Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2020-202120361 nr. 189

20 361 Suriname

Nr. 189 MOTIE VAN HET LID VAN OJIK C.S.

Voorgesteld tijdens het Notaoverleg van 28 januari 2021

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

van mening dat Anton de Kom met zijn strijd tegen onrecht en kolonialisme, als auteur en als verzetsstrijder in de Tweede Wereldoorlog, grote betekenis heeft gehad voor de Nederlandse samenleving;

overwegende dat met de toewijzing van het Verzetsherdenkingskruis in 1982 en met de opname van De Kom in de herijkte canon van de Nederlandse geschiedenis in 2020 een stap is gezet naar de erkenning die hij voor zijn bijdrage aan de Nederlandse samenleving verdient;

overwegende dat Anton de Kom tijdens zijn leven vanwege zijn strijd tegen onrecht en kolonialisme door het toenmalige Nederlandse koloniale bestuur is gevangengezet en uit zijn vaderland gedeporteerd;

constaterende dat de Nederlandse overheid tot op heden nooit heeft erkend jegens hem en anderen in een vergelijkbare positie foutief te hebben gehandeld;

verzoekt de regering, met een ruiterlijk gebaar te komen waarin het foutieve handelen van de toenmalige overheid inzake Anton de Kom ondubbelzinnig wordt erkend,

en gaat over tot de orde van de dag.

Van Ojik

Koopmans

Van Helvert

Belhaj

Karabulut

Van den Hul

Voordewind

Kuzu