Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2017-201821501-07 nr. 1540

21 501-07 Raad voor Economische en Financiële Zaken

Nr. 1540 BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 23 juli 2018

Hierbij zend ik u het verslag van de Eurogroep en Ecofinraad van 12 en 13 juli 2018 te Brussel. Middels het verslag wordt uw Kamer ook geïnformeerd over de uitkomsten van de ESM Board of Governors en een bijeenkomst tussen verschillende Ministers van financiën over de kapitaalmarktunie, die heeft geleid tot een gezamenlijk paper1. Daarnaast zend ik u hierbij nogmaals de op 5 juli jl. aan uw Kamer vertrouwelijk verzonden brief over Bulgarije en toetreding tot ERM-II2, waarvan de vertrouwelijkheid nu kan worden opgeheven.

De Minister van Financiën, W.B. Hoekstra

Verslag Eurogroep en Ecofinraad van 12 en 13 juli te Brussel

Eurogroep

Verdieping EMU

In de Eurogroep heeft de voorzitter, Mario Centeno, een terugkoppeling gegeven van de Europese Raad van 28 en 29 juni jl. ten aanzien van de toekomst van de Economische en Monetaire Unie (EMU). Tijdens de Eurotop van 29 juni jl. is een verklaring opgesteld over de EMU.3 Daarin staat onder andere dat gegeven het bankenpakket van mei er nu gewerkt zal gaan worden aan een routekaart om politieke onderhandelingen over EDIS te starten, waarbij vastgehouden wordt aan alle elementen van de routekaart van 2016, waaronder de voor Nederland belangrijke discussies over de prudentiële behandeling van staatsobligaties. Ook is in de verklaring opgenomen dat er consensus was onder de lidstaten om het ESM de gemeenschappelijke achtervang van het SRF te maken en tegelijkertijd het ESM te versterken. Daarbij zal gewerkt worden op basis van alle elementen van een ESM-hervorming uit de brief van de voorzitter van de Eurogroep aan president Tusk.4 Daarnaast zal de Eurogroep verder spreken over alle elementen in de brief van de voorzitter van de Eurogroep. In de Eurotop van december 2018 zal weer gesproken worden over de toekomst van de EMU. Over de uitkomst van de Europese Raad van 28 en 29 juni bent u via een Kamerbrief eerder uitgebreid geïnformeerd.5

Aangezien het een terugkoppeling betrof, was er weinig discussie in de Eurogroep. Sommige lidstaten gaven aan dat het komende half jaar veel werk te doen is en dat een ambitieus werkprogramma ten aanzien van de versterking van het ESM en de voltooiing van de Bankenunie wenselijk is. De voorzitter kondigde aan dat de Eurogroep in de komende maanden alle werkstromen m.b.t. de toekomst van de EMU zal bespreken.

Zomerraming Commissie

De Europese Commissie heeft in de Eurogroep haar zomerraming gepresenteerd die op dezelfde dag uitkwam. Deze zomerraming gaat over de ontwikkelingen van het bruto binnenlands product (bbp) en de inflatie voor alle lidstaten en de eurozone, alsook de EU-gemiddelden.

De zomerraming laat zien dat de economische groei in de EU aan het begin van 2018 enigszins is vertraagd. Volgens de Commissie was dit in de eerste plaats een aanpassing na een lange periode van bovengemiddelde groei maar ook het gevolg van diverse eenmalige factoren zoals de weersomstandigheden. In het tweede kwartaal is de groei echter nog niet aangetrokken, waarbij handelsspanningen, politieke onzekerheid en stijgende energieprijzen een rol speelden. Aangezien het een presentatie betrof, was er weinig discussie in de Eurogroep.

