Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2018-201921501-02 nr. 2022

21 501-02 Raad Algemene Zaken en Raad Buitenlandse Zaken

Nr. 2022 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 29 mei 2019

Hierbij bied ik u aan de geannoteerde agenda van de Raad Algemene Zaken van 18 juni 2019

De Minister van Buitenlandse Zaken, S.A. Blok

GEANNOTEERDE AGENDA RAAD ALGEMENE ZAKEN VAN 18 JUNI 2019

Voorbereidingen Europese Raad 20-21 juni 2019

De Raad Algemene Zaken (RAZ) zal de Europese Raad (ER) van 20-21 juni voorbereiden. Deze ER zal in het teken staan van de vaststelling van de Strategische Agenda, waarin de ER prioriteiten identificeert voor de komende legislatuur om daarmee sturing te geven aan de nieuwe Europese Commissie. Hierover is tijdens de informele ER in Sibiu op 9 mei van gedachten gewisseld, zonder besluiten te nemen. Op moment van schrijven zijn er nog geen documenten beschikbaar, deze zullen zodra beschikbaar in lijn met de staande informatie-afspraken met het Nederlandse parlement worden gedeeld, zo nodig vertrouwelijk.

Het kabinet heeft haar inzet met prioriteiten voor de EU voor de komende jaren bekend gemaakt in de Kamerbrief m.b.t. de Staat van de Europese Unie 2019 (Kamerstuk 35 078, nr. 1). Hierover is met uw Kamer van gedachten gewisseld tijdens het debat op 7 februari jl. Deze inzet vormt ook de inbreng van de Minister-President tijdens de ER van 20-21 juni. Het kabinet ziet bij voorkeur een Strategische Agenda met een selectief aantal prioriteiten, waaronder migratie, veiligheid, een sterke en duurzame economie die bescherming biedt, klimaat en ten slotte een EU die Europese waarden en belangen in het buitenland veiligstelt. Dat vereist een EU die in staat is om op deze prioriteiten concrete resultaten te bewerkstelligen, onder anderen door het garanderen van respect voor de democratische rechtsstaat, het effectief en efficiënt functioneren van de Europese instellingen en modernisering van het transparantiebeleid.

Daarnaast zal tijdens de ER van 20-21 juni worden gesproken over de invulling van de EU-topposities, in het bijzonder de voordracht van een kandidaat-voorzitter van de nieuwe Europese Commissie aan het EP, daarbij rekening houdend met de uitkomst van de EP-verkiezingen. Als kandidaat-voorzitter van de Europese Commissie ziet het kabinet bij voorkeur een slagvaardig persoon met de kwaliteiten om de door Nederland voorgestane agenda voor de komende vijf jaar uit te kunnen voeren. De kandidaat-voorzitter van de Commissie moet in staat zijn invulling te geven aan de prioriteiten uit de Strategische Agenda, ook waar het gaat om het effectief hierop aansturen van de Commissie. Ook bij de benoeming van de andere topposities gelden voor het kabinet de overwegingen van effectieve uitvoering van de gestelde prioriteiten.

Daarnaast zal de ER de voortgang ten opzichte van de Eurotop in december jl. bespreken en vaststellen. Dit betreft de het ESM-verdrag, het Europees Depositogarantiestelsel (EDIS) en het budgettair instrument voor convergentie en concurrentievermogen (BICC). Voorbereiding hiervan loopt via de Eurogroep/EcoFin van 13/14 juni. Ook zal de ER een vervolg geven aan de discussie van maart jl. over klimaat, die zich richt op het lange termijn broeikasgasreductiedoel voor de EU mede in het kader van EU-deelname aan de VN-klimaattop in september. Mogelijk zal de ER ook conclusies op het gebied van uitbreiding bekrachtigen (zie hieronder). Over het EU Meerjarig Financieel Kader voor 2021–2027 (MFK) wordt een voortgangsdiscussie verwacht gericht op het proces en de tijdslijn, en geen inhoudelijke onderhandelingen. Ook zal er een evaluatie van de vooruitgang rondom Brexit worden gegeven. Tevens zal een rapport van de activiteiten van lidstaten en instellingen om desinformatie tegen te gaan worden gepresenteerd. Tot slot zal naar verwachting de zesmaandelijkse verlenging van de sectorale sancties tegen Rusland kort aan bod komen.

