voorstel zo worden vormgegeven dat het gemakkelijker zal worden om deze sancties in te zetten. De al bestaande sancties in het SGP moeten met gekwalificeerde meerderheid worden aangenomen. De Commissie stelt nu voor de nieuwe sancties een quasi-automatische procedure voor, wat inhoudt dat als een land bijvoorbeeld de 3%-grens overschrijdt, de Commissie verplicht is om met een voorstel te komen waarin staat dat het land een niet-rentedragend deposito moet storten ter grootte van 0,2% BBP. De Raad kan hier alleen van afwijken als er binnen 10 dagen na het uitkomen van het Commissievoorstel een gekwalificeerde meerderheid tegen het voorstel is. Deze stemprocedure houdt daarmee in feite in dat als een gekwalificeerde minderheid voorstander is van een sanctie, de sanctie er komt. Ook voor sancties in de preventieve arm van het SGP en voor landen die geen effectieve actie ondernemen stelt de Commissie een dergelijke procedure voor. Deze semi-automatische sanctie sluit aan bij de Nederlandse inzet om het uitdelen van sancties meer rules-based te maken en is op dit gebied het hoogst haalbare zonder Verdragswijziging.

Er zal nog verder worden gesproken over de tweede fase, namelijk het opschorten van EU-subsidies als landen niet voldoen aan de eisen van het SGP. Hiervoor ziet Nederland brede steun in de Werkgroep van Rompuy, maar er moet nog nader worden uitgewerkt hoe dit moet worden vormgegeven en op welke fondsen deze conditionaliteit betrekking zal hebben. Nederland is voorstander van een zo’n breed mogelijk scala aan EU fondsen, mits dit juridisch en operationeel uitvoerbaar is.

Wat betreft de onevenwichtighedenprocedure is er eerder al overeenstemming bereikt dat hier een formele procedure voor moet komen, bestaande uit twee stappen, namelijk een preventieve stap waarin landen worden gemonitord en een correctieve stap waarin landen aanbevelingen krijgen als er sprake is van serieuze onevenwichtigheden. Nederland is er voorstander van om iets te doen aan schadelijke onevenwichtigheden voor de monetaire unie. Zowel overschotlanden als tekortlanden moeten hier hun steentje aan bijdragen.