Fiscal stance eurozone

In de Eurogroep is gesproken over de fiscal stance van de eurozone. Om de fiscal stance vast te stellen, kijkt de Commissie naar de ontwikkeling van het structureel begrotingssaldo voor de eurozone als geheel. Als deze verslechtert, dan is de fiscal stance expansief. Als het structureel saldo verbetert, is de fiscal stance juist restrictief. De Commissie voorspelt dat de fiscal stance in 2019 slightly expansionary zal zijn op basis van haar lenteraming en de plannen van de lidstaten. Zouden lidstaten zich houden aan de eisen in het SGP, dan zou er sprake zijn van een restrictieve fiscal stance in 2019. De Commissie oordeelt dat een broadly neutral fiscal stance passend zou zijn voor 2019. Dit kan volgens de Commissie worden bereikt door een gedifferentieerd begrotingsbeleid, waarbij lidstaten met relatief hoge schuldenniveaus hun economische buffers verhogen en schuld verlagen, terwijl lidstaten met begrotingsruimte deze ruimte benutten door extra te investeren.

In de Eurogroep werd ook een paper van de European Fiscal Board (EFB) over de fiscal stance van de eurozone toegelicht.6 Het is de tweede keer dat de EFB een dergelijk paper heeft gepubliceerd. De EFB komt daarin tot de conclusie dat een somewhat restrictive fiscal stance passend zou zijn voor 2019. De EFB pleit daarom ook voor de nodige budgettaire bijsturing van lidstaten om een lichte restrictieve fiscal stance te bereiken op basis van de voorspelling dat de economische groei boven de potentiële groei zal uitkomen in 2019.

Sommige lidstaten gaven aan dat zij voor wat betreft de fiscal stance voor 2019 het oordeel van de Commissie passend vinden, anderen steunden de analyse van de EFB. Nederland benadrukte dat voor lidstaten begrotingsregels van het Stabiliteits- en Groeipact (SGP) leidend moeten zijn. Hieruit volgt een restrictieve fiscal stance. Juist in goede economische tijden zou de focus op het afbouwen van schulden en het opbouwen van buffers moeten liggen.

In het algemeen is Nederland geen voorstander van het concept fiscal stance voor de gehele eurozone en vindt Nederland dat de eisen uit het SGP bepalend moeten zijn voor individuele lidstaten. Door te sturen op de wenselijke fiscal stance voor de eurozone en de bijdrage die lidstaten daaraan kunnen leveren, introduceert de Commissie in feite een extra sturend instrument bovenop de eisen uit de preventieve arm van het SGP.

Ierland – 9de Post Programme Surveillance missie

De Eurogroep heeft een terugkoppeling gekregen van de Europese Commissie en de ECB en over de negende missie naar Ierland in het kader van post-programma surveillance (PPS), die plaatsvond van 14 tot 18 mei jl.7 De binnenlandse economische activiteit blijft in Ierland naar verwachting robuust op de korte termijn, maar risico’s blijven bestaan. Deze risico’s beslaan onder meer de impact van Brexit en tekorten op de woningmarkt. Ook de overheidsfinanciën verbeteren. Naar verwachting zullen tekorten in de nabije toekomst verder afnemen. Enige risico’s wat betreft de volatiliteit van belastinginkomsten blijven wel bestaan. Non-performing loans (NPL’s) blijven daarnaast een aandachtspunt voor banken en toezichthouders. Verder blijven de prijzen op de woningmarkt stijgen als gevolg van een gebrek aan aanbod. Het agendapunt leverde geen discussie op. De volgende PPS missie naar Ierland is voorzien in de herfst van 2018.

Spanje – 9de Post Programme Surveillance missie

De Eurogroep heeft een terugkoppeling gekregen van de Europese Commissie en de ECB over de negende missie naar Spanje in het kader van post-programma surveillance (PPS), die plaatsvond van 9–10 april jl.8 De voornaamste bevindingen van de missie waren positief. De Spaanse economie laat een robuuste groei zien. Banken verbeterden hun winstgevendheid en verhoogden hun kapitaalbuffers, en het aandeel non-performing loans (NPL’s) daalde tot dichtbij het EU-gemiddelde. De hoge private en publieke schuldlast en de hoge werkloosheid blijven wel kwetsbaarheden. De instellingen wijzen erop dat Spanje zijn groeipotentieel kan vergroten en de productiviteitgroei kan verhogen. Spanje zou daarnaast de gunstige economische omstandigheden aan moeten grijpen om budgettair te consolideren met het oog op het verlagen van de overheidsschuld en het opbouwen van buffers. Er volgde geen discussie in de Eurogroep. De volgende PPS missie naar Spanje is voorzien in de herfst van 2018.

