Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2013-201421501-07 nr. 1084

21 501-07 Raad voor Economische en Financiële Zaken

Nr. 1084 BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 19 september 2013

Hierbij zend ik u het verslag van de vergadering van de Eurogroep en informele ECOFIN Raad van 13 en 14 september 2013 te Vilnius. Daarnaast wordt voldaan aan de toezegging aan de Tweede Kamer om informatie te verstrekken over het bericht dat de Trojka in Griekenland zou aandringen op het afschaffen van het verbod op huisuitzettingen. Tevens wordt met deze brief invulling gegeven aan het verzoek van de Tweede Kamer om ieder kwartaal te rapporteren over de voortgang van de onderhandelingen over de vierde anti-witwasrichtlijn.

De Minister van Financiën, J.R.V.A. Dijsselbloem

Verslag van de Eurogroep en informele Ecofin Raad van 13 en 14 september 2013 te Vilnius

Eurogroep – 13 september 2013

1. Economische Vooruitzichten 2013/2014

De Eurogroep heeft gesproken over de economische vooruitzichten voor het eurogebied. De vooruitzichten zijn licht positief. Het BBP is met 0,3% gestegen in het tweede kwartaal ten opzichte van eerste kwartaal van 2013. Daarnaast is de werkloosheid gestabiliseerd rond de 12% na een aanhoudende stijging in de afgelopen twee jaar. De Eurogroep concludeerde dat het niettemin noodzakelijk is te blijven werken aan verder herstel van de economie. Er zal een extra Eurogroep worden ingelast op 22 november 2013 om de ontwerpbegrotingen te bespreken die de lidstaten dit jaar voor het eerst zullen indienen bij de Europese Commissie conform de afspraken die gemaakt zijn onder het «two pack». Op 15 november zal de Europese Commissie haar advies over de ontwerpbegrotingen presenteren, waar de Eurogroep vervolgens op 22 november over zal spreken.

2. Portugal

De Eurogroep heeft stil gestaan bij Portugal. Portugal heeft een toelichting gegeven op de uitspraak van het Constitutionele Hof van 29 augustus jl. Hierbij werd een ontwerpwet ongrondwettig verklaard die de deur opent naar het ontslag van ambtenaren die vóór 2009 in dienst zijn getreden. Portugal heeft aangegeven dat de directe gevolgen van deze uitspraak voor de begroting van 2014 beperkt zijn en dat de regering op zoek gaat naar compenserende maatregelen.

Maandag 16 september is de Trojka een nieuwe missie gestart naar Lissabon om een beoordeling te geven van de uitvoering van het programma. Het gaat hierbij om de gecombineerde achtste en negende voortgangsrapportage. De Eurogroep zal de uitkomsten van deze voortgangsmissie bespreken tijdens de volgende Eurogroep bijeenkomst op 14 oktober.

3. Cyprus

De Eurogroep heeft gesproken over de uitkomsten van de eerste voortgangsmissie in het kader van het macro-economische aanpassingsprogramma en heeft hierover een verklaring uitgegeven. Deze verklaring is als bijlage toegevoegd aan dit verslag1. De Eurogroep onderschrijft hierin de conclusie van de Trojka dat het programma on track is, waarmee de weg is vrijgemaakt voor de uitkering van de volgende tranche.

Daarnaast heeft de Raad van gouverneurs van het ESM met onderlinge overeenstemming het aanvullende Memorandum of Understanding (MoU) van Cyprus goedgekeurd. Het MoU is, naar aanleiding van de uitkomsten van de recente voortgangsmissie van de Trojka, op enkele punten aangepast. Uw Kamer is separaat geïnformeerd over de uitkomst van de voortgangsmissie naar Cyprus en het bijbehorende voortgangsrapport in de brief met Kamerstuk 21 501-07, nr. 1081.

4. Slovenië

Slovenië heeft in de Eurogroep een toelichting gegeven op de recente afwikkeling van twee kleine banken, Factor Banka en Probanka. Deze twee banken beslaan samen circa 4,5% van de totale activa van de Sloveense bankensector. De afwikkeling zal conform de EU regels voor staatssteun plaatsvinden. Slovenië laat op dit moment tien banken doorlichten, inclusief de drie grootste. Ook de twee banken die nu zijn afgewikkeld maakten deel uit van deze exercitie. De «asset quality reviews» en de stresstesten worden naar verwachting eind november afgerond. Naast de financiële sector zijn ook de economische vooruitzichten voor Slovenië besproken. Eind september zal Slovenië de begroting voor 2014 presenteren. De ontwerpbegroting zal, gelijk met die van andere lidstaten, op de Eurogroep van 22 november aan de orde komen.

