Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2015-201621501-02 nr. 1632

21 501-02 Raad Algemene Zaken en Raad Buitenlandse Zaken

Nr. 1632 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 30 mei 2016

Hierbij bied ik u het verslag aan van de Raad Algemene Zaken van 24 mei 2016.

De Minister van Buitenlandse Zaken, A.G. Koenders

VERSLAG INFORMELE RAAD ALGEMENE ZAKEN (RAZ) VAN 24 MEI 2016

Voorbereiding van de Europese Raad van 28 en 29 juni 2016

De RAZ sprak over de voorbereiding van de agenda van de Europese Raad (ER) van 28 en 29 juni 2016. Hierbij werd gesproken over de volgende onderwerpen.

Migratie

De Europese Commissie gaf aan voorafgaand aan de ER van 28 en 29 juni a.s. een tweede rapport over de implementatie van de EU-Turkije verklaring uit te zullen brengen. Tevens gaf de Commissie aan op 7 juni a.s. een Mededeling uit te brengen over de externe dimensie van migratie waarbij aandacht zal zijn voor de Centraal-Mediterrane route. Verscheidene lidstaten gaven aan dat er tot op heden goede voortgang is geboekt voor wat betreft de aanpak van de migratiecrisis. Er moet echter aandacht worden gegeven aan alternatieve routes en samenwerking met landen van oorsprong en transit. Ook benadrukten sommige lidstaten de noodzaak van implementatie van reeds gemaakte afspraken op het gebied van migratie. Griekenland is kritisch over de implementatie van de EU-Turkije verklaring en het gebrek aan steun van andere lidstaten. Een aantal lidstaten sprak ook zorgen uit over Libië en merkte op dat hierover ook gesproken moet worden tijdens de ER van 28 en 29 juni a.s. Verschillende lidstaten opperden dat het migratiebeleid uit samenhangende componenten moet bestaan en dat daarbij ook aandacht gegeven moet worden aan grensbeheer en de externe dimensie van migratie. Tevens werd door sommige lidstaten stilgestaan bij de visumliberalisatie voor Turkije. Benadrukt werd dat Turkije aan alle «benchmarks» uit de Roadmap visumliberalisatie1 zal moeten voldoen voordat visumvrijheid voor Turkse burgers kan worden ingevoerd.

Het kabinet maakt van deze gelegenheid gebruik om uw Kamer te informeren over de toezeggingen die door de Minister van Buitenlandse Zaken zijn gedaan tijdens het AO RAZ van 18 mei jl. en de Staatssecretaris voor Veiligheid en Justitie tijdens het AO JBZ van 18 mei jl. over het verkrijgen van nadere informatie over de situatie aan de Turks-Syrische grens via de VN Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen (United Nations High Commissioner for Refugees, UNHCR).

Het kabinet neemt de berichten van verschillende NGO’s over de situatie bij de grens van Syrië met Turkije zeer serieus. Het verwacht daarom een bevredigend antwoord van de Turkse autoriteiten hierover. Het kabinet werkt nauw samen met internationale organisaties aanwezig in Turkije en die betrokken zijn bij het migratievraagstuk, zoals de Europese Commissie en de UNHCR. Hen is gevraagd naar hun oordeel over deze berichtgeving en om in hun activiteiten de situatie aan de grens nauwlettend te blijven volgen. UNHCR heeft laten weten te proberen hier nadere informatie over te zullen inwinnen, in samenwerking met partnerorganisaties die in het gebied actief zijn. Het is van belang dat UNHCR, die zich al decennialang wereldwijd bezighoudt met de bescherming van vluchtelingen, de ruimte krijgt om dit naar eigen inzicht te doen. Dat kan ook, want Turkije is juist met UNHCR overeengekomen dat het een grotere rol kan spelen in Turkije. Wanneer nieuwe informatie beschikbaar komt, zal het kabinet deze vanzelfsprekend met uw Kamer delen. UNHCR merkt overigens wel op dat de Turks-Syrische grens ruim 900 kilometer lang is en direct grenst aan een actief conflictgebied in Syrië. UNHCR heeft daarom begrip voor enerzijds de complexe veiligheidsvraagstukken waar de Turkse autoriteiten zich mee geconfronteerd zien, en anderzijds de uitdagingen in het verifiëren van berichten van NGO’s.

