27 553
Wijziging van de Wet op de rechtsbijstand naar aanleiding van de evaluatie van de Wet op de rechtsbijstand alsmede aanpassing van de Wet op de rechtsbijstand aan de Algemene wet bestuursrecht

C
NOTA NAAR AANLEIDING VAN HET VERSLAG

Ontvangen 27 november 2003

Het verheugt mij dat de leden van de vaste commissie voor justitie bij het onderhavige wetsvoorstel inhoudelijk kunnen instemmen met het onderhavige wetsvoorstel. Op een paar punten vragen de leden van de CDA-fractie, alsmede de leden van de PvdA-fractie een nadere uitleg. Daarop ga ik hieronder gaarne in.

Zowel de leden van de CDA-fractie als die van de PvdA-fractie vragen naar de relatie tussen de voorgestelde regeling betreffende het verlenen van rechtsbijstand gedurende het verlengde spreekuur aan slachtoffers van een misdrijf, ongeacht hun inkomen en het afschaffen van het verlengde spreekuur in het kader van de zogenaamde stelselherziening gesubsidieerde rechtsbijstand.

De leden van de CDA-fractie memoreerden dat de voorziening die in het onderhavige wetsvoorstel is gecreëerd, inhoudt dat de benadeelde partij recht heeft op drie en half uur gratis rechtsbijstand in het kader van de spreekuurvoorziening van de bureaus voor rechtshulp ongeacht de draagkracht van de rechtzoekende. Zij haalden aan dat in het herziene stelsel wordt gekozen voor een loketfunctie voor de bureaus voor rechtshulp waarin de verlengde spreekuurvoorziening geen plaats meer krijgt. Alhoewel de stelselherziening met zich brengt dat de verlengde spreekuurvoorziening gaat verdwijnen, betekent dit niet dat aan slachtoffers van misdrijven geen gesubsidieerde rechtsbijstand meer zal worden verleend. Er zal een voorziening worden getroffen voor Terwee-zaken die gelijkwaardig is aan de voorziening die wordt voorgesteld in het onderhavige wetsvoorstel.

Voor de toekomst betekent dit dat ook het juridisch loket aan iedere rechtzoekende ongeacht het inkomen of vermogen die als slachtoffer zijn schade gedurende een strafproces ingevolge artikel 51a van het Wetboek van Strafvordering wil vorderen, gratis ondersteuning zal worden verleend. Deze ondersteuning kan op dezelfde wijze als nu het geval is bij de bureaus voor rechtshulp in de spreekuurvoorziening worden uitgeoefend. Wel geldt daarbij de voorwaarde dat de uitvoering van de Terwee-zaken moet passen binnen de uitgangspunten die zijn geformuleerd voor het juridisch loket. Dit houdt in dat deze taak niet verder reikt dan de eerstelijnsrechtshulp. Daarbij gaat het erom dat de medewerkers van het juridisch loket zorgdragen voor vraagverheldering, doorverwijzing en informatieverstrekking. Dit past binnen de uitgangspunten van de Wet Terwee waarbij het bij de Terwee-zaken gaat om zaken van eenvoudige aard met als gevolg dat deze meestal binnen de spreekuurvoorziening van het juridisch loket kunnen worden afgehandeld.

Voor de meer complexe Terwee-zaken, die in de huidige situatie in het verlengde spreekuur worden afgedaan, zal ik bij de uitwerking van de lichte adviestoevoeging een voorziening treffen waarbij deze zaken zonder dat de bij de lichte adviestoevoeging geldende eigen bijdrage hoeft te worden voldaan, kunnen worden afgedaan.

Met het bovenstaande is tevens ingegaan op eenzelfde soort vraag van de leden van de PvdA-fractie.

De leden van de PvdA-fractie wezen voorts op het noemen van een aantal bedragen in guldens in het onderhavige wetsvoorstel. Deze leden vroegen of dit een verschrijving is geweest. Alhoewel het destijds geen verschrijving is geweest zijn bij nota van wijziging bij het wetsvoorstel tot herstel van wetstechnische gebreken en leemten alsmede aanbrenging van andere wijzigingen van ondergeschikte aard in diverse wetten op het terrein van het Ministerie van Justitie (Kamerstukken II, 2003/04, 29 217) de door de leden van de PvdA-fractie aangehaalde artikelen aangepast aan de euro.

De Minister van Justitie,

J. P. H. Donner

Naar boven