5. Bankenunie

Zowel de Eurogroep als de Ecofin Raad spraken over de Bankenunie. Bij de behandeling van de Bankenunie in de Eurogroep was het EU-voorzitterschap aanwezig, mede om de bespreking in de Ecofin Raad goed aan te laten sluiten. De Eurogroep heeft stil gestaan bij de definitieve aanname van de verordeningen voor het tot stand brengen van het Europees toezichtmechanisme voor banken (het Single Supervisory Mechanism). De ECB kan nu de voorbereidingen voor de rol van toezichthouder formaliseren, waaronder de grootschalige doorlichting van de activa van de banken die onder direct toezicht van de ECB geplaatst zullen worden. In deze context heeft ook een eerste gedachtewisseling plaatsgevonden aangaande het treffen van de benodigde voorzieningen vóór deze doorlichting afgerond is, zoals afgesproken in de Europese Raad van juni.

Verder heeft een verkennende gedachtewisseling plaatsgevonden op basis van het Commissievoorstel over een Europees resolutiemechanisme. Het streven is om hierover voor het einde van dit jaar een Raadscompromis te sluiten.

Griekenland – verbod op huisuitzettingen

In het Algemeen Overleg van 11 september jl. heb ik toegezegd de Tweede Kamer te informeren over het bericht dat de Trojka zou aandringen op het afschaffen van het verbod op huisuitzettingen in Griekenland.

In Griekenland gold een wet die het mogelijk maakte om huiseigenaren te onteigenen als zij niet aan hun betalingsverplichtingen voldoen. In 2008 is deze wet bevroren en geldt er een bescherming voor huiseigenaren, zodat het onroerend goed dat zij in bezit hebben niet in beslag kan worden genomen, onder voorwaarde dat de schuld aan de banken niet hoger is dan een bepaalde drempelwaarde afhankelijk van de gezinssamenstelling en de bestemming van de woning. Aan het einde van dit jaar loopt de bevriezing van de beschermingsregeling af.

Het opheffen van de bevriezing van deze beschermingsregeling staat niet in het Memorandum van Overeenstemming dat de Griekse regering is overeengekomen met de Trojka. Het is dus aan de Griekse regering zelf om hier een besluit over te nemen. De Griekse Minister van Financiën heeft al wel aangegeven te zoeken naar een compromisvoorstel waarin een deel van deze beschermingsregeling kan aflopen, maar waarbij de meest kwetsbare groepen wel worden beschermd. Het is nog niet bekend wanneer de Griekse Minister van Financiën definitief een besluit zal nemen over het voortbestaan van de bevriezing van deze regeling.

Informele Ecofin Raad – 13 en 14 september 2013

1. Bankenunie

Na de Eurogroep sprak ook de Ecofin Raad over de bankenunie. Er is een oriënterende discussie gevoerd op basis van het Commissievoorstel over een Europees resolutiemechanisme om te bezien wat de uitgangspositie van de verschillende lidstaten is. Het doel is om voor het einde van dit jaar een Raadscompromis te sluiten, conform de wensen van de Europese Raad. Aangezien dit een informele Ecofin was, zijn er geen besluiten genomen.

2. Economische vooruitzichten en financiële stabiliteit in de EU

Net als de Eurogroep sprak ook de Ecofin Raad over de economische vooruitzichten en benoemde hierbij de licht positieve signalen, zoals de verbetering in de groei van het BBP. De laatste officiële ramingen van de Europese Commissie zijn nog actueel en behoeven geen grote aanpassingen op basis van recente economische ontwikkelingen. Risico’s die het economisch herstel in de knop kunnen breken zijn politieke instabiliteit en hervormingsmoeheid. Verschillende lidstaten en de Europese Commissie drongen aan actief te blijven werken aan verder herstel van de economie. Hervormingen en voortgang op het gebied van de bankenunie blijven cruciaal. De Europese Banken Autoriteit (EBA) gaf aan dat de positie van met name grotere banken is verbeterd, maar dat de waardering van deze banken achter blijft door het voortbestaan van onzekerheid in de markt. Om de financiële stabiliteit daadwerkelijk te borgen is het voltooien van de bankenunie nodig, inclusief een rigoureuze, en daarmee geloofwaardige, doorlichting van de bankenbalansen en stresstesten van hoge kwaliteit. Dit zal bijdragen aan het herstel van vertrouwen van de markten in financiële instellingen en kan zodoende ook de kredietverlening aan de economie verder op gang helpen.