Tevens maakt het kabinet van deze gelegenheid gebruik om uw Kamer te informeren, cf. de toezegging van de Minister van Buitenlandse Zaken in voornoemd debat, over de toezeggingen die door de lidstaten zijn gedaan inzake hotspots en aantallen hervestigingen. Sinds 4 april 2016 zijn er 280 Syriërs hervestigd vanuit Turkije naar Europa en er zijn op dit moment 712 zaken goedgekeurd van Syriërs die wachten op hervestiging. Voor 2016 en 2017 zijn in totaal 12.638 plekken toegezegd door de lidstaten. Hierbij verwijs ik uw Kamer graag naar het overzicht van de Europese Commissie betreffende de verschillende toezeggingen van de lidstaten waarin ook de toezeggingen betreffende herplaatsing en inzake hotspots zijn verwerkt.2 Dit overzicht ziet expliciet op specifieke uitvragen van de agentschappen. Daardoor geeft het overzicht niet de totale bijdrage van de lidstaten weer die zij inzetten in Frontex-operaties in Griekenland of in de hotspots. Zo levert Nederland via de twee Border Security Teams (BST) met circa 90 BST personeel een zeer gewaardeerde en significante bijdrage aan de hotspots op Lesbos en Chios. Deze teams ondersteunen de Griekse autoriteiten in grensbewaking, registratie, identificatie en readmissie activiteiten.

Verenigd Koninkrijk

Het Nederlandse Voorzitterschap gaf aan dat de uitkomst van het referendum over het Britse EU-lidmaatschap op 23 juni 2016 door de ER van 28 en 29 juni zal worden besproken. Over dit onderwerp vond tijdens de RAZ van 24 mei jl. verder geen discussie plaats.

Interne Markt

De Commissie kondigde tijdens de RAZ een mededeling aan over versterking van de implementatie van de Interne Markt, in het bijzonder in relatie tot bestaande door de Commissie gepubliceerde strategieën, zoals de Kapitaalmarktunie (COM(2015) 468 final), Interne Markt (COM(2015) 550 final), en de Digitale Interne Markt (COM(2015) 192 final). Enkele lidstaten benadrukten het belang van agendering van de Interne Markt op de ER van 28 en 29 juni zodat een duidelijke boodschap kan worden afgegeven over de noodzaak van verdergaande implementatie.

Bij bespreking van de stand van zaken van het Europees Fonds voor Strategische Investeringen (EFSI) tijdens de ER van 28 en 29 juni, stelden enkele lidstaten dat EFSI zou moeten worden uitgebouwd. Sommige lidstaten onderstreepten dat de effectiviteit voor het aanjagen van investeringen van het huidige risicoprofiel van EFSI zou moeten worden bezien.

Vervolmaking Economische en Monetaire Unie

Tijdens de RAZ van 24 mei jl. is slechts beperkt gerefereerd aan het agendapunt Economische en Monetaire Unie. Enkele lidstaten gaven aan dat deze bespreking wat hen betreft niet op een te hoog abstractieniveau zou mogen blijven hangen.

EU Global Strategy on Foreign and Security Policy (incl. EU-NAVO samenwerking)

Enkele lidstaten verzochten agendering van de EU Global Strategy tijdens de ER van 28 en 29 juni a.s. Nederland gaf als Voorzitter aan de opmerkingen over agendering door te geleiden naar de Voorzitter van de Europese Raad. Hierbij verwees het Nederlandse Voorzitterschap naar de discussie die plaatsvond over de EU Global Strategy tijdens de Raad Buitenlandse Zaken op 23 mei jl. Het verslag van deze Raad gaat uw Kamer op korte termijn toe. Er werd tijdens de RAZ van 24 mei jl. verder niet gesproken over de inhoud van of het proces leidend naar de nieuwe strategie.

Wel lieten verscheidene lidstaten en de Europese Commissie zich tijdens de RAZ van 24 mei jl. positief uit over de intensivering van samenwerking tussen de EU en NAVO. Onder de lidstaten leek consensus te bestaan dat het van belang is dat de boodschappen over (hybride) bedreigingen voor de veiligheid en stabiliteit van Europa tijdens de ER van 28 en 29 juni a.s. in lijn zijn met die van de Warschau Top van juli 2016.