Bulgarije

Na afloop van de Eurogroep hebben de eurozonelidstaten, Denemarken en de ECB in bijzijn van de Europese Commissie en Bulgarije gesproken over het vooruitzicht van deelname aan ERM II door Bulgarije. Hierbij is een verklaring aangenomen9. In de verklaring is opgenomen dat Bulgarije eerst een aantal beleidstoezeggingen zal implementeren voor deelname aan ERM II en de bankenunie aan de orde is. De beleidstoezeggingen zijn opgenomen in een brief van Bulgarije10. Dit laat een duidelijk eigenaarschap zien van de toezeggingen.

De toezeggingen zien onder andere op bankentoezicht en het verbeteren van institutionele kwaliteit en governance. Bulgarije zal het bankentoezicht versterken door in samenwerking met de ECB de voorbereidingen te treffen met het oog op deelname aan het SSM tegelijk met het moment van deelname aan ERM II. Bulgarije zal het macroprudentieel beleidsraamwerk versterken, door het ontwikkelen van een juridische basis voor zogenoemde «borrower-based measures». Verder zegt Bulgarije toe het insolventieraamwerk te versterken en het toezicht op de niet-bancaire sector (pensioenfondsen en verzekeraars) te verbeteren. Daarnaast zal Bulgarije de manier waarop staatsbedrijven worden bestuurd verbeteren. Als laatste toezegging zal er een expliciete nadruk liggen op goede implementatie van anti-witwasrichtlijnen. De verklaring roept de Bulgaarse autoriteiten op de maatregelen die in het kader van justitiële hervormingen, de strijd tegen corruptie en georganiseerde misdaad door de Commissie in het kader van het Cooperation and Verification Mechanism (CVM) wordt gemonitord grondig te implementeren, in het licht van het belang hiervan voor de stabiliteit en integriteit van het financiële systeem.

In de verklaring is verder opgenomen dat volgende lidstaten die tot ERM II en de bankenunie willen toetreden volgens dezelfde benadering zal worden gehandeld.

De Kamer is voorafgaand aan de Eurogroep reeds vertrouwelijk geïnformeerd over Bulgarije via o.a. een brief (Kamerstuk 21 501-07, nr. 1535). De vertrouwelijkheid van deze brief kan nu worden opgeheven. De betreffende brief is als bijlage bij dit verslag gevoegd11. De uitkomst van de bespreking over Bulgarije en de verklaring is in lijn met de Nederlandse inzet als in deze brief verwoord.

Board of Governors ESM

Aansluitend aan de Eurogroep vond een vergadering plaats van de Board of Governors van het European Stability Mechanism (ESM). Op de agenda stond het goedkeuren van de supplemental Memorandum of Understanding (sMoU). In de sMoU zijn de hervormingen (prior actions) opgenomen die Griekenland moest doorvoeren voordat de vierde voortgangsmissie kon worden afgerond en voordat tot uitkering van het laatste leningdeel kon worden overgegaan. Hierover bent u op 29 juni jl. geïnformeerd.12 Van de 19 landen konden 18 landen direct instemmen met de sMoU. Het 19e land, Duitsland, maakte een parlementair voorbehoud. Goedkeuring met de sMoU en uitkering van het laatste leningdeel zal plaatsvinden nadat het Duitse parlement ingestemd heeft met de sMoU. De reden voor het parlementair voorbehoud van Duitsland is dat Griekenland één van de vereiste hervormingen niet direct maar per 2019 zal doorvoeren. Dit betreft de verhoging van het BTW-tarief op enkele van de eilanden.13 Ter compensatie voor dit uitstel – waarvan de impact op 28 miljoen euro wordt geschat – zal Griekenland bezuinigingen van dezelfde omvang doorvoeren op het terrein van defensie, waardoor dit uitstel budgettair neutraal is.

