Kamerstuk
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2025-2026 | 21501-02 nr. 3393 |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2025-2026 | 21501-02 nr. 3393 |
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 4 mei 2026
Hierbij bied ik u de geannoteerde agenda aan voor de Raad Buitenlandse Zaken Handel van 22 mei 2026.
In de bijlage treft u de reguliere voortgangsrapportage handelsakkoorden aan.
De Minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, S.W. Sjoerdsma
Introductie
Op vrijdag 22 mei a.s. vindt, onder Cypriotisch voorzitterschap, de Raad Buitenlandse Zaken (RBZ) Handel plaats in Brussel. Tijdens de plenaire vergadering van de Raad zal worden gesproken over de resultaten en opvolging van de 14e Ministeriële Conferentie van de Wereldhandelsorganisatie (WTO) en de impact van het conflict in het Midden-Oosten op handel. Tijdens de lunch zal van gedachten worden gewisseld over de implementatie van (handels)akkoorden met derde landen en de stand van zaken van lopende onderhandelingen over akkoorden.
Onder het kopje overig wordt ingegaan op de stand van zaken van diverse moties en aan uw Kamer gedane toezeggingen.
Wereldhandelsorganisatie (WTO)
De Raad zal stilstaan bij de uitkomst en de opvolging van de 14e Ministeriële Conferentie van de WTO (MC14). MC14 vond plaats van 26 tot en met 30 maart 2026 in Yaoundé, Kameroen. MC14 eindigde met een beperkt pakket aan uitkomsten, waarbij het ontbreken van afspraken over WTO hervormingen en over het voortzetten van het zogenaamde e-commerce moratorium met name in het oog springen. Wel is afgesproken dat hierover verder zal worden gesproken tijdens de aankomende bijeenkomsten van de Algemene Vergadering van de WTO in Genève, met als doel alsnog tot een gemeenschappelijk resultaat te komen. Het verslag van MC14 is op 3 april 2026 met uw Kamer gedeeld.1
Het kabinet bepleit een actieve en constructieve inzet van de EU in vervolg op MC14. Nederland zet er in de komende periode op in dat toch voortgang wordt geboekt op de twee hierboven beschreven onderwerpen. Daarnaast zal de Nederlandse inzet voor MC14 het uitgangspunt vormen. Deze inzet is vastgesteld in de kaderinstructie die op 29 januari 2026 met uw Kamer is gedeeld.2 Nederland heeft als middelgrote economie met een open karakter een groot belang bij een sterk en op regels gebaseerd handelssysteem met een effectieve WTO als centrale organisatie.
Economische veiligheid: De impact van de situatie in het Midden-Oosten op handel
De Raad zal stilstaan bij de situatie in het Midden-Oosten en de gevolgen voor internationale waardeketens. Het vliegverkeer is ernstig ontregeld en de afsluiting van de Straat van Hormuz heeft de scheepvaart van en naar de Perzische Golf al twee maanden nagenoeg stilgelegd. Nederland importeert vooral olie en gas vanuit de Golfregio. Dit bedraagt ongeveer 85 procent van de totale Nederlandse importwaarde uit de Golfregio, maar is slechts een klein deel van onze totale energie-import. Daarnaast importeert Nederland ook strategische grondstoffen als aluminium en helium vanuit de Golfregio. Vooralsnog zijn er weinig zorgen omtrent leveringszekerheid.
Het is van essentieel belang dat de Straat van Hormuz weer opengaat. Als kleine, open economie is Nederland meer dan andere landen kwetsbaar voor verstoringen van internationale waardeketens. Doordat de wereldhandel sterk internationaal vervlochten is, kunnen verstoringen elders in de wereld doorwerken in Nederland. Zo importeert Nederland relatief weinig gas rechtstreeks uit de Golfregio, en veel uit de VS en Noorwegen. De daling van het wereldwijde gasaanbod leidt echter tot een hogere gasprijs, ook in de EU. Vergelijkbare prijseffecten kunnen optreden op de aluminium- en kunstmestmarkten.
Openheid van de Straat van Hormuz is ook van essentieel belang voor lage-inkomenslanden. Deze landen zijn over het algemeen afhankelijker van de import van olie, gas en ook kunstmest uit de Golfregio. Daarnaast worden deze landen snel overboden op internationale markten, waardoor daar al de eerste energietekorten waargenomen worden. Macro-economische indicatoren wijzen dan ook al op een verzwarende context voor lage-inkomenslanden, met gedevalueerde munteenheden en hogere staatsschuldkosten sinds het uitbreken van de oorlog.