(Tweede) Rechtsstatelijkheidsdialoog

Voor de tweede keer sinds het aannemen van de conclusies van de Raad en de lidstaten op 16 december 20143 vond de rechtsstatelijkheidsdialoog plaats in de RAZ. Het Voorzitterschap had een thematische dialoog voorbereid over EU fundamentele waarden en rechten in de context van integratie van migranten (doc. 8774/16). Er bestond veel lof voor de voorbereiding en de keuze voor het politiek gevoelige thema door het Voorzitterschap.

In de inleiding benadrukte het Voorzitterschap dat EU fundamentele waarden niet alleen intrinsiek van belang zijn, maar tevens de basis vormen voor Europese samenwerking en essentieel zijn voor het goed functioneren van de Unie, inclusief de Interne Markt. Lidstaten hebben een gedeeld belang bij het waarborgen van de rechtsstaat. Zij moeten daarom open en eerlijk kunnen spreken over rechtsstatelijke ontwikkelingen.

De directeur van het EU grondrechtenagentschap, Michael O’Flaherty, was door het Voorzitterschap uitgenodigd deel te nemen aan de Raadsdiscussie. Hij benadrukte dat de EU fundamentele rechten, ook plichten en verantwoordelijkheden met zich meebrengen voor zowel lidstaten als individuen. Hij onderstreepte duidelijk het belang van integratie voor de toekomst van Europa. Uit onderzoek van het EU grondrechtenagentschap blijkt dat in de lidstaten nog veel ruimte voor verbetering is op het terrein van integratie van migranten om de huidige uitdagingen het hoofd te kunnen bieden.

Vervolgens volgde een constructieve en open uitwisseling van ideeën, uitdagingen en praktijkvoorbeelden op basis van de vooraf geformuleerde discussievragen van het Voorzitterschap. Hoewel integratie een nationale bevoegdheid is, was de relevantie van een bespreking op Europees niveau duidelijk. Lidstaten merken direct de gevolgen van de integratie aanpak in buurlanden, onder andere door secundaire bewegingen. Zij kampen met gelijksoortige uitdagingen rond de bescherming van EU fundamentele waarden en het aanbieden van passende diensten aan migranten op het terrein van o.m. onderwijs, taalcursussen, toegang tot de arbeidsmarkt en gezondheidszorg. Hierin bestaat geen «one size fits all» aanpak. Het Voorzitterschap heeft de Commissie gevraagd de suggesties en ideeën mee te nemen in het aankomende EU Actieplan over integratie.

Veel lidstaten benadrukten de gedeelde verantwoordelijkheid van migranten en overheden in het waarborgen van fundamentele waarden en rechten. Het gaat om tweerichtingsverkeer. Daarbij is goede informatievoorziening door de lidstaten essentieel. Zo vragen verschillende lidstaten dat migranten een sociaal contract of verklaring ondertekenen, waarin zij zich committeren aan de waarden van de ontvangende samenleving. In andere lidstaten is een cursus over democratie, de rechtsstaat en fundamentele waarden een verplicht onderdeel van het integratietraject.

De toenemende culturele en religieuze diversiteit van de huidige migrantenstromen werd door enkele lidstaten benoemd als een uitdaging. Lidstaten onderstreepten dat Europa moet openstaan voor alle culturen en religies en dat inclusiviteit bevorderd moet worden. Tegelijkertijd uitten enkele lidstaten zorgen over de rol van sommige religieuze leiders die boodschappen uitdragen die tegenstrijdig zijn met de Europese waarden.

Een aantal lidstaten ging in op de noodzaak om de rol van de Raad in het waarborgen van de rechtsstaat te versterken. Dit kan bijvoorbeeld door ook ad hoc dialogen te organiseren over actuele onderwerpen en/of door op meer structurele wijze de rechtsstaat te agenderen in de Raad. Het Voorzitterschap concludeerde dat deze ideeën worden meegenomen in het kader van de evaluatie van de rechtsstatelijkheidsdialoog onder het aankomend Slowaaks Voorzitterschap.