Uitbreiding

De Raad zal naar verwachting conclusies aannemen over de landenrapportages van Turkije, Montenegro, Servië, Noord-Macedonië, Albanië en Kosovo, die de Europese Commissie op 29 mei 2019 presenteerde. Een appreciatie van het uitbreidingspakket van de Commissie, die tevens de basis vormt voor de Nederlandse inzet bij de voorbereidingen voor de Raadsconclusies van 18 juni 2019, gaat Uw Kamer toe voorafgaand aan het algemeen overleg.

MFK

De RAZ zal de voortgang in de onderhandelingen over het MFK bespreken. Waarschijnlijk zal de bespreking gericht zijn op voorstellen van het Voorzitterschap om het MFK-onderhandelingsdocument bij te werken. Onder Oostenrijks Voorzitterschap is in 2018 een begin gemaakt met het opstellen van het onderhandelingsdocument (negotiating box). Het onderhandelingsdocument kan worden beschouwd als het voorstadium van concept-conclusies van de ER over het MFK. Het moet uiteindelijk alle budgettaire en andere politieke beslispunten bevatten die nodig zijn voor een integraal akkoord over het MFK en een nieuw Eigen Middelenbesluit.

Sinds januari jl. heeft de Raad thematische discussies gevoerd over diverse deelterreinen. Het Roemeense Voorzitterschap zal voorstellen doen om de uitkomsten van die thematische discussies in het onderhandelingsdocument te reflecteren. Op het moment van schrijven is een nieuwe integrale versie van het onderhandelingsdocument nog niet beschikbaar.1 Conform mijn toezegging zal ik deze vertrouwelijk met Uw Kamer delen zodra deze beschikbaar is.

In de huidige fase onderhandelt de Raad nog niet over de omvang en verdeling van de budgetten. In de discussie zullen lidstaten zich concentreren op de vormgeving van een onderhandelingsbasis die voor hen de belangrijke kwalitatieve elementen en opties bevat. Het krachtenveld is op nagenoeg alle onderwerpen nog sterk verdeeld. In de ER van 20-21 juni wordt een voortgangsrapportage over het MFK verwacht.

De Nederlandse inzet is gericht op een modern en financieel houdbaar MFK, dat de lasten eerlijk verdeelt. De inzet in de RAZ is erop gericht om deze elementen verder te versterken. De kabinetsappreciatie van de Commissievoorstellen (Kamerstukken 21 501-20 nr. 1349 en nr. 1379) en de relevante BNC-fiches vormen de basis voor de Nederlandse inbreng.

Transparantie

Tot slot zal het kabinet deze Raad een non-paper over transparantie presenteren. Het stuk is een herziening van het non-paper uit 2015 en heeft als doel modernisering van het transparantiebeleid op de agenda van de instellingen te zetten. Zowel voor de Raad, Commissie als het Europees Parlement bevat het non-paper suggesties ter verbetering. Het non-paper is tot stand gekomen samen met de groep van gelijkgezinde lidstaten. In het non-paper worden de volgende voorstellen gedaan: verankering transparantie/accountability in de Strategische Agenda, opdracht aan de Raad om voortgang te maken en ambitie te blijven tonen met beleid dat ziet op uitgangspunt van proactieve openbaarmaking van documenten in het wetgevingsproces, oproep tot snelle implementatie van de legislatieve database (one-stop-shop-IT-portal), meer openheid in triloogonderhandelingen en herziening van Verordening 1049/2001 (Eurowobverordening). De definitieve versie van het non-paper zal zodra dit gereed is zo snel mogelijk met Uw Kamer gedeeld worden.


X Noot
1

De meest recente versie (30 november jl.) van het onderhandelingsdocument is openbaar http://data.consilium.europa.eu/doc/document/ST-14759–2018-INIT/en/pdf. De Kamer ontving in het verslag van de Raad Algemene Zaken van 11 december 2018 een appreciatie van dit document (Kamerstuk 21 501–02, nr. 1941).