Ecofinraad

Ecofin ontbijt

Tijdens het ontbijt kregen de Ministers een terugkoppeling uit de Eurogroep en een update over de economische situatie in de EU. De Commissie heeft daarnaast een toelichting gegeven over recente voorstellen in het kader van het Meerjarig Financieel Kader (MFK): een Structural Reform Support Programme (SRSP), een stabilisatiefunctie en een InvestEU fonds. Ook is tijdens het ontbijt gesproken over de belastinghervorming in de Verenigde Staten (VS). Mogelijk stuurt de Commissie hierover een brief aan de Minister van Financiën van de VS. Nederland heeft separaat bij de Commissie aangedrongen om in dit kader de fiscale positie van in Europa wonende Amerikanen aan de orde te stellen.

Btw algemene verleggingsregeling

Tijdens de Ecofinraad is wederom gesproken over het voorstel voor een tijdelijke toepassing van een algemene verleggingsregeling voor leveringen van goederen en diensten boven een bepaalde drempel. Nederland steunt het voorstel om lidstaten de mogelijkheid te bieden tijdelijk een algemene verleggingsregeling te hanteren. Het voorstel biedt lidstaten die zeer ernstige btw-carrouselfraude ondervinden en geen andere mogelijkheid hebben dit goed te beteugelen naar verwachting een effectieve maatregel. Dit dossier ligt stil sinds een blokkade in de Ecofinraad van juni 2017. Het Bulgaarse voorzitterschap wilde de discussie graag weer openen. De blokkade (in samenhang met de onderhandelingen over het voorstel over e-publications) werd deze Ecofinraad echter niet opgeheven. Enkele lidstaten konden niet akkoord gaan met de pilot over een tijdelijke algemene verleggingsregeling. Deze lidstaten vrezen voor een verschuiving van de btw fraude naar de lidstaten die geen verleggingsregeling toepassen. Verder zou deze pilot een belemmering kunnen zijn voor het invoeren van verdergaande btw-voorstellen zoals het zogenoemde definitieve systeem. Afgesproken is de komende maanden te onderzoeken of een bijstelling van de voorstellen mogelijk is, zodat hierover consensus kan worden bereikt.

Btw e-publicaties

Tijdens de Ecofinraad is ook wederom gesproken over het richtlijnvoorstel e-publications. Nederland is voorstander van de gelijke behandeling van digitale en fysieke publicaties en steunt het voorstel. Het is op basis van de btw-richtlijn momenteel niet mogelijk om elektronische diensten tegen het verlaagde btw-tarief te belasten. Met dit voorstel wordt een uitzondering gemaakt voor bepaalde elektronische diensten, zijnde: de levering, ook bij uitlening door bibliotheken, van boeken, kranten en tijdschriften, voor zover niet uitsluitend of hoofdzakelijk reclamemateriaal en voor zover niet uitsluitend of hoofdzakelijk bestaande uit muziek of video. Hiermee wordt een gelijke btw-behandeling van elektronische en fysieke publicaties tegen het verlaagde btw-tarief mogelijk gemaakt. Ook deze keer is in de Ecofinraad geen akkoord bereikt omdat niet alle lidstaten steun konden uitspreken voor het voorstel.