Nederland zal in de Raad benadrukken dat alle partijen zich moeten blijven richten op diplomatieke onderhandelingen ten behoeve van een snel en duurzaam einde aan de oorlog. Nederland blijft daarnaast voorstander van een actieve EU-rol ter ondersteuning van (humanitaire) initiatieven gericht op vrije doorvaart in de Straat van Hormuz. De EU kan hierin een leidende rol op zich nemen. Nederland blijft tevens inzetten op het mogelijk maken van EU-sancties tegen Iraanse personen en entiteiten die betrokken zijn bij de belemmering van vrije doorvaart en zal – afhankelijk van de situatie – snel met sanctiemaatregelen komen. Voorts is Nederland bereid bij te dragen aan multilaterale inspanningen om de Straat van Hormuz te openen op het moment dat dit veilig is om te doen.
Lunch implementatie handelsakkoorden
De Raad zal naar aanleiding van een toelichting van de Commissie stilstaan bij de implementatie van handelsakkoorden en het eventueel versnellen van de bijbehorende procedures.
Zoals bekend zet het kabinet in op een actief en ambitieus EU-handelsbeleid, waarin handelsakkoorden een belangrijk instrument zijn. Handelsakkoorden kunnen bijdragen aan het vergroten van de economische weerbaarheid en slagvaardigheid van Nederland en de EU en zorgen voor verbeterde markttoegang voor ondernemers. Bovendien faciliteren handelsakkoorden de diversificatie van handelspartners en mitigeren daarmee de risico’s van strategische afhankelijkheden. Het kabinet beoordeelt ieder nieuw akkoord op zijn merites voorafgaand aan besluitvorming, met als uitgangspunt dat deze akkoorden moeten bijdragen aan het versterken van de Nederlandse economie.
Goede implementatie van handelsakkoorden is cruciaal om ervoor te zorgen dat de kansen die handelsakkoorden bieden ook daadwerkelijk worden benut. Rond de inwerkingtreding is het van belang dat bedrijven goed en helder worden geïnformeerd over de nieuwe mogelijkheden en de concrete bepalingen, zodat zij weten hoe zij hiervan kunnen profiteren. Daarnaast is het ook belangrijk dat de duurzaamheidsafspraken onder handelsakkoorden goed geïmplementeerd worden, zoals afspraken over het tegengaan van ontbossing of het beschermen van arbeidsrechten. Lidstaten en de Europese Commissie monitoren actief of de implementatie van handelsakkoorden goed verloopt en kunnen waar nodig handelspartners lokaal ondersteunen.
Overig
Hieronder wordt ingegaan op een aantal onderwerpen die niet op de agenda van de RBZ Handel staan maar waar het kabinet uw Kamer graag over informeert. Het betreft toezeggingen gedaan tijdens het commissiedebat Internationale Klimaatstrategie, de implementatie van de CSDDD, en de moties Van Baarle en Bamenga3, en Dassen.4
Toezegging handel en klimaatdoelstellingen
Tijdens het commissiedebat Internationale Klimaatstrategie op 12 maart jl. is toegezegd terug te komen op de wijze waarop het handelsinstrumentarium kan worden ingezet om de klimaatdoelstellingen te bereiken. Deze toezegging wordt hiermee gestand gedaan.
In de handelsakkoorden die de EU met derde landen afsluit worden ook afspraken gemaakt die relateren aan klimaatdoelstellingen. Bij onderhandelingen gebruikt de Commissie de inzet zoals gepubliceerd in 2022.5 Hierbij zijn het opnemen van de Overeenkomst van Parijs en de mogelijkheid tot het nemen van sancties bij schendingen van duurzaamheidshoofdstukken belangrijke elementen. Het kabinet steunt deze inzet en hecht waarde aan ambitieuze duurzaamheidshoofdstukken in handelsakkoorden.6 Duurzaamheidsverplichtingen onder handelsakkoorden kunnen bijdragen aan verandering van beleid in derde landen en zo indirect op verplichtingen voor bedrijven in die landen.
Een ander belangrijk onderdeel van het handelsinstrumentarium is het IMVO-beleid, dat is gebaseerd op de OESO-richtlijnen voor Multinationale Ondernemingen inzake Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen. Klimaat is daarin expliciet opgenomen in het hoofdstuk Milieu (hoofdstuk VI). Het kabinet verwacht dat alle Nederlandse bedrijven deze richtlijnen naleven en het MVO-steunpunt ondersteunt bedrijven hierbij. Daarnaast kunnen bedrijven via sectorale samenwerking werken aan hun klimaatdoelstellingen. Een voorbeeld is de IMVO-module voor broeikasgasemissies die specifiek is ontwikkeld voor het beoogde textielverbond. Daarnaast verkent het kabinet in lijn met het «Nationaal Klimaatplan 2025–2035»7 welke aanpak gericht op ketenemissiereductie in de EU kan worden opgesteld. Verder verplicht de Corporate Sustainability Due Diligence Directive (CSDDD) grote bedrijven om gepaste zorgvuldigheid toe te passen ten aanzien van feitelijke en potentiële negatieve effecten op mensenrechten en milieu, waaronder het verbod om meetbare milieuschade te veroorzaken, zoals schadelijke emissies.
