Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2018-201921501-02 nr. 1931

21 501-02 Raad Algemene Zaken en Raad Buitenlandse Zaken

Nr. 1931 MOTIE VAN HET LID OUWEHAND

Voorgesteld 28 november 2018

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de regering een visie heeft gepresenteerd voor een omslag naar kringlooplandbouw, waarin zij terecht constateert dat de manier waarop we nu wereldwijd ons voedsel produceren niet houdbaar is;

constaterende dat de regering in haar ambitie om te komen tot kringlooplandbouw een aantal terechte uitgangspunten kiest, zoals dat consumenten weten waar hun voedsel vandaan komt, dat de afstand tussen boeren en burgers kleiner moet worden en dat boeren een normaal inkomen moeten kunnen verwerven met een manier van produceren die voldoet aan de normen op het gebied van onder andere dierenwelzijn en natuur;

overwegende dat het huidige handelsbeleid van de Nederlandse regering niet per se bijdraagt aan deze doelen, getuige onder meer de import van goedkope plofkip en legbatterij-eieren uit Oekraïne en de dreigende versoepeling van de import van rundvlees uit Zuid-Amerika;

overwegende zowel het uitgangspunt als het belang van samenhang in het regeringsbeleid;

verzoekt de regering, bij de uitwerking van haar visie op de landbouw ook haar handelsbeleid tegen het licht te houden en te toetsen op de doelen die in de landbouwvisie zijn gesteld,

en gaat over tot de orde van de dag.

Ouwehand