3. Verbetering van toegang tot financiering voor MKB – Europese beleidsopties

De Ecofin Raad heeft een oriënterende discussie gevoerd over de beleidsopties die de Europese Investeringsbank (EIB) in samenwerking met de Commissie aan de Ecofin Raad hadden voorgelegd om, deels met EIB-middelen, MKB-financiering beschikbaar te stellen. Deze beleidsopties zijn ontwikkeld in navolging van de conclusies van de Europese Raad van juni jl. waarin de EU en de EIB gevraagd werden actie te ondernemen om de kredietverlening aan het MKB te bevorderen, met behulp van de inzet van structuurfondsen. De verschillende gepresenteerde opties sluiten elkaar niet uit en in alle gevallen zou de inzet van structuurfondsen per lidstaat op vrijwillige basis zijn. Het voorzitterschap zal in een brief aan de voorzitter van de Europese Raad de uitkomsten van de gedachtewisseling schetsen en het Economisch en Financieel Comité (EFC) zal een eindrapport opstellen ten behoeve van de bespreking van de beleidsopties op de volgende Ecofin Raad in oktober.

4. Voorbereiding jaarvergadering IMF/Wereldbank en G20

De Ecofin Raad ontving een terugkoppeling van de Commissie van de G20 vergadering in St. Petersburg. Europa werd niet langer beschouwd als het epicentrum van de crisis. Niettemin blijft het belangrijk om hervormingen door te zetten en de bankenunie te vervolmaken. Daarnaast is de komende Jaarvergadering van het IMF en de Wereldbank besproken. Deze vindt op 11 en 12 oktober plaats in Washington, waar ook en marge een G20 vergadering gehouden zal worden. De EU-inbreng tijdens de Jaarvergadering zal middels een EU Presidency Statement worden afgestemd. Voor de G20 vindt afstemming plaats middels een Terms of Reference. De Ecofin Raad heeft het opstellen van deze documenten gedelegeerd aan het Economisch en Financieel Comité (EFC), een voorportaal van de Ecofin Raad.

5. Toekomst van het financiële systeem

De Ecofin Raad heeft een discussie gevoerd over de toekomst van het financiële systeem in brede zin op basis van een artikel van de denktank Bruegel2, The neglected side of banking union: reshaping Europe’s financial system. Prof. André Sapir en prof. Guntram Wolff presenteerden dit paper tijdens de Ecofin Raad. Daarnaast heeft de gouverneur van de centrale bank van Finland, Erki Liikanen, een inleiding gegeven, mede op basis van het rapport van de naar hem genoemde groep, over de structuur van banken. In november komt de Commissie met een voorstel aangaande de structuur van banken volgend op het Liikanenrapport.

De discussie richtte zich verder op de evolutie van de financiële sector sinds het begin van de financiële crisis, het proces van balansherstel en de fragmentatie van de financiële markten in de lidstaten. De herstelde positie van grote banken werd onderkend, maar ook de noodzaak van doorlichting van de activakant van de banken middels de zogenaamde asset quality review werd onderstreept. De Ecofin Raad sprak de wenselijkheid uit om de financiering van de economie beter te diversifiëren, in plaats van de huidige sterke afhankelijkheid van de bankensector. Daarnaast werd herbevestigd dat op korte termijn de bankenunie de grootste prioriteit is.

6. Automatische uitwisseling van fiscale informatie

De secretaris-generaal van de OESO, Angel Gurría, verzorgde een inleiding op het onderwerp en ging daarbij onder andere in op het laatste actie plan van de OESO3 en op een mondiale standaard op het gebied van automatische fiscale informatie uitwisseling. In het kader van het bestrijden van de belastingfraude hebben de G8 en de G20 de OESO gevraagd een internationale standaard te ontwikkelen om op automatische basis informatie uit te wisselen. Tegelijkertijd heeft de Commissie voorstel gedaan om de automatische informatie uitwisseling uit te breiden binnen de EU. Gurría onderstreepte het belang van één enkele wereldstandaard en drong aan er voor te zorgen dat de standaard waar de EU aan werkt in de spaartegoedenrichtlijn en de standaard waar de OESO aan werkt overeen komen. Naar verwachting zal een mondiale standaard op het gebied van automatische fiscale informatie uitwisseling afgerond worden in 2014. De Commissie heeft aangegeven dat de EU deze mondiale standaard in Europese wetgeving moet omzetten om ervoor te zorgen dat de standaard volledig consistent is met het gemeenschapsrecht van de Europese Unie.

