Geannoteerde agenda van de informele Raad Algemene Zaken op 13 en 14 januari 2011
Op 13 en 14 januari 2011 vindt in Boedapest en Gödöllö een informele bijeenkomst plaats van ministers voor Europese Zaken.
De Staatssecretaris voor Europese Zaken zal namens Nederland deelnemen aan de bijeenkomst. Er staan twee onderwerpen op de
agenda: Het Hongaarse voorzitterschapsprogramma alsmede de werkmethoden van de Raad Algemene Zaken (RAZ).
Programma Hongaars Voorzitterschap
Hongarije, Spanje en België hebben in december 2009 reeds gezamenlijk een (trio)-voorzitterschapsprogramma opgesteld voor
de periode januari 2010–juni 2011. Daarnaast heeft Hongarije een korte eigen prioriteitenlijst opgesteld voor het komend half
jaar (zie bijlage).1 Hongarije heeft de aandachtspunten in vier clusters bijeengebracht:
1) Groei, banen en sociale inclusie (onder meer crisismechanisme, aanscherping Stabiliteits- en Groeipact)
Nederland wil dat onder het Hongaarse voorzitterschap overeenstemming wordt bereikt tussen Raad en Europees Parlement over
het versterken van de economische beleidscoördinatie in de Unie, waarbij het rapport van de werkgroep-Van Rompuy en de Commissievoorstellen
strikt gevolgd moeten worden. Dit is noodzakelijk om de kans op het ontstaan van een nieuwe financieel-economische crisis
te verminderen. Daarnaast wil Nederland dat de Europese Raad van maart 2011 definitief besluit tot een beperkte verdragswijziging
met het oog op het oprichten van een permanent crisismechanisme. Vervolgens kan het ratificatieproces in de lidstaten worden
gestart. In het voorjaar van 2011 moet ook de inhoudelijke vormgeving van dit intergouvernementele mechanisme worden afgerond,
waarbij strikte beleidscondities, betrokkenheid van het IMF en – van geval tot geval – betrokkenheid van de private sector
gewaarborgd moeten zijn.
2) Een sterker Europa: doorbouwen op funderingen met het oog op de toekomst (onder meer energie & innovatie, implementatie
van de EU 2020-strategie, financiële perspectieven, review van gemeenschappelijk landbouwbeleid en van het cohesiebeleid)
Het Hongaarse voorzitterschap beschouwt de speciale, thematische Europese Raad (ER) gewijd aan energie & innovatie van 4 februari
a.s. als een flagship event en zet er opin dat de ER een politieke oriëntatie oplevert ten aanzien van onder andere harmonisatie van nationale technische
regelgeving, de aanleg van sleutelinfrastructuur en de financiering voor de benodigde investeringen.
Ook zal onder het Hongaarse voorzitterschap de implementatie van de Europa 2020-strategie worden voortgezet. Zo zullen de
kerninitiatieven op Europees niveau (de zogenaamde «vlaggenschepen») verder worden uitgewerkt en zal worden begonnen met de
uitvoering ervan.
De voorstellen van de Commissie voor de nieuwe Financiële Perspectieven komen in juni uit en zullen daarom niet inhoudelijk
worden besproken onder het Hongaarse voorzitterschap. Wel vinden discussies plaats over specifieke beleidsterreinen, zoals
het landbouw- en het cohesiebeleid. Nederland ziet erop toe dat deze discussies worden gevoerd in het besef dat deze beleidsterreinen
zich zullen moeten voegen naar budgettair krappere kaders.
3) Een Unie dichter bij haar burgers (vooral JBZ-vraagstukken)
Het Hongaarse voorzitterschap legt de nadruk op Europees burgerschap en fundamentele rechten, maar heeft tegelijkertijd ook
oog voor veiligheidsaspecten. Nederland ondersteunt de ambitie om de bestrijding van georganiseerde criminaliteit en cybercrime efficiënter te maken. Voorts is Nederland verheugd met de aandacht voor een beter beheer van migratiestromen en de integratie
van migranten, aangezien dit ook voor Nederland belangrijke speerpunten zijn. Nederland zal benadrukken dat voortgang op deze
dossiers en op de totstandkoming van een Gemeenschappelijk Europees Asielstelsel (GEAS) van groot belang is. Ten slotte is
wat Nederland betreft toetreding van Roemenië en Bulgarije tot de Schengenzone in het eerste semester van 2011 niet aan de
orde.
4) Verantwoord uitbreiden en mondiaal engagement (EU-uitbreiding, GBVB, extern beleid)
Nederland zal onderstrepen dat het uitbreidingsproces aan strikte regels gebonden is. Net als het Hongaarse voorzitterschap
onderkent Nederland dat Kroatië de eindstreep in de toetredingsonderhandelingen nadert. Maar dat wil niet zeggen dat de slotfase
eenvoudig zal zijn. Het komt nu immers aan op de implementatie van nieuwe wetten en het (laten) beklijven van doorgevoerde
hervormingen. Het is zaak dat Kroatië een geloofwaardige staat van dienst opbouwt, met name op het terrein van justitiële
hervormingen en de inrichting van het openbaar bestuur (zie ook Kamerbrief Uitbreiding van de Europese Unie, Kamerstuk 23 987 nr. 112, 29 november 2010).
Onder het Hongaarse voorzitterschap zal een ministeriële bijeenkomst plaatsvinden over het nabuurschapsbeleid. Nederland zal
aangeven dat de EU grote belangen heeft bij haar buren (veiligheid, stabiliteit, exportmarkt, tegengaan illegale migratie),
doch een lidmaatschapsperspectief voor de buren is niet aan de orde.
Werkmethoden van de Raad Algemene Zaken
Er zal kort worden gesproken over de werkmethoden van de RAZ. Nederland zal aangeven dat de RAZ een sleutelfunctie heeft bij
de voorbereiding van de ER. Daarnaast zal deze Raadsformatie zich het komende jaar ook blijven buigen over horizontale vraagstukken
waaronder EU-uitbreiding en de Financiële Perspectieven.
Het Hongaarse voorzitterschap zal in de RAZ ook willen spreken over de Donau-strategie. Nederland ondersteunt dit initiatief,
maar is van mening dat hiervoor geen aanvullende middelen beschikbaar moeten worden gesteld. Het is voornamelijk zaak om meer
synergie te creëren met bestaande instrumenten (onder meer de structuurfondsen in de verschillende oeverstaten van de Donau).
Bijlage: