Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2010-201121501-02 nr. 998

21 501-02 Raad Algemene Zaken en Raad Buitenlandse Zaken

Nr. 998 BRIEF VAN DE MINISTER EN DE STAATSSECRETARIS VAN BUITENLANDSE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 15 november 2010

Graag bieden wij u hierbij aan de geannoteerde agenda van de Raad Algemene Zaken van 22 november 2010.

De minister van Buitenlandse Zaken,

U. Rosenthal

De staatssecretaris van Buitenlandse Zaken,

H. P. M. Knapen

Geannoteerde agenda van de Raad Algemene Zaken van 22 november 2010

Follow-up Europese Raad 28-29 oktober jl. / voorbereiding Europese Raad 16-17 december a.s.

De Raad zal spreken over de follow-up die gegeven zal worden aan de Europese Raad (ER) van oktober jl. en zal tevens de agenda bespreken van de ER van 16-17 december aanstaande. De verwachting is dat beide onderwerpen zoals gebruikelijk door het voorzitterschap gezamenlijk zullen worden besproken. Het voorzitterschap heeft de geannoteerde agenda van de december-ER nog niet verspreid. Bespreking tijdens de Raad Algemene Zaken (RAZ) betreft dan ook een procedureel agendapunt; de inhoudelijke voorbereiding van de december-ER vindt plaats tijdens de RAZ van 14 december as.

Video- en teleconferenties

In vervolg op de bespreking in de RAZ van 26 juli jl. zal de Raad ingaan op de voortgang en mogelijke vervolgstappen om video- en teleconferentiesystemen te gebruiken in het kader van de Raad. Nederland heeft eerder aangegeven dat video- en teleconferenties een rol kunnen spelen om elkaar in tijden van crisis snel te kunnen vinden. Nederland zal uitdragen dat onze voorkeur uitgaat naar het beter gebruiken en op elkaar aansluiten van bestaande systemen.

Commissie-werkprogramma

De Commissie zal haar werkprogramma voor het jaar 2011 presenteren. Het werkprogramma, dat op 27 oktober verscheen, heeft als hoofdthema versnelling van het economisch herstel. Het werkprogramma is opgebouwd langs de lijnen van de vijf politieke prioriteiten die Commissievoorzitter Barroso noemde in zijn «State of the Union» (september 2010):

  • aanpak van de economische crisis en totstandbrenging van een hersteldynamiek;

  • herstel van de groei ten behoeve van de werkgelegenheid door versnelde uitvoering van het hervormingsprogramma Europa 2020;

  • totstandbrenging van een ruimte van vrijheid, veiligheid en recht;

  • het aangaan van onderhandelingen met het oog op een moderne EU-begroting (medio 2011 zal de Commissie haar voorstellen voor het volgende meerjarig financieel kader presenteren) en;

  • het opeisen van een rol op het wereldtoneel zoals die de EU toekomt.

Er is in de Raad geen uitgebreide discussie voorzien over dit agendapunt. De kabinetsreactie op het werkprogramma gaat uw Kamer begin december toe. Op 13 december staat een notaoverleg met de Tweede Kamer over dit onderwerp geagendeerd met de Staatssecretaris van Buitenlandse Zaken.

Crisis response mechanisme

De Commissie zal een presentatie verzorgen over versterking van de EU-rampenrespons op het gebied van humanitaire hulp en civiele bescherming naar aanleiding van mededeling die de Commissie op 26 oktober jl. hierover heeft gepresenteerd. De mededeling richt zich op rampenrespons binnen en buiten de EU en heeft tot doel de effectiviteit en efficiëntie, coherentie en zichtbaarheid van de EU-rampenrespons te versterken. Belangrijkste voorstellen die in de mededeling worden gedaan, zijn (i) het opzetten van een European Emergency Response Capacity: een pool waarbij lidstaten hulpmodules kunnen aanmelden die door de Commissie bij rampenrespons kunnen worden ingezet en; (ii) de versterking van bestaande structuren tot een EU-crisisresponscentrum. De Commissie heeft van de versterking van de EU-rampenrespons een prioriteit gemaakt in haar werkprogramma. Het Belgisch voorzitterschap beoogt in december Raadsconclusies vast te stellen.

Nederland staat in principe positief tegenover versterking van de EU-rampenrespons. Initiatieven moeten echter wel vraaggestuurd zijn, gebaseerd op concrete lacunes in de bestaande respons, moeten aansluiten op bestaande structuren en niet leiden tot een extra EU-coördinatielaag. Besluitvorming over inzet via de voorgestelde pool moet een nationale verantwoordelijkheid blijven, ook omdat inzetkosten door de lidstaten worden gedragen. Nederland zal om helderheid vragen of de voorstellen implicaties zullen hebben voor de EU-begroting. Uw Kamer zal binnenkort door middel van een BNC-fiche nader worden geïnformeerd over dit onderwerp.