Onderhandelingen 4<sup>e</sup> anti-witwas richtlijn

Bij brief van 14 maart 2013 heeft de Tweede Kamer mij verzocht ieder kwartaal middels een stand van zakenbrief te rapporteren over de voortgang van de onderhandelingen betreffende de vierde anti-witwas richtlijn. In verband met het zomerreces informeer ik de Tweede Kamer nu middels deze weg. In de afgelopen maanden is op ambtelijk niveau gesproken over het voorstel van de Europese Commissie voor een nieuwe richtlijn tot voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld en de financiering van terrorisme (voorstel van 5 februari 2013, COM(2013) 45 final). De Nederlandse positie, zoals beschreven in het BNC-fiche over dit richtlijn voorstel (Kamerstukken 22 112, nr. 1578 lijkt vooralsnog weerklank te vinden bij andere lidstaten.

Zo wordt breed onderschreven dat het voorstel op onderdelen beter zou moeten aansluiten bij de aanbevelingen van de Financial Action Task Force (FATF). Dit heeft ondermeer betrekking op de invulling van het verplichte cliëntenonderzoek.

In aansluiting op de beginselen van proportionaliteit en subsidiariteit wordt gezocht naar ruimte voor flexibiliteit bij de nationale implementatie. Ook de Nederlands kritiek over de voorgestelde uitbreiding van de reikwijdte van de richtlijn wordt door veel andere lidstaten gedeeld. Dit heeft betrekking op de drempelwaarde voor handelaren in goederen van grote waarde en op de invulling van het begrip «aanbieders van gokdiensten». Nederland is niet per se tegen dergelijke uitbreidingen, maar zal met het oog op de daarmee samenhangende administratieve lasten blijven aandringen op een afweging gebaseerd op een gedegen risicoanalyse. Bij uitblijven van een dergelijke analyse zullen lidstaten zelf een keuze moeten kunnen maken.

De discussie spitst zich inmiddels in belangrijke mate toe op onderwerpen die raken aan de interne markt. Zo neemt het voorstel als uitgangspunt dat politiek prominente personen (PEPs) uit andere lidstaten op dezelfde wijze bejegend dienen te worden in het cliëntenonderzoek als binnenlandse PEPs. Dit lijkt echter op gespannen voet te staan met de risicoanalyse die sindsdien in het kader van FATF is opgesteld. Met een groot aantal lidstaten pleit Nederland ervoor de (strengere) FATF uitgangspunten te hanteren omdat deze uitgangspunten beter rekening houden met verschillen in risico’s.

Nederland onderschrijft dat transparantie van rechtspersonen van groot belang is om witwassen en terrorisme financiering te voorkomen. De voorgestelde regeling ter zake lijkt echter te rigide. Daarnaast vraagt Nederland aandacht voor de verhouding van de richtlijntekst met verplichtingen op het gebied van bescherming van persoonsgegevens. Rechtspersonen zouden die informatie zelf moeten bijhouden en die informatie zou beschikbaar moeten zijn voor zowel autoriteiten als alle instellingen die onder de richtlijn vallen. Nederland pleit ervoor, met steun van andere lidstaten, om in elk geval de ruimte te bieden die de FATF-aanbevelingen daartoe laten: toegang tot gegevens kan worden beperkt tot relevante autoriteiten en gegevens kunnen ook op andere wijze worden verzameld.

Voor het sanctieregime in de richtlijn wordt inmiddels meer aansluiting gezocht bij regimes uit andere richtlijnen, onder meer de Capital Requirements Directive IV en de Market Abuse Regulation. De bedenkingen van Nederland ter zake zijn hiermee in belangrijke mate ondervangen. Daarbij biedt deze benadering het voordeel dat na implementatie de sanctieregimes van de Wet op het financieel toezicht en de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme beter op elkaar aan zullen sluiten.

Naar verwachting zullen de onderhandelingen nog enkele maanden worden voortgezet op ambtelijk niveau. Intussen is heel recent in het Europees parlement besloten dat zowel de Commissie LIBE als de Commissie ECON zich met dit dossier zullen bezighouden.