Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2019-202021501-07 nr. 1692

21 501-07 Raad voor Economische en Financiële Zaken

Nr. 1692 BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 13 mei 2020

Hierbij zend ik u het verslag van de videoconferentie van de Eurogroep van 8 mei jl.

De Minister van Financiën, W.B. Hoekstra

Verslag Eurogroep 8 mei 2020

Eurogroep

Portugal post-programmasurveillance – 11de review

De Eurogroep heeft een terugkoppeling gekregen van de elfde post-programmasurveillance (PPS) missie naar Portugal.1 De missie in het kader van PPS, waaraan de Europese Commissie, de ECB, het ESM en het IMF deelnamen, heeft plaatsgevonden van 11 tot 13 februari jl. De voornaamste aandachtspunten voor Portugal blijven hoge private en publieke schulden en niet-presterende leningen (NPL’s) in het bankwezen. De Europese Commissie geeft aan dat structurele hervormingen ten aanzien van de begroting van cruciaal belang blijven om de uitgavenkant en de kostenefficiëntie te versterken, met in het bijzonder een focus op de gezondheidszorg en staatsdeelnemingen. De NPL’s zijn de afgelopen tijd gedaald in Portugal, maar dit percentage blijft hoog in vergelijking met andere Eurolanden. De volgende PPS-missie naar Portugal zal plaatsvinden in de zomer van 2020, waarin ook de impact van de COVID-19 crisis zal worden meegenomen.

Geactualiseerde ontwerpbegroting Oostenrijk

De Europese Commissie heeft de Eurogroep geïnformeerd over haar opinie van de nieuwe ontwerpbegroting (draft budgetary plan, DBP) voor 2020 van Oostenrijk.2 Oostenrijk had in oktober 2019 vanwege verkiezingen een beleidsarme ontwerpbegroting ingediend. Daarbij werden de autoriteiten door de Europese Commissie verzocht een bijgewerkt ontwerpbegrotingsplan aan de Europese Commissie voor te leggen zodra de nieuwe regering een ontwerpbegrotingswet bij het Oostenrijkse parlement zou indienen. Dit heeft Oostenrijk op 26 maart jl., samen met zijn stabiliteitsprogramma gedaan, waarna de Commissie op 17 april jl. haar opinie heeft gepubliceerd. In die opinie stelt de Commissie vast dat in het kader van de COVID-19 crisis een robuuste beoordeling van naleving van de vereisten van het SGP momenteel niet mogelijk is.

Terugkoppeling G7

De Eurogroep heeft van de Eurogroepvoorzitter een terugkoppeling ontvangen van de virtuele G7 Finance Ministers and Central Bank Governors (FMCBG) bijeenkomst die plaatsvond op 14 april jl. De ministers van Financiën en centrale bank gouverneurs van G7-landen herbevestigden tijdens deze bijeenkomst hun commitment en onderlinge coördinatie in de bestrijding van de COVID-19 pandemie en het mitigeren van de impact van de schok. Gezamenlijk zullen ze alles doen («whatever is necessary») om economische groei te herstellen en banen, bedrijven en de weerbaarheid van het financiële systeem te beschermen.

De G7 is een forum van zeven vooraanstaande industriële economieën (Canada, Duitsland, Frankrijk, Italië, Japan, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten) en de Europese Unie. Binnen de G7 staan voornamelijk economische en financiële onderwerpen op de agenda. Nederland is niet inhoudelijk betrokken bij de bijeenkomst.

Lenteraming

Tijdens de Eurogroep heeft de Europese Commissie een toelichting gegeven op de lenteraming, die op 6 mei 2020 is gepubliceerd.3 De raming bestaat uit zowel ramingen voor de economische ontwikkeling als ramingen voor de publieke financiën. De Europese Commissie verwacht door de COVID-19 crisis een diepe recessie voor 2020. Volgens de raming zal de economie van de Europese Unie in 2020 krimpen met 7,4% en in 2021 weer groeien met 6,1%. Ook de werkloosheid in de Europese Unie zal naar verwachting stijgen van 6,7% in 2019 tot 9% in 2020, waarna het weer zal dalen tot 7,9% in 2021.