Presentatie van het Werkprogramma van het voorzitterschap

De tweede helft van 2018 is Oostenrijk de voorzitter van de Raad. Tijdens de Ecofinraad heeft Oostenrijk het werkprogramma van haar voorzitterschap ten aanzien van financieel-economische thema’s gepresenteerd. In de Ecofinraad geeft Oostenrijk prioriteit aan het agenderen van de voltooiing van de bankenunie, het verder ontwikkelen van de kapitaalmarktunie, het verdiepen en versterken van gecoördineerd economisch beleid en het vergroten van efficiëntie ten aanzien van belastingen. Het volledige programma is te vinden op de website van het Oostenrijkse voorzitterschap.14

Follow-up Europese Raad

Ook tijdens de Ecofinraad is stilgestaan bij de uitkomst van de Europese Raad van 28 en 29 juni jl. Er volgde een korte terugkoppeling en daarna was er weinig discussie. Sommige lidstaten gaven aan dat in de conclusies van de Europese Raad naast de focus op de bankenunie en versterking van het ESM ook belastingelementen terugkomen waar verder aan gewerkt moet worden, zoals effectieve BTW-inning en belastingheffing van de digitale economie.15

Voorbereiding G20 vergadering 21 en 22 juli

In de Ecofinraad is de EU-inbreng, middels een Terms of Reference (ToR), bij de G20 vergadering in Buenos Aires op 21 en 22 juli aangenomen. In de ToR roept de EU de G20 op de positieve economische vooruitzichten te gebruiken om de economische risico’s voor de toekomst aan te pakken, waarbij de aandacht zou moeten verschuiven naar het opnieuw opbouwen van financiële buffers en het waarborgen van langetermijngroei. De EU verwelkomt de prioriteit van het Argentijnse G20 voorzitterschap ten aanzien van de financiering van infrastructuur. De EU benadrukt het belang van een open wereldeconomie en het belang van rules based multilateralisme. Ook benadrukt de EU dat het van belang is voortgang te boeken met de implementatie van financiële regelgeving. Daarnaast wordt opgeroepen tot voortgang van het werk van de Financial Stability Board (FSB) op het gebied van cybersecurity en de uitdagingen die voortvloeien uit technologische veranderingen zoals crypto-assets. De EU roept daarnaast de G20 op om de hoogste prioriteit te geven aan het vinden van oplossingen voor de belasting van de digitale economie. Op het gebied van internationale belastingen is het tevens van belang dat de G20 het werk ten aanzien van fiscale transparantie intensiveert en dat het onder het Turks voorzitterschap omarmde Base Erosion and Profit Shifting (BEPS) raamwerk wordt geïmplementeerd en gemonitord.

Bijeenkomst kapitaalmarktunie

En marge van de vorige Ecofinraad vond een bijeenkomst plaats tussen de Ministers van financiën van Denemarken, Estland, Finland, Ierland, Letland, Litouwen, Zweden en Nederland. Tijdens deze bijeenkomst hebben de Ministers besloten te werken aan een gemeenschappelijk paper over de kapitaalmarktunie dat op 18 juli is gepresenteerd aan het Voorzitterschap, de Commissie en andere lidstaten. Het paper staat stil bij wat er onder de kapitaalmarktunieagenda is bereikt en benadrukt het belang van een verdere totstandkoming van de agenda, mede in het licht van de Brexit. Hiertoe moet aandacht zijn voor prioritering van lopende trajecten, waaronder meer proportionele regelgeving voor beleggingsondernemingen en de duurzaamheidsvoorstellen. Ook wordt het belang van financiële technologie benadrukt en is er aandacht voor de ESA-review. Het kabinet is van mening dat initiatieven die vallen onder de kapitaalmarktunie de toegang tot financiering kunnen verbeteren, de efficiëntie van markten kunnen vergroten en bestaande barrières mogelijk wegnemen. Nederland is dan ook voorstander van een daadkrachtige uitvoering van de agenda van de kapitaalmarktunie, met een nadruk op de bouwstenen die de meeste impact kunnen hebben. Door hier gezamenlijk op te wijzen wordt deze boodschap extra kracht bij gezet. Het gemeenschappelijk paper wordt als bijlage bij dit verslag meegezonden16.