Implementatie CSDDD
Het implementatietraject voor de CSDDD is reeds hervat. Het wetsvoorstel voor de Wet internationaal verantwoord ondernemen (Wivo) wordt naar verwachting in het voorjaar van 2027 bij uw Kamer ingediend. Parellel blijft het kabinet ook in samenwerking met partijen als de Sociaal-Economische Raad, Future Up en UN Global Compact werken aan de voorbereiding van bedrijven op wetgeving. Ook hiervoor kunnen bedrijven aansluiten bij het instrument sectorale samenwerking voor ondersteuning bij hun gepaste zorgvuldigheid voor mensenrechten en milieu. Tevens kunnen zij gebruik maken van verschillende vormen van ondersteuning van het MVO-steunpunt, waaronder de MVO due diligence-basistraining en de MVO wettenchecker. Hiermee wordt uitvoering gegeven aan de motie-Ceder/Hirsch8 over een effectieve voortzetting van de implementatie van de CSDDD.
Toezegging handelsakkoorden en grondstoffen, en migratie
Tijdens het commissiedebat Internationale Klimaatstrategie op 12 maart jl. is toegezegd om in te gaan op handelsakkoorden en grondstoffen, en op migratie. Deze toezegging wordt hiermee uitgevoerd.
Het kabinet zal de Europese Commissie aansporen tot het sluiten van nieuwe handels- en investeringsverdragen met afspraken over toegang tot grondstoffen. In algemene zin verbeteren handelsakkoorden markttoegang door het liberaliseren van tarieven en verminderen van technische handelsbelemmeringen, waaronder het beperken van exportrestricties. Dit geldt ook voor kritieke grondstoffen. Ten aanzien van migratie biedt Nederland onverminderd steun aan opvang in de regio, en werkt Nederland met andere Europese landen aan een streng en menswaardig migratiemodel en aan modernisering van het internationale vluchtelingenrecht. Onze instrumenten zetten we in om internationale afspraken op het gebied van migratiebeleid en terugkeer te maken.
Motie van de leden Van Baarle en Bamenga over zich voorbereiden op het weren van producten die met Oeigoerse dwangarbeid tot stand zijn gekomen9
Het kabinet veroordeelt dwangarbeid, waar dan ook ter wereld. In het kader van de Europese Anti-dwangarbeidverordening wordt de Europese Commissie verantwoordelijk voor het toezicht op producten gemaakt met dwangarbeid buiten de EU. Nederland werkt samen met de Commissie en andere Europese lidstaten in het «Unienetwerk tegen met dwangarbeid vervaardigde producten» aan doeltreffende voorbereiding op en handhaving van de Anti-dwangarbeidverordening. Nederland heeft in het voorjaar van 2026 tijdens een gesprek met de Commissie en tijdens een bijeenkomst van het Unienetwerk het tegengaan van Oeigoerse dwangarbeid wederom onder de aandacht gebracht. De Commissie is bekend met het risico op Oeigoerse dwangarbeid en publiceert uiterlijk 14 juni richtsnoeren over onder andere staatsgeleide dwangarbeid en gepaste zorgvuldigheid, en een database met risicoproducten en -regio’s. Nederland heeft voor de richtsnoeren over staatsgeleide dwangarbeid input opgehaald bij experts en andere stakeholders, en de Commissie gevraagd deze input te verwerken. Het kabinet beschouwt de motie hiermee als uitgevoerd.
Motie Dassen over duurzame implementatie van het EU-Mercosur akkoord en periodiek informeren van de Tweede Kamer10
Het kabinet hecht veel waarde aan volledige implementatie van handelsakkoorden, waaronder de duurzaamheidsafspraken over bijvoorbeeld klimaat en arbeidsrecht. Lidstaten worden door de Commissie geïnformeerd over ontwikkelingen op het gebied van handel en duurzame ontwikkeling in de Expert Committee on Trade and Sustainable Development.11 Het kabinet zal de terugkoppeling uit dit overleg over de EU-Mercosur interim-handelsovereenkomst meenemen in de Geannoteerde Agenda Raad Buitenlandse Zaken Handel, wanneer ook het jaarlijkse Implementation and Enforcement of EU Trade Policy rapport op de agenda staat.
2026D16022, Verslag van de Raad Buitenlandse Zaken Handel van 26 en 29 maart 2026 en de 14e Ministeriële Conferentie van de Wereldhandelsorganisatie van 26 tot en met 29 maart 2026
Kamerstuk 25 074, nr. 202, bijlage Kaderinstructie Nederlandse inzet voor de 14e Ministeriële Conferentie van de Wereldhandelsorganisatie (WTO)
2026D16022, Verslag van de Raad Buitenlandse Zaken Handel van 26 en 29 maart 2026 en de 14e Ministeriële Conferentie van de Wereldhandelsorganisatie van 26 tot en met 29 maart 2026
Kamerstuk 25 074, nr. 202, bijlage Kaderinstructie Nederlandse inzet voor de 14e Ministeriële Conferentie van de Wereldhandelsorganisatie (WTO)
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-21501-02-3393.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.