Verschillende lidstaten, waaronder Nederland, gaven aan dat alle Europese economieën hard zijn geraakt door de COVID-19 crisis en dat daarom de genomen maatregelen op nationaal en Europees niveau van groot belang zijn.

ESM-kredietlijn «Pandemic Crisis Support»

Tijdens de Eurogroep van 7 en 9 april jl. zijn de ministers overeengekomen om de kredietlijn tegen verscherpte voorwaarden (Enhanced Conditions Credit Line, ECCL) van het Europees Stabiliteitsmechanisme (ESM) tijdelijk beschikbaar te stellen gericht op de COVID-19 uitbraak, op basis van gestandaardiseerde voorwaarden en voorlopige beoordelingen, voor lidstaten die daar gebruik van willen maken.4 Tijdens de videoconferentie van de leden van de Europese Raad van 23 april jl. is het rapport dat de Eurogroep op 9 april jl. overeenkwam verwelkomd. Daarbij is de Eurogroep opgeroepen dit pakket uiterlijk 1 juni a.s. operationeel te maken.

In deze Eurogroep is overeenstemming bereikt over de kenmerken van deze ESM-kredietlijn, de zogeheten Pandemic Crisis Support kredietlijn. Hierover is ook een verklaring van de Eurogroep gepubliceerd.5 In lijn met de afspraken van de Eurogroep van 7 en 9 april jl. is overeengekomen dat de kredietlijn een omvang zal hebben van 2% van het bruto binnenlands product (bbp) van een lidstaat als uitgangspunt. Als voorwaarde voor gebruik van de kredietlijn is opgenomen dat landen zich eraan committeren om deze te gebruiken ter ondersteuning van de binnenlandse financiering van directe en indirecte gezondheidszorg, genezing en kosten gerelateerd aan preventie als gevolg van de COVID-19 crisis. De overeenstemming over de kenmerken van de Pandemic Crisis Support kredietlijn is conform de Nederlandse inzet en is in lijn met de voor Nederland belangrijke randvoorwaarden die staan weergegeven in de geannoteerde agenda voor deze Eurogroep van 8 mei.6

Op 15 mei a.s. zal een vergadering van de Raad van gouverneurs van het ESM plaatsvinden met als doel het besluit te nemen de Pandemic Crisis Support kredietlijn in principe voor alle lidstaten van de eurozone beschikbaar te stellen. De relevante documenten op basis waarvan de Raad van gouverneurs van het ESM dit kan besluiten en de Nederlandse standpuntbepaling zijn op 11 mei jl. naar de Kamer gestuurd, conform het informatieprotocol betreffende de parlementaire betrokkenheid bij inzet van middelen uit en controle op de Europese noodfondsen.7

Na het besluit door de Raad van gouverneurs van het ESM zullen landen op individuele basis een concrete aanvraag moeten indienen om gebruik te kunnen maken van een kredietlijn. Voorafgaand aan besluitvorming door de Raad van gouverneurs over het toekennen van dergelijke individuele kredietlijnen in het kader van Pandemic Crisis Support zal de Kamer steeds worden geïnformeerd conform het informatieprotocol betreffende de parlementaire betrokkenheid bij inzet van middelen uit en controle op de Europese noodfondsen.

De overige instrumenten van het ESM blijven beschikbaar indien een land in financieel-economische problemen raakt, waarbij dan voorwaarden op het vlak van financieel-economische beleid gelden. Het belang van deze beleidsvoorwaarden heeft Nederland steeds benadrukt en is ook steeds de Nederlandse inzet, omdat het ervoor zorgt dat lidstaten sterker uit een financieel-economische crisis komen.