Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 9 maart 2026
Hierbij informeer ik uw Kamer over de inbreng bij de High Level Conferentie (HLC)
over het Europees Sociaal Handvest van de Raad van Europa (RvE) die op 18 en 19 maart
as. plaatsvindt in Chişinǎu, Moldavië.
Aanleiding voor de HLC
In 2023 vond in Reykjavik de vierde Top van staatshoofden en regeringsleiders van
de RvE plaats. De eindverklaring die bij de Top werd aangenomen behelst een duidelijke
herbevestiging van de basiswaarden – mensenrechten, democratie en rechtsstaat – en
een vergroting van de betrokkenheid van lidstaten. Daarbij is het belang van sociale
rechtvaardigheid voor democratische stabiliteit en veiligheid benadrukt en is volledig
commitment onderschreven aan de bescherming van sociale rechten, zoals vastgelegd
in het Europees Sociaal Handvest (ESH).
Als vervolg hierop werd in 2024 de eerste HLC georganiseerd in Vilnius. Tijdens de
HLC werd een politieke verklaring (Vilnius Declaration) vastgesteld die de toewijding van de lidstaten aan sociale rechten bekrachtigde.
Voortbouwend op de Reyjavik
Declaration en de Vilnius Declaration heeft de HLC in Chişinǎu tot doel een bredere ratificatie en acceptatie van het ESH
te bevorderen, de politieke betrokkenheid en partnerschappen te versterken en de rol
van het ESH als fundament van het Europese mensenrechtensysteem te benadrukken. Tijdens
de HLC bespreken de deelnemers de bijdrage van sociale rechten aan democratische stabiliteit
en veiligheid, de aanpak van ongelijkheid en het voorkomen van democratische achteruitgang.
Naast de lidstaten zullen vertegenwoordigers van andere RvE-organen, en naar verwachting
ook van de EU, ILO, VN, OESO, evenals het maatschappelijk middenveld, sociale partners,
de wetenschap en (nationale)mensenrechteninstituties deelnemen.
Tijdens de HLC zal een treaty event plaatsvinden waar lidstaten instrumenten en bepalingen van het ESH kunnen bekrachtigen
of de intentie daartoe kunnen uitspreken. Nederland zal bij de HLC geen extra instrumenten
en bepalingen ratificeren. Nederland zal op hoog ambtelijk niveau bij de HLC vertegenwoordigd
zijn.
ESH en positie Nederland
Het ESH garandeert fundamentele sociale en economische rechten, complementair aan
het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) over burgerlijke en politieke
rechten. Het ESH waarborgt een groot aantal sociale rechten op het gebied van arbeid,
huisvesting, gezondheid, onderwijs, sociale bescherming en welzijn. 42 lidstaten zijn
partij bij dit verdrag dat voorziet in een à la carte systeem. Dat betekent dat landen,
binnen bepaalde voorwaarden, kunnen kiezen welke artikelen van het ESH zij ratificeren.
Nederland heeft net als Frankrijk, Portugal, Spanje en Italië (bijna) alle bepalingen
en instrumenten van het ESH geratificeerd. Ook geldt de collectieve klachtenprocedure
voor Nederland, net als voor 15 andere lidstaten die deze procedure hebben geratificeerd.
Op basis daarvan kunnen daartoe bevoegde internationale NGO’s en werknemers- en werkgeversorganisaties
klachten indienen over de niet-naleving van het ESH door Nederland.
Inbreng Nederland HLC
De HLC in Vilnius was succesvol omdat verschillende lidstaten stappen hebben gezet
door ratificatie van extra bepalingen of instrumenten. Tegelijkertijd werd duidelijk
dat er ook uitdagingen zijn: meer dan tien lidstaten blijven achter wat betreft ratificatie
van bepalingen en zes lidstaten hebben het herziene ESH nog altijd niet geratificeerd.
Het blijft dan ook van belang de aanmoediging om de ratificatiegraad te vergroten
voort te zetten.
Hier zal ook bij deze HLC in Chişinǎu de Nederlandse inzet op gericht zijn. Het normatieve
raamwerk van het ESH-systeem, inclusief het collectieve klachtenmechanisme, zijn belangrijke
fundamenten voor sociale rechtvaardigheid en cruciaal voor democratische stabiliteit
en veiligheid in Europa. Een ander belangrijk punt zal de verdere discussie zijn over
de uitdagingen op het gebied van werk, in het bijzonder waar het gaat om nieuwe vormen
van werk, technologische ontwikkelingen en de aanpak van ongelijkheid. Ook zal Nederland
benadrukken dat samenwerking met sociale partners en de sociale dialoog essentieel
zijn.
De RvE streeft ernaar bij de HLC een politieke verklaring vast te stellen die richtinggevend
is voor toekomstige voorstellen binnen de RvE. Deze politieke verklaring is niet juridisch
bindend. Nederland zet hierbij in op herbevestiging van gedeelde principes en het
belang van het ESH-raamwerk. Ook onderstreept Nederland het belang van bescherming
van sociale rechten bij de huidige economische, demografische en technologische veranderingen
op de arbeidsmarkt, waaronder fatsoenlijke arbeidsomstandigheden, waardigheid op de
werkplek en toegang tot een effectieve sociale dialoog.
De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, J.A. Vijlbrief